<Hit 1781 of 2965

>

p1+
Ami,

J’ai bien reçu votre lettre et vos deux cartes;[1] ne craignez pas de me fatiguer jamais.

Je pense que l’affaire ne tardera pas à être réglée, sitôt le retour de Mgr l’Evêque, en ce moment en tournée de confirmation dans le Doyenné de Roulers.[2]

Quant à vous donner pour successeur Mr le Professeur Bruloot, vous comprenez que la chose ne dépend de moi en aucune façon. Je ne puis non plus entretenir de ce projet Mgr l’Evêque; ce serait assumer un rôle, qui ne m’appartient pas. Mais Jeudi prochain, lorsque je verrai Mgr De Brabandere, je lui ferai part de vos désirs et de ceux de Mr le Curé, avec motifs à l’appui. Je laisserai Mgr le Vicaire-Général juge de l’opportunité qu’il pourrait y avoir de donner suite à ce projet.

Si Mr le Doyen a tenu le propos, qu’on lui prête, il a commis une indiscrétion, d’autant plus déplacée qu’elle émane d’un personnage tenu, par position, à un silence plus rigoureux. Vous êtes homme, je le sais, à ne tenir aucun compte des cancans, lais-p2sez les langues aller leur train et tenez-vous en paix devant Dieu.[3]

J’applaudis, des deux mains, à la mesure radicale, que vous avez prise à l’endroit de la maison Maison Macaire.[4] Il y avait là du louche et rien de tel qu’une situation nette et correcte. On vous trouvera peu aimable, peut-être, mais, patience! vous avez rempli un devoir et dégagé votre responsabilité.

Croyez-moi bien, Ami,
Tout vôtre
Ern. Rembry

Annotations

[1] Deze gingen verloren.
[2] Reeds enkele maanden werd gewerkt aan een plan om Gezelle vrij te stellen van parochiale taken. Nadat een eerste initiatief via de familie Bethune strandde in 1888, kon Gezelle in overleg met zijn pastoor Vyncke de steun verwerven van de familie Vercruysse. Rembry, en later de bisschop, konden hiermee instemmen op voorwaarde dat Gezelle een officieel ambt zou uitoefenen, waaraan weinig verplichtingen verbonden waren. Nadat er een akkoord kwam van de Rijselse Congregatie Filles de l’Enfant Jésus, werd de overgang geformaliseerd op 23 mei 1889. (C. Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899. Gent: Cultureel Documentatiecentrum Rijksuniversiteit, 1987, p.288-289).
[3] Uit de brief kunnen we opmaken dat Deken De Houck zijn mond moet voorbij gepraat hebben, met geroddel voor gevolg.
[4] Ter gelegenheid van de huldefeesten te Kortrijk had het huis Macaire uit de Leiestraat de bekende foto van Gezelle met de twee decoraties verspreid. Nog afgezien van de lucratieve verspreiding bleek dat deze foto gebaseerd was op een vertekening van een veel oudere foto (1882), waaraan de decoraties toegevoegd waren. (C. Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899. Gent: Cultureel Documentatiecentrum Rijksuniversiteit, 1987, p.292-293).

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameRembry, Ernest
Dates° Moorsele, 22/01/1835 - ✝ Brugge, 14/05/1907
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; ondersecretaris; secretaris; vicaris-generaal; historicus
BioErnest Rembry, zoon van Jean-Aimé Rembry, geneesheer, en Clementine-Amande Delva, studeerde aan het college te Menen en kerkelijk recht te Leuven waar hij op 11/07/1859 zijn baccalaureaat behaalde. Hij werd op 29/05/1858 tot priester gewijd. Op 09/07/1859 werd hij onderpastoor van Sint-Gillis te Brugge. Hij schreef een geschiedenis van de Sint-Gilliskerk, van haar pastoors en van alle gebeurtenissen en belangrijke personen op deze parochie, door de eeuwen heen. Hij werd op 02/01/1862 ondersecretaris van het bisdom Brugge, op 24/11/1873 erekanunnik en op 29/08/1884 secretaris en officiaal. Op 20/04/1885 werd hij titulair kanunnik en op 31/05/1894 vicaris-generaal. Hoe hoger hij steeg in aanzien en vertrouwen bij de kerkelijke overheid, hoe meer hij ook Gezelle kon helpen. Hij was betrokken bij de stichting van het tijdschrift 'Rond den Heerd' en hij publiceerde ook in het tijdschrift 'Biekorf'. Hij las zijn laatste mis in de Sint-Jacobskerk op 9 mei 1904 om enkele dagen later te sterven.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Caroline Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899, Gent, 1987 (Gentse bijdragen tot de literatuurstudie, nr. 10).

Sender

NameRembry, Ernest
Dates° Moorsele, 22/01/1835 - ✝ Brugge, 14/05/1907
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; ondersecretaris; secretaris; vicaris-generaal; historicus
BioErnest Rembry, zoon van Jean-Aimé Rembry, geneesheer, en Clementine-Amande Delva, studeerde aan het college te Menen en kerkelijk recht te Leuven waar hij op 11/07/1859 zijn baccalaureaat behaalde. Hij werd op 29/05/1858 tot priester gewijd. Op 09/07/1859 werd hij onderpastoor van Sint-Gillis te Brugge. Hij schreef een geschiedenis van de Sint-Gilliskerk, van haar pastoors en van alle gebeurtenissen en belangrijke personen op deze parochie, door de eeuwen heen. Hij werd op 02/01/1862 ondersecretaris van het bisdom Brugge, op 24/11/1873 erekanunnik en op 29/08/1884 secretaris en officiaal. Op 20/04/1885 werd hij titulair kanunnik en op 31/05/1894 vicaris-generaal. Hoe hoger hij steeg in aanzien en vertrouwen bij de kerkelijke overheid, hoe meer hij ook Gezelle kon helpen. Hij was betrokken bij de stichting van het tijdschrift 'Rond den Heerd' en hij publiceerde ook in het tijdschrift 'Biekorf'. Hij las zijn laatste mis in de Sint-Jacobskerk op 9 mei 1904 om enkele dagen later te sterven.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Caroline Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899, Gent, 1987 (Gentse bijdragen tot de literatuurstudie, nr. 10).

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameBrugge
SettlementBrugge

Name - person

NameBruloot, Kamiel
Dates° Wulveringem, 25/07/1859 - ✝ Ardooie, 13/09/1924
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor; leraar; surveillant
BioKamiel bruloot werd geboren op 25 juli 1859 te Wulveringem als zoon van gemeentesecretaris Engelbertus en winkelierster Rosalia Boonefaes. Na zijn priesterwijding op 7 juni 1884 was hij elf jaar lang leraar aan het Sint-Amandscollege te Kortrijk. Op 19 juli 1897 werd hij onderpastoor op de Onze-Lieve-Vrouwparochie te Kortrijk en vanaf 28 mei 1906 pastoor op de nieuw opgerichte parochie Sint-Jan-Baptist te Kortrijk. Hij beëindigde zijn loopbaan als pastoor te Ardooie, waar hij stierf op 13 september 1924. Hij was een goede vriend van Gezelle te Kortrijk. Als Vlaamsgezinde predikant en volkspriester was Bruloot de bezieler van de bedevaarten, de Groeningecongregatie voor jongeren en het meisjespatronaat in de avondschool van het klooster van Sint-Jansput. In dit verband schreef Gezelle zes gelegenheidsgedichten voor hem. Zelf was hij ook actief als volksdichter. Hij schreef twee gelegenheidsgedichten voor Gezelle naar aanleiding van de dubbele hulde door koning en paus uit 1889.
Links[odis], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker Biekorf
NameDe Brabandere, Petrus
Dates° Ooigem, 25/09/1828 - ✝ Brugge, 31/03/1895
SexMannelijk
Occupationpriester; professor; directeur; pastoor-deken; vicaris-generaal; bisschop
BioPetrus De Brabandere, zoon van Johan-Baptiste De Brabandere, landman, en Julie Desmet, werd tot priester gewijd door Mgr. Malou op 21/05/1853. Hij studeerde verder te Rome. Hij was onderpastoor te leper (05/10/1858), leraar kerkelijk recht aan het grootseminarie van Brugge (10/1861-22/01/1875) en directeur van datzelfde grootseminarie (oktober 1864). Vervolgens was hij erekanunnik van de kathedraal te Brugge (17/02/1867), pastoor-deken van Torhout (22/01/1873), vicaris-generaal van Mgr. Faict (18/08/1880), geestelijk directeur van Hemelsdaele, en vicaris-capitularis van het openstaande bisdom op 04/01/1894. Hij werd bisschop van Brugge op 18/05/1894 en werd gezalfd op 11/06/1894. Hij overleed in de Oude Burg, huis C 29 te Brugge.
Links[odis]
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NameFaict, Joannes Josephus
Dates° Leffînge, 22/05/1813 - ✝ Brugge, 04/01/1894
SexMannelijk
Occupationpriester, professor, superior, erekanunnik, vicaris-generaal, coadjutor, bisschop
BioIn 1834 was J.J. Faict, zoon van Henri Faict, brouwer, en Marie Hellinck, laureaat van de retorica aan het kleinseminarie te Roeselare. Hij werd doctor in de theologie, wijsbegeerte en letteren. Op 09 juni 1838 werd hij te Brugge door Mgr. Boussen tot priester gewijd. Hij werd professor kerkgeschiedenis en wetenschappen (12/01/1839) en professor theologie (oktober 1840) aan het grootseminarie in Brugge. Vanaf augustus 1849 tot oktober 1856 was hij superior van het kleinseminarie te Roeselare. Hij werd erekanunnik (29/12/1853) en vicaris-generaal van Mgr. Malou op 18/10/1856. In september 1862 werd hij huisprelaat van paus Pius IX en op 25/02/1864 coadjutor van Mgr. Malou. Hij was bisschop van Brugge van 18/10/1864 tot aan zijn dood in 1894.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezelleoverste; correspondent
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NameMacaire, Gustave Victor
Dates° Parijs, 18/02/1842 - ✝ Parijs, 11/12/1916
SexMannelijk
Occupationfotograaf
BioGustave Victor Macairewas een Parijse fotograaf actief in België en Noord-Frankrijk. Hij was operator in het atelier Blondel te Charleroi (1865) en werkte in de jaren 1860-70 in Bordeaux (rue de la Bourse, 22). Daarna vestigde hij zich achtereenvolgens in Binche (1874-1876), Charleroi, Luik en Doornik, telkens onder de handelsnaam Photographie Parisienne. In 1886 opende hij een atelier in Oostende (Avenue Léopold), gespecialiseerd in badplaatsportretten. Van 1887 tot 1891 leidde hij samen met zijn echtgenote Anne Marie “Henriette” Silbermann (*Paris, 1837 – +Neuilly-sur-Seine, 1925) een studio in Kortrijk (Rue de la Lys, 12), waarbij zij ook ondertekenden met het monogram SM (Silbermann–Macaire). Het echtpaar verhuisde in 1891 naar Tourcoing en later Lille, waar hun onderneming Macaire–Silbermann (ook bekend als Photographie Catholique) in 1895 failliet ging. Macaire, die afkomstig was uit een vooraanstaande fotografenfamilie - zijn oom was de daguerreotypist Louis Cyrus Macaire (1807–1871) - was medeoprichter van de Belgische Vereniging van Fotografie (ABP).
Relation to Gezellecorrespondent
NameRembry, Ernest
Dates° Moorsele, 22/01/1835 - ✝ Brugge, 14/05/1907
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; ondersecretaris; secretaris; vicaris-generaal; historicus
BioErnest Rembry, zoon van Jean-Aimé Rembry, geneesheer, en Clementine-Amande Delva, studeerde aan het college te Menen en kerkelijk recht te Leuven waar hij op 11/07/1859 zijn baccalaureaat behaalde. Hij werd op 29/05/1858 tot priester gewijd. Op 09/07/1859 werd hij onderpastoor van Sint-Gillis te Brugge. Hij schreef een geschiedenis van de Sint-Gilliskerk, van haar pastoors en van alle gebeurtenissen en belangrijke personen op deze parochie, door de eeuwen heen. Hij werd op 02/01/1862 ondersecretaris van het bisdom Brugge, op 24/11/1873 erekanunnik en op 29/08/1884 secretaris en officiaal. Op 20/04/1885 werd hij titulair kanunnik en op 31/05/1894 vicaris-generaal. Hoe hoger hij steeg in aanzien en vertrouwen bij de kerkelijke overheid, hoe meer hij ook Gezelle kon helpen. Hij was betrokken bij de stichting van het tijdschrift 'Rond den Heerd' en hij publiceerde ook in het tijdschrift 'Biekorf'. Hij las zijn laatste mis in de Sint-Jacobskerk op 9 mei 1904 om enkele dagen later te sterven.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Caroline Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899, Gent, 1987 (Gentse bijdragen tot de literatuurstudie, nr. 10).
NameVyncke, Edward
Dates° Beveren (Roeselare), 23/10/1822 - ✝ 05/03/1894
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; pastoor
BioEdward Vyncke werd in 1846 leraar aan het college van Torhout. Hij ontving zijn priesterwijding te Brugge op 19/12/1846. Hij werd pastoor te Sint-Baafs-Vijve (22/04/1865) en pastoor te Ingelmunster (09/12/1869). Hij werd op 18/09/1874 pastoor van de O.L.Vrouwekerk te Kortrijk, waar hij Guido Gezelle als onderpastoor had. Voor Vyncke schreef Gezelle het gelegenheidsgedicht '0 blijde feestdag lang verbeid'.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; collega
NameDe Houck, Gustaaf Theodoor
Dates° Ieper, 09/08/1839 - ✝ Kortrijk, 11/12/1889
SexMannelijk
Occupationleraar; priester; deken
BioGustaaf Theodoor De Houck werd geboren te Ieper op 9 augustus 1839 als zoon van winkelier Carolus De Houck en Cecilia Decrock. In 1861 werd hij leraar en subregent aan het kleinseminarie te Roeselare. Op 18 december 1862 werd hij in Brugge priester gewijd. Vanaf 1871 was hij principaal van het Sint-Amandscollege in Kortrijk. Op 27 mei 1886 werd hij benoemd tot pastoor-deken van de Sint-Maartenskerk te Kortrijk, waar hij in functie overleed op 11 december 1889
Links[odis]
Relation to Gezelledeken

Name - place

NameBrugge
SettlementBrugge
NameRoeselare
SettlementRoeselare

Name - institute

NameLes Filles de l'Enfant Jésus, Lille
DescriptionFranse zustercongregatie in 1825 in Rijsel gesticht door Nathalie Doignies (1778-1858) en Louis Détrez (1769-1832). Op 23 mei 1889 werd Gezelle benoemd tot directeur van een pas opgerichte afdeling in Kortrijk. Het betrof een kleine communauteit met drie zusters. De religieuzen van het Kind Jezus vestigden zich ook in Charleroi, Dottenijs, Abele, Watou, Naast, Kortrijk, Moorsele, Sleidinge (1896), Warneton, Bellegem, Haine-St-Paul, le Tuquet, Moeskroen, Villers-St-Ghislain, Ellezelles en Herseaux.
Dating1825-heden
Links[odis], [wikipedia]

Title14/05/1889, Brugge, Ernest Rembry aan [Guido Gezelle]
EditorKoen Calis; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2026
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingKoen Calis; Universiteit Antwerpen, Rembry Ernest aan Gezelle Guido, Brugge (Brugge), 14/05/1889. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2026 Available from World Wide Web: link .
SenderRembry, Ernest
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent14/05/1889
Place SentBrugge (Brugge)
AnnotationAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Published inDe briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899 / door Caroline Verstraeten. - Gent : Cultureel Documentatiecentrum Rijksuniversiteit, 1987, p.116-117
Physical Description
Support Material 1 dubbel vel, 210 mm x 134 mm
papier, wit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Condition volledig
Additions op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive6158
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.12501
Content Description
IncipitJ'ai bien reçu votre lettre et vos deux cartes;
Text Typebrief
LanguagesFrans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.