<Hit 1262 of 2965

>

p1+
Ami,

J’ai parfaitement reçu, et avec infiniment de reconnaissance, le petit paquet de livres, que vous m’avez expédié. Grand merci pour ce joli cadeau! Il y a des choses fort curieuses parmi ces opuscules; le travail de Ruinart sur la mission de St Maur et le compendium du grand travail de Fulgence Bottens m’ont surtout intéressé; les petits traités spirituels du célèbre jésuite Vanden Abeele sont aussi fort précieux. Encore une fois et, de tout cœur, merci!

Je vous retourne, dûment approuvées, les litanies de Ste Apollonie et de Ste Dorothée. On devra supprimer la partie de l’en-tête, qui a été barrée, comme n’étant pas là à sa place.[1]

On trouve une biographie de Mathias Pauli dans Paquot, Mémoires pour servir à l’histoire littéraire des XVII Provinces ds̃ Pays-Bas, Tome V, pp. 83 sequentes[2] Il y a aussi quelques détails intéressants sur ce religieux dans Keelhoff, Histoire de l’ancien couvent des Ermites de Saint-Augustin, à Bruges. (publicationp2de la Soc. d’Emulation), Bruges 1869, pp. 35-37, 63, 120, 160, 161, 378 sequentes[3]

Je ne puis rien vous dire touchant la signification de Perpignan,[4] etc.; je suis tout à fait hospes dans cette matière.

Croyez-moi bien, Ami,
Votre tout dévoué et reconnaissant,
Et Rembry

P.s. Les litanies de S. Charles Borromée[5] m’ont fait bien du plaisir.

Annotations

[1] Guido Gezelle had de bisschoppelijke approbatie voor deze twee litanieën gevraagd namens René-François Flahault, zie zijn brief van 04/03/1886 en bedanking op 22/03/1886.
[2] Vertaling (Latijn): en volgende.
[3] Mogelijk hield Gezelles interesse voor de Hasselts-Brugse Augustijn verband met zijn Limburgse contacten. In de eerste jaargang van 'T daghet in den Oosten verscheen een biografie door P. D. (Gezelles correspondent Polydor Daniels). Ook Ernest Rembry had interesse voor Pauli, die in zijn werk gegevens verschafte over Idesbald van der Gracht, derde abt van de Duinenabdij, die op voorspraak van het Brugse bisdom zalig verklaard zou worden.
[4] Guido Gezelle publiceerde het lemma ”perpioen” (Perpignan) in Loquela: 6 (maart 1886) 11, p. 85-87. Voordien polste hij in zijn netwerk naar het achtervoegels ‘an‘ in het woord ’Perpignan’. Zie brief van A. Mahieu aan G. Gezelle van 17/03/1886.
[5] Ernest Rembry vraagt geregeld aan Gezelle informatie over deze heilige. Hij zal pas in 1901 over hem een werk publiceren: Le Culte de Saint Charles Borromée à Bruges : une contribution à la gloria posthuma du Saint.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameRembry, Ernest
Dates° Moorsele, 22/01/1835 - ✝ Brugge, 14/05/1907
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; ondersecretaris; secretaris; vicaris-generaal; historicus
BioErnest Rembry, zoon van Jean-Aimé Rembry, geneesheer, en Clementine-Amande Delva, studeerde aan het college te Menen en kerkelijk recht te Leuven waar hij op 11/07/1859 zijn baccalaureaat behaalde. Hij werd op 29/05/1858 tot priester gewijd. Op 09/07/1859 werd hij onderpastoor van Sint-Gillis te Brugge. Hij schreef een geschiedenis van de Sint-Gilliskerk, van haar pastoors en van alle gebeurtenissen en belangrijke personen op deze parochie, door de eeuwen heen. Hij werd op 02/01/1862 ondersecretaris van het bisdom Brugge, op 24/11/1873 erekanunnik en op 29/08/1884 secretaris en officiaal. Op 20/04/1885 werd hij titulair kanunnik en op 31/05/1894 vicaris-generaal. Hoe hoger hij steeg in aanzien en vertrouwen bij de kerkelijke overheid, hoe meer hij ook Gezelle kon helpen. Hij was betrokken bij de stichting van het tijdschrift 'Rond den Heerd' en hij publiceerde ook in het tijdschrift 'Biekorf'. Hij las zijn laatste mis in de Sint-Jacobskerk op 9 mei 1904 om enkele dagen later te sterven.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Caroline Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899, Gent, 1987 (Gentse bijdragen tot de literatuurstudie, nr. 10).

Sender

NameRembry, Ernest
Dates° Moorsele, 22/01/1835 - ✝ Brugge, 14/05/1907
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; ondersecretaris; secretaris; vicaris-generaal; historicus
BioErnest Rembry, zoon van Jean-Aimé Rembry, geneesheer, en Clementine-Amande Delva, studeerde aan het college te Menen en kerkelijk recht te Leuven waar hij op 11/07/1859 zijn baccalaureaat behaalde. Hij werd op 29/05/1858 tot priester gewijd. Op 09/07/1859 werd hij onderpastoor van Sint-Gillis te Brugge. Hij schreef een geschiedenis van de Sint-Gilliskerk, van haar pastoors en van alle gebeurtenissen en belangrijke personen op deze parochie, door de eeuwen heen. Hij werd op 02/01/1862 ondersecretaris van het bisdom Brugge, op 24/11/1873 erekanunnik en op 29/08/1884 secretaris en officiaal. Op 20/04/1885 werd hij titulair kanunnik en op 31/05/1894 vicaris-generaal. Hoe hoger hij steeg in aanzien en vertrouwen bij de kerkelijke overheid, hoe meer hij ook Gezelle kon helpen. Hij was betrokken bij de stichting van het tijdschrift 'Rond den Heerd' en hij publiceerde ook in het tijdschrift 'Biekorf'. Hij las zijn laatste mis in de Sint-Jacobskerk op 9 mei 1904 om enkele dagen later te sterven.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Caroline Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899, Gent, 1987 (Gentse bijdragen tot de literatuurstudie, nr. 10).

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameBrugge
SettlementBrugge

Name - person

NameFlahault, René-François
Dates° Bailleul, 12/08/1838 - ✝ Duinkerke, 03/03/1905
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; directeur; auteur
ResidenceFrankrijk (Frans-Vlaanderen)
BioRené Flahault werd op 12 augustus 1838 geboren te Bailleul in een familie van handelaars. In 1864 werd hij tot priester gewijd. Hij werd leraar en later directeur van het Collège Notre Dames des Dunes te Dunkerque. Als vicepresident van het 'Comité Flamand de France' had hij rond 1845 een verzameling van 400 tekeningen van verdwenen Vlaamse kerken. In de annalen van dit genootschap publiceerde hij regelmatig over volksdevotie. Verder was hij lid van de 'Commission Historique du Nord' alsook vicepresident van de 'Société d’études de la province de Cambrai'. Hij stierf te Duinkerke op 3 maart 1905.
Relation to Gezellecorrespondent; Comité Flamand de France
SourcesChristine Decoo, De brieven van elf vooraanstaande Frans-Vlamingen aan Guido Gezelle (1884-1899). Gent: RUG. Faculteit Letteren en Wijsbegeerte. Vakgroep Germaanse filologie, 1981
NameRembry, Ernest
Dates° Moorsele, 22/01/1835 - ✝ Brugge, 14/05/1907
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; ondersecretaris; secretaris; vicaris-generaal; historicus
BioErnest Rembry, zoon van Jean-Aimé Rembry, geneesheer, en Clementine-Amande Delva, studeerde aan het college te Menen en kerkelijk recht te Leuven waar hij op 11/07/1859 zijn baccalaureaat behaalde. Hij werd op 29/05/1858 tot priester gewijd. Op 09/07/1859 werd hij onderpastoor van Sint-Gillis te Brugge. Hij schreef een geschiedenis van de Sint-Gilliskerk, van haar pastoors en van alle gebeurtenissen en belangrijke personen op deze parochie, door de eeuwen heen. Hij werd op 02/01/1862 ondersecretaris van het bisdom Brugge, op 24/11/1873 erekanunnik en op 29/08/1884 secretaris en officiaal. Op 20/04/1885 werd hij titulair kanunnik en op 31/05/1894 vicaris-generaal. Hoe hoger hij steeg in aanzien en vertrouwen bij de kerkelijke overheid, hoe meer hij ook Gezelle kon helpen. Hij was betrokken bij de stichting van het tijdschrift 'Rond den Heerd' en hij publiceerde ook in het tijdschrift 'Biekorf'. Hij las zijn laatste mis in de Sint-Jacobskerk op 9 mei 1904 om enkele dagen later te sterven.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Caroline Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899, Gent, 1987 (Gentse bijdragen tot de literatuurstudie, nr. 10).
NameCarolus Borromeus
Dates° Arona, 02/10/1538 - ✝ Milaan, 04/11/1584
SexMannelijk
Occupationaartsbisschop
ResidenceItalië
BioCarolus Borromeus (Carlo Borromeo) was een 16e-eeuwse kerkhervormer uit Milaan en werd in 1610 door paus Paulus V heilig verklaard. Borromeus was verwant aan hoge adellijke families uit Milaan, o.a. de Medici, Gonzaga en Caïmo. Als tweede zoon van de familie de Borromei was hij voorbestemd voor een kerkelijke carrière. Daardoor werd hij reeds op zijn twaalfde ‘abt zonder verplichtingen’ van de abdij van Santi Felino e Graziano in Arona. In 1559 vervolledigde hij zijn studies kerkelijk en burgerlijk recht en werd zijn oom Giovanni Angelo Medici verkozen tot paus Pius IV. Onder zijn pontificaat was Carlo kardinaal, pauselijk secretaris en administrator van het aartsbisdom Milaan. Enkele jaren later, in 1562, stierf zijn oudste broer, waarna de familie wilde dat Carlo het geslacht verder zou zetten. Hij deed dit niet, maar legde zich met grotere ernst toe op zijn religieuze ambt. Zo ontving hij achtereenvolgens zijn priester- en bisschopswijding, maar ook maakte hij er werk van om de mistoestanden in de Kerk aan te pakken. Hij stichtte weeshuizen, hospitalen, liefdadigheidsinstellingen, alsook een van de eerste priesterseminaries. Tijdens de pestepidemie van 1576 verplichtte hij alle religieuzen om de zieken te helpen, waarbij hij zelf het voorbeeld gaf. Dit bezorgde hem veel steun van de bevolking, terwijl hij vanuit de Kerk zelf tegenstand kende omwille van zijn hervormingsplannen en kritiek. In 1584, tijdens zijn jaarlijkse verblijf op Monte Varallo, werd hij ziek. Koortsig keerde hij terug naar Milaan, maar onderweg stierf hij.
Links[wikipedia]
NameApollonia van Alexandrië
Dates✝ 249
SexVrouwelijk
Occupationheilige
ResidenceEgypte
BioHeilige Apollonia was een christelijke martelares uit de 3e eeuw, bekend als patroonheilige van tandpijn en tandartsen. Tijdens de christenvervolgingen onder keizer Decius werd zij gemarteld, haar tanden werden uitgetrokken en ze werd gedwongen haar geloof te verloochenen, wat ze weigerde. Ze zou verbrand worden, maar, ze sprong uit het vuur toen haar bewakers niet opletten. Haar feestdag valt op 9 februari.
Links[wikipedia]
NameDorothea van Cappadocië
SexVrouwelijk
Occupationheilige
BioDorothea van Cappadocië was een rooms-katholieke heilige die in 303 naar Caesarea vluchtte om te ontsnappen aan de vervolgingen onder keizer Diocletianus. De gouverneur van de stad bood haar huwelijk aan, maar zij weigerde omdat ze haar geloof niet wilde opgeven, waarna ze ter dood werd veroordeeld. Volgens de Legenda Aurea sprak ze tijdens haar tocht naar de executie de naam van Jezus uit als haar bruidegom. Een advocaat, Theophilus, spotte hiermee en vroeg bloemen en appels uit de tuin van haar 'bruidegom'. Na haar dood bracht een jongen de gevraagde bloemen en fruit, hoewel het winter was, waarna Theophilus zich bekeerde en ook werd onthoofd. Haar feestdag is 6 februari. Dorothea wordt vaak afgebeeld met een mandje en een zwaard, en ze is de patroonheilige van vrouwen in barensweeën, bloem- en fruitverkopers, tuinlieden, bruiden, bierbrouwers, stervenden en pasgehuwden. Ze beschermt ook tegen valse beschuldigingen en armoede.
NamePauwels, Mathias; Pauli, Mathias
Dates° Hasselt, 1580 - ✝ Maastricht, 1651
SexMannelijk
Occupationpater; schrijver; koster; prior; prefect
BioMathias Pauli, oorspronkelijk Mathias Pauwels, werd geboren rond 1580 in Hasselt. Hij trad in bij de augustijnen in Hasselt, legde zijn geloften af, werd priester gewijd en werkte als koster-orgelist. In 1600 werd hij prior van het augustijnenklooster in Leuven. Later was hij collegeprefect in Leuven (vanaf 1612), waarna hij in 1613 prior werd in het klooster te Brugge. In Brugge stichtte hij in 1622 een college dat een aanzienlijke reputatie verwierf. In 1625 keerde hij terug naar Leuven, en in 1634 vestigde hij zich in Maastricht, waar hij gedurende bijna twintig jaar verbleef tot aan zijn dood in 1651. Pauli was ook actief als schrijver van religieuze werken. Hij gaf minstens 26 devotieboekjes uit, waaronder "Den boom des Levens" (1618) en "Den Crijgsriem oft den Spieghel van de wercken der Christelijke Rechtveerdigheyt "(1619).
Links[wikipedia]

Name - place

NameBrugge
SettlementBrugge

Title - other work

TitleAnnales de la Société d'Emulation pour l'Etude de l'Histoire et des Antiquités de la Flandre (periodical)
Date1839-
PlaceBrugge
PublisherGenootschap voor Geschiedenis te Brugge (Société d'émulation)
TitleHistoire de l'ancien couvent des ermites de Saint Augustin, à Bruges
AuthorAmbroise Keelhoff
Date1869
PlaceBrugge
PublisherVandecasteele-Werbrouck
TitleMémoires pour servir à l'histoire litteraire des Dix-Sept Provinces des Pays-Bas, de la Principauté de Liège, et de quelques contrées voisines.
AuthorPaquot, Jean-Noël
Date1763
PlaceLouvain
PublisherImprimerie académique
TitleApologie de la mission de S. Maur, apostre des Bénédictins en France. Avec une addition touchant Saint Placide, premier martyr de l'Ordre de S. Benoist
AuthorRuinart, Thierry
Date1702
PlaceParis
PublisherPierre De Bats
TitleHet goddelyck herte, ofte De woonste Godts in het herte : tot welcke den Heere Jesus de ziele leert het selve te bereyden (3 dln)
AuthorBottens, Fulgence
Date1716
PlaceGendt
PublisherFranciscus en Dominicus vander Ween
TitleSeventhien geestelyke werkjes tot betreffinge van de volmaekste liefde tot de H. Dryvuldigheit, tot Jesus-Christus, tot de H. Moeder Gods, tot den naesten, [...]
AuthorVan Den Abeele, Carolus
Date1765
PlaceAntwerpen
PublisherJoannes Franciscus De Roveroy
TitleLe Culte de Saint Charles Borromée à Bruges : une contribution à la gloria posthuma du Saint
AuthorRembry, Ernest
Date1901
PlaceBrugge
PublisherL. De Plancke

Title15/03/1886, Brugge, Ernest Rembry aan [Guido Gezelle]
EditorKoen Calis; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2026
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingKoen Calis; Universiteit Antwerpen, Rembry Ernest aan Gezelle Guido, Brugge (Brugge), 15/03/1886. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2026 Available from World Wide Web: link .
SenderRembry, Ernest
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent15/03/1886
Place SentBrugge (Brugge)
AnnotationAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Published inDe briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899 / door Caroline Verstraeten. - Gent : Cultureel Documentatiecentrum Rijksuniversiteit, 1987, p.87-88
Physical Description
Support Material 1 enkel vel, 211 mm x 133 mm
papier, wit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Condition volledig
Additions op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive5615
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.12059
Content Description
IncipitJ'ai parfaitement reçu, et avec infiniment
Text Typebrief
LanguagesFrans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.