<Hit 1797 of 2965

>

p1
Eerweerde Heer,

Gij zijt zeker eenigzins verwonderd geweest van mijnen naam niet te vinden onder de vlamingen die hunne meewerking beloofd hebben voor uwen "Biekorf“? 'K herinner het mij nog zoo goed alsof het maar gister gebeurd en waren hoe dat ik op zekeren zomerschen avond de eere en het geluk genoot van u ten mijnen huize in Veurne te ontvangen met pastoor Samper de klokke van vlaanderen. Ik wete nog hoe dat gij mij gesproken hebt van een nieuw tijdschrift dat den name zou dragen van Biekorf en hoe dat gij mij mijne medewerking vroegt. Ik hebbe over eenige weken het brieftje[1] ontvangen dat daartoe overal is rondgezonden geweest. Ik heb alsdan vergeten van antwoorde op te zenden, want ik bevond mij op dien oogenblik in geheel moeilijke omstandigheden. De goede God had ons eenige dagen te vooren eenen frisschen zeune geschonken en me vrouw lag ziek te bed. God zij gedankt nu is zijn teenemaal hersteld. p2Ik en zal daarom niet laten van als eene neerstige bie, de vlaamsche taal- en kunstblommen te bezoeken, en den honing die ik vinden zou met eene ware blijdschap naar den biekorf te dragen.

Och! Loquela! Hoe dikwijls en vind ik er geen woorden in die ik meende dat ze overal bekend waren en de moeite niet weerd om aan te teekenen en op te zenden! Hoe is het toch meugelijk dat er nog zooveel woorden ongeboekt zijn, dat er nog zooveel auwke[2] op den vlaamschen koornakker te rapen liggen en dat wij ze onachtzaam voorbijgaan! Hier in Brugge kan ik moeilijker iets vinden omdat ik zoovele geen betrek meer en heb met den ambachtsman en de werklieden.

Kent gij het woord vermaken? De vensters vermaken wil hier zeggen en ook te Middelburg, in Oostvlaanderen: de vensters sluiten Zijn de vensters als vermaakt? 't wordt donker

Willezijn, wat schoon woord! in 't fransch hasard, 't is e willezijn da'k daar opkomen.

In het laatste nummer van Loquela staat er: Roefel, gehoord....?[3] roete[4] gehoord.....? Die woorden zijn te Loo van alledaagsch gebruik.[5]

Hertezomer in 't midden van den zomer: 't was hertezomer en brandend heet, dat heb ik hier gehoordp3 In heb in Maarte laatstleden eene kleene, onvolledige en voorzeker gebrekkelijke studie opgezonden naar het Belfort over de sprake.[6] M. Siffer heeft mij geschreven dat zij zou opgenomen worden doch tot hiertoe en heb ik nog niets gezien. Ik heb er lezing van gegeven aan M. Van Robaeys die 't goedkeurde. Dat gaf mij moed. Ik heb dan verder geschreven over het woord; eenige bladzijden over de klankverwisselingen en ben nu bezig met de tale. Ik moete u bekennen dat ik schrikkelijk vele gestolen hebbe in Loquela. Maar om niet van dieverij beschuldigd te zijn heb ik de plaatse aangeduid waar iedere lezer den eigendom van Loquela kan terugplaatsen. 'K heb ook een - hoe zou ik het zeggen? - een toogblad (?) ofte tafel opgemaakt, abcwijsde van al de klankverwisselingen die in Loquela voorenkomen met een voorbeeld derbij en de hlfz. waar het te vinden is. Dat is mij zeer nuttig, en zou anderen ook misschien kunnen voordeelig wezen. Vreesde ik niet van te vele van uwentwege te vragen, ik zou u verzoeken, een p4deel mijns schrijvens, dat over het woord, eens te willen overlezen. 't Geen ik aanzie als zuivere waarheid zal voor u misschien eene taalketterij zijn. Nu, ik neme de stoutigheid van het hier mede te zenden. Misschien dat er iets of wat in is dat het bewaren weerdig kan gevonden worden. Keurt gij mijne eerste poging goed, dan zou ik misschien u wel het overige mogen ter lezing en ter zuivering zenden vooraleer ik er een bundel van make en het uitgeve.[7] Ontbreekt u de tijd, of vindt gij dat het de moeite niet weerd en is van iets ervan te laten drukken, weest zoo goed van mij het pakske weere te zenden. Ik dank u wel duizendmaal op voorhand.

De beste groetenissen van
Uwen zeer toegenegen
J. Noterdaeme
10 Colaert Moyzes straat[8]
Brugge

N.S. Ik moete u doen opmerken dat ik voor mijn schrijven geene andere boekwerken ben te rade gegaan. 'T en moet u dus niet verwonderen als gij iets tegenkomt dat door andere schrijvers reeds behandeld wierd en anders uitgeleid. Ik heb mijn eigen gedacht willen uitdrukken. Op het einde zouden eenige voorbeelden niet ten onpasse komen doch ik weet niet wat gekozen voor best.
Jer

Annotations

[1] Prospectus voor het tijdschrift Biekorf van 10/05/1889. (Guido Gezellearchief, Openbare Bibliotheek Brugge, nr. 3582).
[2] Aar.
[3] G. Gezelle, Zantekoorn. Roeffel. In: Loquela: 8 (Kerstmaand 1888) 8, p.63: ”ROEFEL, den, korte oe. = Fobe, aanval, Fr. Accès. - Hij krijgt nu en dan ne roefel in zijn hoofd. Geh. ...? Dit w. hebbe ik uit een handschrift van zaliger Deken De Bo.”
[4] G. Gezelle, Zantekoorn. Roete. In: Loquela: 8 (Kerstmaand 1888) 8, p.63: ”ROETE, de, korte oe, gelijk Fr. toute. = Bonte, botte, vlage. — Die kortborstige man heeft nu en dan een roete. Roeten krijgen. Bij roeten geweldig moeten hoesten. Geh. ...? Dit w. hebbe ik uit een handschrift van zaliger Deken De Bo. (...)”
[5] Gezelle zal ‘Loo’ later in Loquela opnemen bij deze twee woorden:

G, Gezelle, Zantekoorn. Roefel en Roete. In: Loquela: 8 (Sporkele 1889) 10, p.76: “ROEFEL . Z. Loquela 1888, hlfz. 63. — “z'He' nog ekkee' erroefel had.” Geh. Wulveringhem, Loo, Poperinghe.

ROETE . Z. Loquela 1888, hlfz. 63. — “Die kortborstige man hee' nu en dan erroete.” Geh. Loo, Poperinghe.”

[6] J. Noterdaeme, De sprake. In: Het Belfort: 4 (1889) 2, p.419-422.
[7] Vermoedelijk is dit niet verschenen.
[8] Officieel de Colard Mansionstraat, in het Brugs gekend als de ’Collaert Moyzesstroate’.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameNoterdaeme, Jerome; Noterdaeme, Hieronymus; Noterdaeme, Jeroom
Dates° Lo, 03/07/1862 - ✝ Sint-Andries, Brugge, 01/01/1933
SexMannelijk
Occupationadvocaat; ambtenaar; directeur; dichter
BioJerome Noterdaeme werd geboren te Lo op 3 juli 1862 als zoon van Philippus Jacobus Noterdame (landbouwer) en Amelia Virginia Dewitte (dienstbode). Hij liep eerst school aan het bisschoppelijk college te Veurne. Als student bezocht hij in 1881 Guido Gezelle bij hem thuis in Kortrijk, die hem vroeg om woorden uit zijn streek te verzamelen. Vanaf dan begonnen ze te corresponderen, waarbij Noterdaeme Gezelle naast taalmateriaal ook zijn eigen gedichten bezorgde. Op 16 augustus 1882 zwaaide hij af als rhetoricaleerling. Nog dat zelfde jaar startte hij met zijn studies rechten aan de Katholieke Universiteit Leuven. Op 21 december 1886 was hij nog student rechten te Leuven waar hij deelnam aan de pensionering van professor Van Biervliet. Op 1 september 1887 werd Jerome Noterdaeme benoemd tot avoué bij de rechtbank van eerste aanleg te Veurne. Tijdens die periode ontving hij de Guido Gezelle in zijn huis. Op 12 april 1888 legde hij dit ambt neer. Hij verhuisde naar Brugge en werd op 13 februari 1888 benoemd is tot bureauchef bij het provinciebestuur in Brugge. Later werd hij directeur bij het provinciebestuur. Op 10 april 1888 trad hij te Brugge in het huwelijk met Marie Louise Augusta Catharina Roger (1865-1899). Het echtpaar kreeg zes kinderen. Het gezin verbleef in Collard Mansionstraat, 10 te Brugge. Na 1900 luidt het adres Langerei 30. Als auteur publiceerde hij juridische werken, proza en gedichten waaronder heel wat gelegenheidsgedichten die vaak op muziek werden gezet. Hij publiceerde ook artikels in het tijdschrift "Biekorf". Hij was bijzonder actief in het Davidsfonds zowel lokaal als bovenlokaal. In 1924 was hij medestichter van de vereniging die de oprichting van het Gezellemuseum organiseerde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellezanter (WDT); correspondent
Sources http://www.historischekranten.be

Sender

NameNoterdaeme, Jerome; Noterdaeme, Hieronymus; Noterdaeme, Jeroom
Dates° Lo, 03/07/1862 - ✝ Sint-Andries, Brugge, 01/01/1933
SexMannelijk
Occupationadvocaat; ambtenaar; directeur; dichter
BioJerome Noterdaeme werd geboren te Lo op 3 juli 1862 als zoon van Philippus Jacobus Noterdame (landbouwer) en Amelia Virginia Dewitte (dienstbode). Hij liep eerst school aan het bisschoppelijk college te Veurne. Als student bezocht hij in 1881 Guido Gezelle bij hem thuis in Kortrijk, die hem vroeg om woorden uit zijn streek te verzamelen. Vanaf dan begonnen ze te corresponderen, waarbij Noterdaeme Gezelle naast taalmateriaal ook zijn eigen gedichten bezorgde. Op 16 augustus 1882 zwaaide hij af als rhetoricaleerling. Nog dat zelfde jaar startte hij met zijn studies rechten aan de Katholieke Universiteit Leuven. Op 21 december 1886 was hij nog student rechten te Leuven waar hij deelnam aan de pensionering van professor Van Biervliet. Op 1 september 1887 werd Jerome Noterdaeme benoemd tot avoué bij de rechtbank van eerste aanleg te Veurne. Tijdens die periode ontving hij de Guido Gezelle in zijn huis. Op 12 april 1888 legde hij dit ambt neer. Hij verhuisde naar Brugge en werd op 13 februari 1888 benoemd is tot bureauchef bij het provinciebestuur in Brugge. Later werd hij directeur bij het provinciebestuur. Op 10 april 1888 trad hij te Brugge in het huwelijk met Marie Louise Augusta Catharina Roger (1865-1899). Het echtpaar kreeg zes kinderen. Het gezin verbleef in Collard Mansionstraat, 10 te Brugge. Na 1900 luidt het adres Langerei 30. Als auteur publiceerde hij juridische werken, proza en gedichten waaronder heel wat gelegenheidsgedichten die vaak op muziek werden gezet. Hij publiceerde ook artikels in het tijdschrift "Biekorf". Hij was bijzonder actief in het Davidsfonds zowel lokaal als bovenlokaal. In 1924 was hij medestichter van de vereniging die de oprichting van het Gezellemuseum organiseerde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellezanter (WDT); correspondent
Sources http://www.historischekranten.be

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameBrugge
SettlementBrugge

Name - person

NameNoterdaeme, Jerome; Noterdaeme, Hieronymus; Noterdaeme, Jeroom
Dates° Lo, 03/07/1862 - ✝ Sint-Andries, Brugge, 01/01/1933
SexMannelijk
Occupationadvocaat; ambtenaar; directeur; dichter
BioJerome Noterdaeme werd geboren te Lo op 3 juli 1862 als zoon van Philippus Jacobus Noterdame (landbouwer) en Amelia Virginia Dewitte (dienstbode). Hij liep eerst school aan het bisschoppelijk college te Veurne. Als student bezocht hij in 1881 Guido Gezelle bij hem thuis in Kortrijk, die hem vroeg om woorden uit zijn streek te verzamelen. Vanaf dan begonnen ze te corresponderen, waarbij Noterdaeme Gezelle naast taalmateriaal ook zijn eigen gedichten bezorgde. Op 16 augustus 1882 zwaaide hij af als rhetoricaleerling. Nog dat zelfde jaar startte hij met zijn studies rechten aan de Katholieke Universiteit Leuven. Op 21 december 1886 was hij nog student rechten te Leuven waar hij deelnam aan de pensionering van professor Van Biervliet. Op 1 september 1887 werd Jerome Noterdaeme benoemd tot avoué bij de rechtbank van eerste aanleg te Veurne. Tijdens die periode ontving hij de Guido Gezelle in zijn huis. Op 12 april 1888 legde hij dit ambt neer. Hij verhuisde naar Brugge en werd op 13 februari 1888 benoemd is tot bureauchef bij het provinciebestuur in Brugge. Later werd hij directeur bij het provinciebestuur. Op 10 april 1888 trad hij te Brugge in het huwelijk met Marie Louise Augusta Catharina Roger (1865-1899). Het echtpaar kreeg zes kinderen. Het gezin verbleef in Collard Mansionstraat, 10 te Brugge. Na 1900 luidt het adres Langerei 30. Als auteur publiceerde hij juridische werken, proza en gedichten waaronder heel wat gelegenheidsgedichten die vaak op muziek werden gezet. Hij publiceerde ook artikels in het tijdschrift "Biekorf". Hij was bijzonder actief in het Davidsfonds zowel lokaal als bovenlokaal. In 1924 was hij medestichter van de vereniging die de oprichting van het Gezellemuseum organiseerde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellezanter (WDT); correspondent
Sources http://www.historischekranten.be
NameSamper, Achille Joseph Maria
Dates° Lo, 30/06/1837 - ✝ Ruiselede, 21/07/1910
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; pastoor
BioAchiel Samper werd geboren te Lo op 30 juni 1837 als zoon van gemeenteontvanger Joannes-Franciscus Samper en Maria-Jacoba Lootens. Hij was leerling aan het kleinseminarie te Roeselare toen Gezelle daar leraar was. Na zijn opleiding werd hij op 21 december 1861 te Brugge tot priester gewijd en trad nog datzelfde jaar in dienst als leraar aan het college te Ieper. Op 7 maart 1877 werd hij aangesteld als onderpastoor te Tielt, Sint-Pieterskerk en op 13 december 1882 als pastoor te Adinkerke, Sint-Omaarskerk. Vervolgens werd hij op 28 mei 1894 pastoor te Westrozebeke, Sint-Baafskerk en op 24 januari 1900 pastoor te Ruiselede, Onze-Lieve-Vrouwkerk, waar hij tot zijn overlijden op 21 juli 1910 bleef dienen.
Links[odis]
Relation to Gezelleleerling kleinseminarie Roeselare
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Overlijdensakte Familysearch
NameSiffer, Alfons
Dates° Zomergem, 21/03/1850 - ✝ Gent, 03/03/1941
SexMannelijk
Occupationboekhandelaar; drukker; uitgever; politicus; volksvertegenwoordiger; auteur
BioAlfons Siffer deed zijn humaniorastudies aan het Bisschoppelijk College te Sint-Niklaas, en studeerde vervolgens rechten in Leuven. Deze studie moest hij om gezondheidsredenen stopzetten. In 1874 behaalde hij het diploma van kandidaat-notaris aan de universiteit van Gent. In 1875 was hij medestichter en eerste secretaris-penningmeester van het Gentse Davidsfonds en later bestuurslid van het nationale Davidsfonds (1878). In 1877 richtte hij samen met zijn vermogende schoonzus Sophie, de halfzus van zijn latere echtgenote, de NV Siffer-Leliaert op en werd hij boekhandelaar, drukker en uitgever in Gent op de hoek van het Sint-Baafsplein en de Lange Kruisstraat. Hij huwde met Marie Fierlefijn in 1879. Hij werd de vaste drukker van de Koninklijke Vlaamse Academie. Hij drukte ook heel wat tijdschriften waaronder ook Franstalige zoals Le magasin littéraire en Le Drapeau. In 1886 stichtte hij het tijdschrift Het Belfort, waarin hij zelf ook bijdragen publiceerde. Siffer was ook uitgever van heel wat katholieke auteurs zoals Karel de Gheldere, August Cuppens, Hugo Verriest, Alfons Moortgat, René De Clercq en Amaat Joos. Ook Gezelle liet werk bij hem drukken of uitgeven zoals de Duikalmanak (1888-1899). De eerste aflevering verscheen aanvankelijk bij Karel Beyaert-Storie, maar na een ruzie kwam Gezelle bij Siffer in Gent terecht. De druk gebeurde in de Sint-Augustinusdrukkerij. Vanaf 1895 was Siffer ook werkzaam in de politiek o.m. als volksvertegenwoordiger.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde; drukker/uitgever van werk van gezelle
Sources http://users.skynet.be/sb176943/AndriesVandenAbeele/druk_gezelle.htm
NameVan Robays, Edward; Van Roobeke, Edward
Dates° Egem, 2 of 3/02/1855 - ✝ Barhamur, 30/05/1906
SexMannelijk
Occupationleraar; priester; missionaris; pater jezuïet
ResidenceIndië
BioEdward Van Robays, zoon van Leonardus, timmerman, en Rosalia Fraeye, werd tot priester gewijd te Brugge op 22/05/1880. Hij studeerde pedagogie te Leuven. Hij werd leraar wiskunde aan het Sint-Lodewijkscollege op 04/10/1881. Hij zette zich in voor de vernederlandsing van wiskundige termen en schreef diverse bijdragen hierover in Rond den Heerd. Hij was één van de stichters van het tijdschrift Biekorf. Op 24/09/1892 trad hij toe tot de jezuïeten en hij vertrok op 31/10/1894 naar West-Bengalen.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrrespondent; medewerker Rond den heerd; medestichter van Biekorf
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NameRoger, Marie Louise Augusta Catharina
Dates° Brugge, 06/02/1865 - ✝ Brugge, 10/04/1899
SexVrouwelijk
BioMarie Louise Augusta Catharina Roger werd geboren te Brugge op 6 februari 1865, als dochter van advocaat en provinciaal directeur Julien Pierre Théodore Roger (1838-1897) en Marie Louise Baey. Zij behoorde tot een vooraanstaande Brugse familie en woonde in het statige zeventiende-eeuwse herenhuis van de familie Roger aan de Langerei 35. Op 10 april 1888 trad zij te Brugge in het huwelijk met Jerome Noterdaeme, die op dat ogenblik bureauchef was bij het West-Vlaamse provinciebestuur. Het echtpaar kreeg zes kinderen. Hun eerste zoon Jules werd geboren op 13 maart 1889. Marie Louise Augusta Catharina Roger overleed te Brugge op 10 april 1899.
SourcesArchiefbank Brugge
NameNoterdaeme, Jules Jerome Denis Joseph
Dates° Brugge, 13/03/1889 - ✝ Brugge, 12/02/1918
SexMannelijk
BioJules Jerome Denis Joseph Noterdaeme werd geboren te Brugge op 13 maart 1889, als eerste zoon van Jerome Noterdaeme en Marie Louise Augusta Catharina Roger. Hij groeide in Brugge, samen met zijn vijf jongere broers en zussen. Jules Noterdaeme overleed te Brugge op 12 februari 1918, op 28-jarige leeftijd.
SourcesArchiefbank Brugge

Name - place

NameBrugge
SettlementBrugge
NameLo
SettlementLo-Reninge
NameMiddelburg
SettlementMaldegem
NameVeurne
SettlementVeurne

Title - work by Guido Gezelle

TitleLoquela
Links[gezelle.be]
TitleBiekorf. Dat is een leer- en leesblad voor alle verstandige Vlamingen.
Links[gezelle.be]

Title - other work

TitleHet Belfort. Tijdschrift toegewijd aan letteren, wetenschap en kunst (periodical)
AuthorClaerhout, Juliaan (redacteur)
Date1886-1899
PlaceGent
PublisherS. leliaert, A. Siffer en Co
Links[dbnl], [odis]

Title18/06/1889, Brugge, Jerome Noterdaeme aan [Guido Gezelle]
EditorKarel Platteau; Marc Carlier (research); Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2026
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingKarel Platteau; Marc Carlier (research); Universiteit Antwerpen, Noterdaeme Jerome aan Gezelle Guido, Brugge (Brugge), 18/06/1889. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2026 Available from World Wide Web: link .
SenderNoterdaeme, Jerome
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent18/06/1889
Place SentBrugge (Brugge)
AnnotationAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Physical Description
Support Material 1 dubbel vel, 210 mm x 136 mm
papier, wit, vierkant geruit
papiersoort: 4 zijden beschreven, inkt
Condition volledig
Additions op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive6171
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.12515
Content Description
IncipitGij zijt zeker eenigzins verwonderd geweest van
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.