<Hit 427 of 2965

>

Eerweerde Heer ende Vriend,[2]

Gij vraagt, in uwen voorlaatsten R. den H., of er niemand u en zou kunnen berichten wegens “Wilhelm de Hauwere, Bisschop van Sarepta,[3] Wijbisschop van Doornike, Deken van sint Salvators te Brugge, Pastor van sinte Walburge, ibidem, die stierf, volgens Sanderus, omtrent 1560.”[4]

Een uwer oude vrienden,[5] die eertijds vierige medeschrijver was, maar die nu zijne inte heeft laten uitdroogen en zijne penne laten roesten en bestuiven, op zijne oude schrijflâa, zou u, indien hij maar en wilde, ‘k en twijfele er 't minste niet aan, vele inlichtingen over dezen hoogweerdigsten Heere kunnen geven.

't En is nogtans geen reden voor mij om te verzwijgen dat mij over eenige weken, tijdens de verheffinge van de Reliquien van sinte Godelieve te Ghistel, een stuk onder handen viel dat voortkomstig is van Wilhem voorzeid, en dat door hem gemaakt wierd, wanneer hij sinte Godelieven Reliquien verheffende was.

De act van Wilhelm, Bisschop van Sarepta, bestaat nog, en 'k heb hem, in tamelijk flauwen staat, gevonden in de rijve[6] van sinte Godelieve, wanneer ik, met Monsignore Wemaer, den 7 Julij, naar Ghistel gegaan ben, om een voorloopig bezoek bij de Reliquien te doen, die moesten den 13 plechtig en in 't openbaar bezocht, verheven en verfierterd[7] worden.

Het stuk pergament is 0.m 62 breed, op eene hoogte van 0.m 461, begrepen de plooie al onder, die 0.m 081 breed is.

De eerste hoofdletter van den act is wonderschoon getrokken, in blauw en rood. Al onder hangt 's Bisschops zegel, in vorm van vesica piscis,[8] hoog 0.m 063, breed 0.m 04, met opschrift in capitalen: SIGILLVM . GVILIELMI . EPISCOPI . SAREPTANI. In het midden is een zittende Pater verbeeld; een serpent staat krullende op, voor zijne voeten; in den Hemel, een Engel, nederdalende met eene rolle, waarop iets staat waar ik niet en kan uit geraken. De Engel schijnt den Heiligen iets te boodschappen.

Dezen act heb ik gevonden, vastgemaakt, met het zegellint, in 't zegellint van den act die geschreven wierd door Dionysius Christophori, als deze, in 1623, sinte Godelieve ging verheffen naar Ghistel.

'k Hebbe hier eene copie voor mij liggen van den brief van Wilhelm de Hauwere. De plechtigheid had plaatse op den Zondag 27 Junij 1557, en de act bevat de relatie van de twee eerste verheffingen.

De eerste verheffinge had plaatse op den 3 der kalenden Augusti, dat is den 30 Julij 1084, 't is te zeggen 14 jaar na de dood der vlaamsche Maged ende Martelaresse, om reden dat haar lichaam reeds euidentibus miraculis insignitum, dat is, door klare mirakelen vereerlijkt was.

Maar 14 jaar na hare dood! Peist! Het was Radbod, Bisschop van Noyoen ende Doornike, die de verheffinge deed, de zelfste die, het jaar daarvooren, zoo de zeg is bij de geleerden, een officie van onze lieve Vrouwe Boodschap maakte en dezen feestdag deed verplichtend worden voor gansch zijn bisdom; de zelfste die aan sint Aarnoud, Bisschop van Suesson, de kerke van de heilige Apostelen te Oudenburg schonk, om er een klooster te bouwen. 't Was ook aan dezen Radbod dat Drogo, alsdan Pastor van Ghistele, en later Bisschop van Terenburg, 't leven van sinte Godelieve opdroeg, dat hij maakte,[9] en 't welk Pater Soller, S. J., uitgaf, bij de Bollandisten, tweede boekdeel, Julij, bladz. 402 en volgende.

De tweede verheffinge, met verfierteringe, was deze van den 15 Meie 1380.

Zij wierd gedaan door Johannes Vromoud, Pastor van Westkerke en Caplaan van de kerke van Ghistele, daartoe door zijne overheden bemachtigd, in tegenwoordigheid van Niklaai Kempe en Lambrecht Meeussono, - Meeuwsseune? - Pastors van Ghistele, Johannes Fluericourt, Priester, schrijver van den act van alstoen, Niklaai Marteel en Gillis Dardeboud, Priesters ende Capellaans van Ghistele, enz.

'k Hebbe ook een oud versleten stuk gevonden dat op pergament uitgeschreven was, dat geheel in poeier valt, en dat reeds sedert lange in slechten staat is, aangezien Pater Soller er al van kloeg.

Opdat 't niet en zou geheel en gansch vergaan, hebbe ik het doen op fijn papier herplakken. Het is 0m.62 hooge, op 0m.34 breed, en geschreven in schoone gothike letters, die er vele ouder uitzien als de date van het stuk, geschreven in 1380. 't En is de schrijfletter niet van dien tijd die Heere ende Meester Johannes Fluericourt geschreven heeft, maar eerder de houwletter, die ten dien tijde gebezigd was voor zerksteenen en andere opschriften; zijne inte was ook van wondere kracht, ja, te sterk, want zij heeft waarlijk 't pergament opgeeten en in stukken doen vallen, nog al veel meer als de vochtigheid en de tijd van jaren, waarop Pater Soller het steekt.

De act van Wilhelm van Sarepta eindigt met het verhaal van de verheffinge door hem gedaan, zoo ik gezeid hebbe, den Zondag 27 junij 1557.

Alsdan wierden de Reliquien uit den fierter van 1380 genomen, “waaraf kerkedieven, bij nachte, onder 't ingeven van den boozen geest, 't zilver getrokken hadden,” en in eenen nieuwen besteld, die “prachtig versierd was met vergulde platen en die blonk klaar van de perels en de gesteenten.”

De ceremonie had plaatse binst de Hoogmesse, 't derde jaar van 't pausdom van Paul IV; Bisschop wezende van Doornijk, Heere ende Meester Karel de Croy, binst het leven nog van Keizer Karel V, maar onder het bestier van zijnen zoon Philips II, Koning van Spanjen, England, Vrankrijk, Napels en Sicilien, en Grave van Vlaanderen, het heerschap voerende Heere Johannes Franciscus, zone van Johannes Caroli de Affaytadi.

De act vermeldt ook dat Bisschop Wilhelm, uw oud-Pastor van sinte Walburge, Deken was van de collegiale van sint Salvators te Brugge, en dat hij gedeputeerd was om de ceremonie te doen, door Heer Wilbrecht Dognies, apostolijken Protonotaris, Aartsdiaken van de Kathedrale kerke van onze lieve Vrouwe te Doornike, Coadjutor en Vicaris generaal van zijne Hoogweerdigheid Karel, Bisschop van gezeide stad.

Waren tegenwoordig Wilbrecht Le Bleu, Abt van Sint Andries bij Brugge, die 't patronaat over de kerke van Ghistel oefende; Ollevier van der Hulst, Abt van sint Pieters te Oudenburg; en Broeder Johannes de Muer, Prior van de zelfste abdije; Item, Meesters Johannes Rycx ende Johannes Cock, Pastors van onze lieve Vrouwe, te Ghistel, alsmede Heeren ende Meesters Aarnout Dierkens en Hugo Doens, Pastor, Kaneuniken van sint Salvators te Brugge, daartoe geroepen. Daarbij al de Pastors van rondom Ghistel.

Het Magistraat van Ghistel was in de ceremonie aanwezig.

De brieven van de herkenninge door den oud-Pastor van sinte Walburge, zijne Hoogweerdigheid Wilhem de Hauwere gedaan, wierden door hem onderteekend, en mede onderteekend door Heere ende Meester Christiaan Grave, notarius apostolicus et imperialis admissus.[10]

k Hope dat er wel nog hier en daar iemand iets over Bisschop de Hauwere, oud-Pastor van sinte Walburge, zal weten, en het u mededeelen.

Uw toegenegen vriend in Christo
Ad. Duclos, presbyter

Annotations

[1] Sinte Rosalia verwijst naar de sterfdag van Rosalia van Palermo, op 4 september.
[2] De locatie van de originele brief is onbekend. De brief is enkel in gepubliceerde vorm beschikbaar als lezersbrief gepubliceerd in: Rond den Heerd: 5 (17 september 1870) 43, p.338-339.
[3] Sarepta was een stad in Fenicië en een tijdlang zetel van een bisdom.
[4] Dit staat op p. 464 in het 3e boekdeel van diens ’Flandria illustrata’ uit 1735.
[5] Mogelijk gaat het om Ernest Rembry die in 1867-1868 veel bijdragen leverde in Rond den Heerd over kerk- en heiligengeschiedenis. Daarna verdween hij uit het tijdschrift.
[6] Reliekschrijn. (L.L. De Bo, Westvlaamsch idioticon. Brugge: Gailliard, 1873, p.939)
[7] In een processie meevoeren. Zie lemma ’fietel’ in: L.L. De Bo, Westvlaamsch idioticon. Brugge: Gailliard, 1873, p.319.
[8] Letterlijk: visblaas. Dit is de naam van de geometrische vorm die ontstaat door twee gelijke cirkels elkaar te laten snijden: de intersectie ervan is de betreffende vorm, in het Italiaans ook ’mandorla’ genoemd naar de amandelvorm.
[9] De hagiografie van Sint-Godelieve was geschreven door de monnik Drogo van Winnoksbergen, die vermoedelijk niet dezelfde figuur was als bisschop Drogo.
[10] ’Notarius apostolicus et imperialis admissus' is een Latijnse titel die vertaald kan worden als 'gemandateerd apostolisch en keizerlijk notaris’. Deze titel werd vaak gebruikt in de middeleeuwen en de vroege moderne tijd voor notarissen die zowel door de kerkelijke als de wereldlijke autoriteiten waren erkend en gemachtigd om juridische documenten op te stellen en te authenticeren.

Register

Correspondents - persons

NameDuclos, Adolf Juliaan
Dates° Brugge, 30/08/1841 - ✝ Brugge, 06/03/1925
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor; kanunnik, ere-kanunnik, leraar; historicus; auteur, redacteur; diocesaan inspecteur
BioAdolf Duclos, zoon van Desiderius Duclos, apotheker en een van de stichters van de katholieke partij in 1860, en Hortencia Bogaert, wier vader en grootvader de stichters waren van de 'Gazette van Brugge', werd geboren in de Kuipersstraat te Brugge. Hij liep school in het atheneum te Brugge, het college te Ieper en het Brugse Sint-Lodewijkscollege. In oktober 1860 ging hij naar het kleinseminarie in Roeselare (filosofie 1861), en volgde een jaar later een priesteropleiding aan het grootseminarie in Brugge. Daar ontmoette hij Guido Gezelle. Hij ontving zijn priesterwijding te Brugge op 10/06/1865 van Mgr. Faict. Hij ging lesgeven aan het college van Torhout (17/09/1865), en werd vanaf 1868 ondersecretaris en bewaarder van de relikwieën in het bisdom. In 1871 volgde hij Guido Gezelle op als redacteur van het tijdschrift Rond den Heerd. In 1874 was hij stichtend voorzitter van de Gilde van Sinte-Luitgaarde. In 1875 was hij ook betrokken bij de stichting van het Brugse Davidsfonds. Belangrijk was ook zijn betrokkenheid als bestuurslid en voorzitter van de Société Archéologique de Bruges, de voorloper van het Brugse Gruuthusemuseum. Hij was ook de auteur van historische werken en actief bij de organisatie van Brugse stoeten en processies. Vervolgens werd hij erekanunnik van de Brugse kathedraal (29/08/1884), pastoor in Pervijze (25/11/1889) en pastoor in Ieper (21/07/1897). Op 20 mei 1903 keerde hij naar Brugge terug als kanunnik van de Brugse kathedraal. Op 13 december 1910 werd hij diocesaan inspecteur van de bisschoppelijke colleges, en was ten slotte werkzaam als kanunnik-cantor (13/12/1911).
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker en uitgever van Rond den Heerd; Gilde van Sinte-Luitgaarde; oud-leerling kleinseminarie Roeselare
NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Sender

NameDuclos, Adolf Juliaan
Dates° Brugge, 30/08/1841 - ✝ Brugge, 06/03/1925
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor; kanunnik, ere-kanunnik, leraar; historicus; auteur, redacteur; diocesaan inspecteur
BioAdolf Duclos, zoon van Desiderius Duclos, apotheker en een van de stichters van de katholieke partij in 1860, en Hortencia Bogaert, wier vader en grootvader de stichters waren van de 'Gazette van Brugge', werd geboren in de Kuipersstraat te Brugge. Hij liep school in het atheneum te Brugge, het college te Ieper en het Brugse Sint-Lodewijkscollege. In oktober 1860 ging hij naar het kleinseminarie in Roeselare (filosofie 1861), en volgde een jaar later een priesteropleiding aan het grootseminarie in Brugge. Daar ontmoette hij Guido Gezelle. Hij ontving zijn priesterwijding te Brugge op 10/06/1865 van Mgr. Faict. Hij ging lesgeven aan het college van Torhout (17/09/1865), en werd vanaf 1868 ondersecretaris en bewaarder van de relikwieën in het bisdom. In 1871 volgde hij Guido Gezelle op als redacteur van het tijdschrift Rond den Heerd. In 1874 was hij stichtend voorzitter van de Gilde van Sinte-Luitgaarde. In 1875 was hij ook betrokken bij de stichting van het Brugse Davidsfonds. Belangrijk was ook zijn betrokkenheid als bestuurslid en voorzitter van de Société Archéologique de Bruges, de voorloper van het Brugse Gruuthusemuseum. Hij was ook de auteur van historische werken en actief bij de organisatie van Brugse stoeten en processies. Vervolgens werd hij erekanunnik van de Brugse kathedraal (29/08/1884), pastoor in Pervijze (25/11/1889) en pastoor in Ieper (21/07/1897). Op 20 mei 1903 keerde hij naar Brugge terug als kanunnik van de Brugse kathedraal. Op 13 december 1910 werd hij diocesaan inspecteur van de bisschoppelijke colleges, en was ten slotte werkzaam als kanunnik-cantor (13/12/1911).
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker en uitgever van Rond den Heerd; Gilde van Sinte-Luitgaarde; oud-leerling kleinseminarie Roeselare

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameBrugge
SettlementBrugge

Name - person

NameDuclos, Adolf Juliaan
Dates° Brugge, 30/08/1841 - ✝ Brugge, 06/03/1925
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor; kanunnik, ere-kanunnik, leraar; historicus; auteur, redacteur; diocesaan inspecteur
BioAdolf Duclos, zoon van Desiderius Duclos, apotheker en een van de stichters van de katholieke partij in 1860, en Hortencia Bogaert, wier vader en grootvader de stichters waren van de 'Gazette van Brugge', werd geboren in de Kuipersstraat te Brugge. Hij liep school in het atheneum te Brugge, het college te Ieper en het Brugse Sint-Lodewijkscollege. In oktober 1860 ging hij naar het kleinseminarie in Roeselare (filosofie 1861), en volgde een jaar later een priesteropleiding aan het grootseminarie in Brugge. Daar ontmoette hij Guido Gezelle. Hij ontving zijn priesterwijding te Brugge op 10/06/1865 van Mgr. Faict. Hij ging lesgeven aan het college van Torhout (17/09/1865), en werd vanaf 1868 ondersecretaris en bewaarder van de relikwieën in het bisdom. In 1871 volgde hij Guido Gezelle op als redacteur van het tijdschrift Rond den Heerd. In 1874 was hij stichtend voorzitter van de Gilde van Sinte-Luitgaarde. In 1875 was hij ook betrokken bij de stichting van het Brugse Davidsfonds. Belangrijk was ook zijn betrokkenheid als bestuurslid en voorzitter van de Société Archéologique de Bruges, de voorloper van het Brugse Gruuthusemuseum. Hij was ook de auteur van historische werken en actief bij de organisatie van Brugse stoeten en processies. Vervolgens werd hij erekanunnik van de Brugse kathedraal (29/08/1884), pastoor in Pervijze (25/11/1889) en pastoor in Ieper (21/07/1897). Op 20 mei 1903 keerde hij naar Brugge terug als kanunnik van de Brugse kathedraal. Op 13 december 1910 werd hij diocesaan inspecteur van de bisschoppelijke colleges, en was ten slotte werkzaam als kanunnik-cantor (13/12/1911).
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker en uitgever van Rond den Heerd; Gilde van Sinte-Luitgaarde; oud-leerling kleinseminarie Roeselare
NameRembry, Ernest
Dates° Moorsele, 22/01/1835 - ✝ Brugge, 14/05/1907
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; ondersecretaris; secretaris; vicaris-generaal; historicus
BioErnest Rembry, zoon van Jean-Aimé Rembry, geneesheer, en Clementine-Amande Delva, studeerde aan het college te Menen en kerkelijk recht te Leuven waar hij op 11/07/1859 zijn baccalaureaat behaalde. Hij werd op 29/05/1858 tot priester gewijd. Op 09/07/1859 werd hij onderpastoor van Sint-Gillis te Brugge. Hij schreef een geschiedenis van de Sint-Gilliskerk, van haar pastoors en van alle gebeurtenissen en belangrijke personen op deze parochie, door de eeuwen heen. Hij werd op 02/01/1862 ondersecretaris van het bisdom Brugge, op 24/11/1873 erekanunnik en op 29/08/1884 secretaris en officiaal. Op 20/04/1885 werd hij titulair kanunnik en op 31/05/1894 vicaris-generaal. Hoe hoger hij steeg in aanzien en vertrouwen bij de kerkelijke overheid, hoe meer hij ook Gezelle kon helpen. Hij was betrokken bij de stichting van het tijdschrift 'Rond den Heerd' en hij publiceerde ook in het tijdschrift 'Biekorf'. Hij las zijn laatste mis in de Sint-Jacobskerk op 9 mei 1904 om enkele dagen later te sterven.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Caroline Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899, Gent, 1987 (Gentse bijdragen tot de literatuurstudie, nr. 10).
NameWemaer, Antoon-Jan-Philip
Dates° Brugge, 02/01/1812 - ✝ Brugge, 17/12/1875
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; rector; ere-kanunnik; vicaris-generaal
ResidenceRome (Italië)
BioAntoon Wemaer werd geboren te Brugge op 23 januari 1812 als zoon van Antonius Wemaer en Maria Heene. Na zijn lagere school te Brugge volgde hij les bij de Minderbroeders te Tielt. Toen ook dat college sloot in 1825, keerde hij naar het stedelijk atheneum van Brugge terug, om ten slotte zijn middelbaar onderwijs af te ronden aan het kleinseminarie te Roeselare. Op 19 december 1835 werd hij tot priester gewijd door bisschop Boussen. Hij was toen anderhalve maand aan de slag als surveillant aan het kleinseminarie te Roeselare. In 1840 werd hij professor kerkelijke geschiedenis en liturgie aan het Brugse Grootseminarie, in 1843 inspecteur van de scholen van het district Brugge. Wemaer was amper 38 jaar oud, toen hij op 14 oktober 1850 directeur werd van het Grootseminarie te Brugge, waar hij seminarist Gezelle als biechtvader begeleidde. In 1854 werd hij erekanunnik en in 1866 cantor van de Brugse kathedraal. Hij speelde ook een belangrijke rol in het comité van de pauselijke werken en de fondsenwerving via de Sint-Pieterspenning. Zo bouwde hij contacten op in hogere katholieke kringen. Zijn engagement voor de pauselijke werken werd in 1866 beloond met de eretitel huisprelaat van paus Pius IX. In 1870 werd hij apostolisch protonotaris, een van de hoogste erefuncties die een priester kon krijgen. Vanuit zijn positie aan het Grootseminarie overzag hij de recrutering, vorming en inzet van nieuwe priesters, met wie hij ook later hartelijke contacten onderhield. Hij gaf Gezelle advies bij het omgaan met leerlingen in Roeselare en betrok hem bij de Noordpoolmissie. Hij bemiddelde ook tussen Gezelle, zijn ouders en het bisdom in verband met Gezelles missiedroom. Vanaf 1864 stond hij de nieuwe bisschop Faict bij als vicaris-generaal. Als vicaris-generaal zette hij zich in voor het onderwijs, het pers- en publicatiebeleid, voor neogotische kunstenaars en voor de ontwikkeling van religieuze praktijken en kringen. Gezellebiograaf Walgrave typeerde hem als volgt: “Voor kunstenaars, schrijvers, studenten was hij een Maecenas; groote sommen besteedde hij jaarlijks aan de verspreiding van het onderwijs in alle vormen: scholen, boekerijen, dag- en weekbladen. Er was niemand, zelfs de grootste pastoorsvreter van Brugge niet, die dezen minzamen prelaat hadde durven aanranden. Zijne liefdadigheid had hem voor allen geheiligd.” Hij stuurde Gezelle achter de schermen bij de redactie van 't Jaer 30 en begeleidde hem als redacteur van Rond den Heerd en de Spoker’s Almanak. In 1869 werd hij benoemd tot aartspriester. Hij spande zich in voor de verering van Onze Lieve Vrouw van Assebroek en Sint-Arnoldus van Tiegem. Hij was de drijvende kracht achter de Jubilea van Godelieve van Gistel en Sint-Walburga (Brugge en Veurne), waaraan Gezelle meewerkte. Wemaer zou in functie blijven tot zijn vroege dood op 17 december 1875 in zijn woning op de Dijver C 12 te Brugge, de oude proosdij van de O.L.Vrouwekerk.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent
Sources https://www.archiefbankbrugge.be/
Namede Hauwere, Guillaume; de Hauwere, Wilhelm
Dates✝ Brugge, 23/02/1559
SexMannelijk
Occupationbisschop; pastoor
BioGuillaume (de) Hauwere was hulpbisschop van Doornik en titelvoerend bisschop van Sarepta. Hij was sinds 1538 tevens pastoor geweest op Sint-Walburga en sinds 1552 deken van Sint-Salvator Hij stierf op 23 februari 1559 te Brugge, waar hij in de Sint-Walburgakerk werd begraven.
Sources https://www.catholic-hierarchy.org/bishop/bhanwere.html; https://archive.org/stream/handelingen01bruggoog/handelingen01bruggoog_djvu.txt; Rond den Heerd: 5 (5 november 1870) 50, p.397-399.
NameSanderus, Antonius; Sanders, Antoon
Dates° Antwerpen, 15/09/1586 - ✝ Affligem, 16/10/1664
SexMannelijk
Occupationpriester; auteur; historicus; filosoof; theoloog
BioAntonius Sanderus, geboren als Antoon Sanders, was een priester en historicus, vooral bekend om zijn rijk geïllustreerde ‘Flandria illustrata, sive Descriptio comitatus istius per totum terrarum orbem celeberrimi’ uit 1641-1644.
Links[wikipedia]
NameStoffels, Denis; Christoffer, Dionysius
Dates° Antwerpen, ca. 1570 - ✝ Brugge, 06/08/1629
SexMannelijk
Occupationkanunnik; professor; bisschop
BioDionysius Christoffer, geboren als Denis Stoffels, werd circa 1570 te Antwerpen geboren. Hij ontving in 1599 zijn priesterwijding en was in 1598-1599 deken van Turnhout. Nadien ging hij naar Brugge, waar hij kanunnik van Sint-Donaas was, scholaster van het kapittel (1607), en de eerste president van het bisschoppelijk seminarie (1611). In 1623 werd hij tot bisschop van Brugge gewijd, waar hij in 1629 overleed en in de Sint-Donaaskathedraal werd begraven.
Links[wikipedia]
Sources https://www.catholic-hierarchy.org/bishop/bstoffeld.html; https://www.dbnl.org/tekst/_bie001195301_01/_bie001195301_01_0085.php;
NameRadboud II
Dates✝ 1098
SexMannelijk
Occupationbisschop
BioRadboud II was bisschop van Doornik en Noyon tussen 1068 en 1098. In 1089-1090 werd Doornik getroffen door een grote sterfte – afhankelijk van de bronnen te wijten aan de pest of door moederkoren – waarna Radboud opriep tot een algemene vastendag en processie in september 1090. Deze Grote Processie wordt sindsdien jaarlijks gehouden.
Sources https://www.grandeprocessiontournai.org/historiek;
Namevan Soissons, Arnoldus
Dates° Tiegem, ca. 1040 - ✝ Oudenburg, 1087
SexMannelijk
Occupationabt; bisschop
BioArnold van Soissons was van 1081 tot 1084 bisschop van Soissons. Omwille van zijn succesvolle vredesonderhandelingen wordt hij als heilige vereerd. Hij is de patroon van bierbrouwers en herbergiers omdat hij bij het uitbreken van besmettelijke ziekten mensen zou hebben aangeraden om bier te drinken in plaats van water.
Links[wikipedia]
SourcesR.I.A. Nip, Arnulfus van Oudenburg, bisschop van Soissons (1087), mens en model. Doctoraatsthesis, Rijksuniversiteit Groningen, 1995. (https://pure.rug.nl/ws/portalfiles/portal/14506600/thesis.pdf)
Namevan Terwaan, Drogo
Dates✝ 21/08/1078
SexMannelijk
Occupationbisschop
BioDrogo was bisschop van Terwaan tussen 1030 en 1078. In 1049 liet hij Boudewijn, graaf van Vlaanderen, het Godsvredesakkoord tekenen.
Links[wikipedia]
NameVromond, Johannes; Vromond, Jan
SexMannelijk
Occupationkapelaan; pastoor
BioJan Vromond was aan het einde van de 14e eeuw kapelaan van Gistel en pastoor van Westkerke.
SourcesLodewijk Vanhaecke, Sinte Godelieve van Ghistel. Brugge: Beyaert-Storie, 1877, p.265 (https://www.google.be/books/edition/Sinte_Godelieve_van_Ghistel/Cm4Wd7lZfF8C?hl=nl&gbpv=1&dq=johannes+vromond+kempe&pg=PA265&printsec=frontcover)
NameKempe, Niklaas
SexMannelijk
Occupationpastoor
BioNiklaas Kempe was aan het einde van de 14e eeuw pastoor van Gistel.
SourcesLodewijk Vanhaecke, Sinte Godelieve van Ghistel. Brugge: Beyaert-Storie, 1877, p.265 (https://www.google.be/books/edition/Sinte_Godelieve_van_Ghistel/Cm4Wd7lZfF8C?hl=nl&gbpv=1&dq=johannes+vromond+kempe&pg=PA265&printsec=frontcover)
NameMeessoone, Lambrecht
SexMannelijk
Occupationpastoor
BioLambrecht Meessoone was aan het einde van de 14e eeuw pastoor van Gistel.
SourcesLodewijk Vanhaecke, Sinte Godelieve van Ghistel. Brugge: Beyaert-Storie, 1877, p.265 (https://www.google.be/books/edition/Sinte_Godelieve_van_Ghistel/Cm4Wd7lZfF8C?hl=nl&gbpv=1&dq=johannes+vromond+kempe&pg=PA265&printsec=frontcover)
NameMarteel, Niklaas
SexMannelijk
Occupationkapelaan
BioNiklaas Marteel was aan het einde van de 14e eeuw kapelaan van Gistel.
SourcesLodewijk Vanhaecke, Sinte Godelieve van Ghistel. Brugge: Beyaert-Storie, 1877, p.265 (https://www.google.be/books/edition/Sinte_Godelieve_van_Ghistel/Cm4Wd7lZfF8C?hl=nl&gbpv=1&dq=johannes+vromond+kempe&pg=PA265&printsec=frontcover)
NameDardebond, Gillis
SexMannelijk
Occupationkapelaan
BioGillis Dardebond was aan het einde van de 14e eeuw kapelaan van Gistel.
SourcesLodewijk Vanhaecke, Sinte Godelieve van Ghistel. Brugge: Beyaert-Storie, 1877, p.265 (https://www.google.be/books/edition/Sinte_Godelieve_van_Ghistel/Cm4Wd7lZfF8C?hl=nl&gbpv=1&dq=johannes+vromond+kempe&pg=PA265&printsec=frontcover)
NameFleuricourt, Jan
SexMannelijk
Occupationpriester
BioJan Fleuricourt stelde aan het einde van de 14e eeuw het document op dat bij de relieken van Sint-Godelieve in Gistel werd bewaard, en dit ter vervanging van het originele document uit 1084.
SourcesLodewijk Vanhaecke, Sinte Godelieve van Ghistel. Brugge: Beyaert-Storie, 1877, p.265 (https://www.google.be/books/edition/Sinte_Godelieve_van_Ghistel/Cm4Wd7lZfF8C?hl=nl&gbpv=1&dq=johannes+vromond+kempe&pg=PA265&printsec=frontcover)
Namedu Sollier, Jean Baptist; Sollerius, Joannes Baptist
Dates° Herzeeuw, 28/02/1669 - ✝ Brussel, 17/06/1740
SexMannelijk
BioJan Baptist du Sollier was een Westvlaamse bollandist, die in 1720 een uitvoerig werk schreef over Sint-Godelieve van Gistel.
SourcesA.A. Keersmaekers, Het leven van de H. Godelieve in handschriften. In: Vlaanderen. Kunsttijdschrift: 33 (1984), p.156-160 (https://www.dbnl.org/tekst/_vla016198401_01/_vla016198401_01_0038.php); https://www.zwinstreek.eu/geschiedenis/heemkundige-kringen/zoeken-in-publicaties/569-nog-over-sint-guthago-1984-02
NamePaulus IV; Carafa, Giovanni Pietro
Dates° Capriglia Irpina, 28/06/1476 - ✝ Rome, 18/08/1559
SexMannelijk
Occupationpaus
ResidenceItalië
BioGiovanni Pietro Carafa stond bekend als paus Paulus IV van 1555 tot 1559. Hij was zeer streng in de leer, versterkte de inquisitie, en nam diverse anti-joodse maatregelen.
Links[wikipedia]
Namevan Croÿ, Karel; de Croÿ, Charles
Dates° ca. 1506 - ✝ Saint-Ghislain, 11/12/1564
SexMannelijk
Occupationabt; bisschop
BioKarel van Croÿ was bisschop van Doornik van 1525 tot 1564. Keizer Karel had deze functie aan hem voorbehouden, hoewel hij pas in 1533 tot priester en bisschop werd gewijd en in 1539 zijn plechtige intrede deed in Doornik. Daarnaast was hij abt van de abdij van Affligem.
Links[wikipedia]
NameKarel V; keizer Karel; van Luxemburg, Karel
Dates° Gent, 24/02/1500 - ✝ Cuacos de Yuste, 21/09/1558
SexMannelijk
Occupationkeizer
BioKarel van Luxemburg was vorst over de Nederlanden (1506-1555), koning van Spanje (1516-1556), aartshertog van Oostenrijk (1519-1522), maar is vooral gekend als keizer Karel of Karel V van het Rooms-Duitse rijk (1519-1556).
Links[wikipedia]
NameFilips II; van Spanje
Dates° Valladolid, 21/05/1527 - ✝ San Lorenzo de El Escorial, 13/09/1598
SexMannelijk
Occupationkoning; keizer
ResidenceSpanje
BioFilips II, zoon van Karel V, was koning van Spanje, Napels, Sicilië, Sardinië (1556-1598), en onder andere heerser van Portugal (1580-1598) en Engeland (1554-1558). Hij voerde het bewind van de Spaanse Nederlanden van 1555 tot 1581 en regeerde over het grootste koloniale rijk van de 16e eeuw. Hij werd bekend om zijn rol bij religieuze conflicten zoals de Nederlandse Opstand. Onder zijn bewind bereikte Spanje een hoogtepunt in macht, maar ook een economische uitputting die leidde tot een achteruitgang na zijn dood. Filips was vier keer getrouwd en kreeg uiteindelijk een mannelijke troonopvolger met zijn laatste vrouw.
Links[wikipedia]
NameAffaitati, Giovan Carlo; de Affaytadi, Johannes Carolus
Dates° Cremona, ca. 1500 - ✝ Lier, 24/12/1555
SexMannelijk
Occupationhandelaar
ResidenceItalië; Portugal
BioJohannes Carolus de Affaytadi werd geboren als Giovan Carlo Affaitati in een Italiaanse familie van handelaars en bankiers. Hijzelf was actief in de specerijenhandel. Eerst vestigde hij zich in Lissabon, maar verhuisde later naar Antwerpen. Hij was een vertrouweling alsook een belangrijke geldschieter van Karel V, die hem de titel van baron van Gistel schonk. Hij zou in 1555 te Lier gestorven zijn.
Sources https://fr.wikipedia.org/wiki/Famille_Affaitati; https://www.treccani.it/enciclopedia/giovan-carlo-affaitati_(Dizionario-Biografico)/; M.P. Lansens, Ghistelles son ambacht et ses seigneurs pendant les trois derniers siècles. In: Annales de l'académie d'archéologie de Belgique, 19. Antwerpen, 1862, p.441-540
NameAffaitati, Giovan Francesco; de Affaytadi, Johannes Franciscus
Dates✝ Cremona, 1609
SexMannelijk
ResidenceItalië
BioJohannes Franciscus de Affaytadi kwam uit een Italiaanse familie van handelaars en bankiers die naar de Nederlanden gekomen waren. In 1560 volgde hij zijn vader Giovan Carlo op als baron van Gistel. Een jaar later begon hij de bouw van het monumentale Palazzo degli Affaitati van Cremona (nu het stedelijk museum), waar hij vanaf 1570 woonde.
Sources https://www.treccani.it/enciclopedia/giovan-francesco-affaitati_res-af5eac2e-87e5-11dc-8e9d-0016357eee51_(Dizionario-Biografico)/; M.P. Lansens, Ghistelles son ambacht et ses seigneurs pendant les trois derniers siècles. In: Annales de l'académie d'archéologie de Belgique, 19. Antwerpen, 1862, p.441-540
Named'Oignies, Gilbert
Dates° 1520 - ✝ Kortrijk, 25/08/1475
SexMannelijk
Occupationbisschop
BioGilbert d’Oignies was bisschop van Doornik van 1564 tot 1574. Hij vestigde een tweede aartsbisdom in Doornik, zodat zowel de Franse als de Nederlandse taalgemeenschappen een eigen aartsbisdom hadden.
Links[wikipedia]
NameLe Bleu, Gilbert; Le Bleu, Wilbrecht
Dates✝ Brugge, 1591
SexMannelijk
Occupationabt
BioGilbert Le Bleu was abt van de Sint-Andriesabdij te Brugge van 1555 tot 1578, als opvolger van Johannes van der Weerde, wiens coadjutor hij sinds 1553 was geweest. Onder zijn leiding werd de refugie van de abdij hersteld en vergroot. Het was daar dat hij stierf, waarna hij op 18 april 1591 werd begraven in de kerk van het Sint-Juliaansgesticht.
SourcesA. Duclos, Brieven. In: Rond den Heerd: 5 (19 november 1870) 52, p.414-415
NameVan der Hulst, Olivier
Dates✝ Brugge, 09/12/1568
SexMannelijk
Occupationprior; abt
BioOlivier Van der Hulst was prior van het Sint-Andriesklooster bij Brugge, en sinds 1547 de 36e abt van de abdij van Oudenburg. Onder zijn leiding verving de abdij in 1550 de regels van Cluny door die van Burzfeld, en kende de abdij voorspoed. Op 9 december 1568 stierf hij.
SourcesChroniques du monastére d'Oudenburg, de l'ordre de s. Benoit, publ. d'après un MS. avec des notes et des éclaircissements par J.B. Malou. Oudenburg, 1840, p.69-70 (https://www.google.be/books/edition/Chroniques_du_monast%C3%A9re_d_Oudenburg_de/uBEOAAAAQAAJ?hl=nl&gbpv=0)
NameCoene, Hugo; Coens, Hugo
Dates✝ 1578
SexMannelijk
Occupationkanunnik; kapelaan; deservitor
BioHugo Coene was sinds 1569 kapelaan te Bredene en Gistel. In 1571 werd hij kanunnik van Sint-Salvator te Brugge, wat hij combineerde met zijn functie als kapelaan te Zande. Na het overlijden van pastoor Franciscus Duutius werd hij in 1572 deservitor van de derde portie van Sint-Salvator te Brugge. Hij stierf vóór 14 maart 1578.
Links[odis]
SourcesWilhelm de Hauwere, Sinte Godelieve heure verheffinge en verfierteringe. In: Rond den Heerd: 6 (4 februari 1871) 11, p.85-86.
NameRycx, Egidius; Rycx, Joannes
SexMannelijk
BioEgidius of Joannes Rycx was sinds 23 januari 1568 pastoor van de Onze-Lieve-Vrouwekerk van Gistel. Daarvoor was hij pastoor van de Westerportie van Onze-Lieve-Vrouw van Gistel, terwijl Johannes Cock de Oosterportie onder zijn hoede had.
Links[odis]
SourcesWilhelm de Hauwere, Sinte Godelieve heure verheffinge en verfierteringe. In: Rond den Heerd: 6 (8 januari 1871) 7, p.56.
Namede Muer, Johannes
SexMannelijk
Occupationprior
BioJohannes de Muer was prior van Oudenburg in 1557. Daarvoor komt hij voor als monnik in Sint-Andries in het jaar 1540 en in 1553.
SourcesWilhelm de Hauwere, Sinte Godelieve heure verheffinge en verfierteringe. In: Rond den Heerd: 6 (8 januari 1871) 7, p.56.
NameCock, Johannes
SexMannelijk
Occupationpastoor
BioJohannes Cock was pastoor van de Oosterportie van Onze-Lieve-Vrouw van Gistel, terwijl Johannes Rycx de Westerportie onder zijn hoede had.
SourcesWilhelm de Hauwere, Sinte Godelieve heure verheffinge en verfierteringe. In: Rond den Heerd: 6 (8 januari 1871) 7, p.56.
NameDierkens, Aarnout
Dates✝ Brugge, 1587
SexMannelijk
Occupationpastoor; kanunnik
BioAarnout Dierkens was kanunnik van Sint-Salvator te Brugge en pastoor van de gulden portie van Sint Salvator van 1552 tot 1558. In 1574 werd hij kapelaan van Sint-Pieters te Leuven, een functie die hij tot aan zijn dood, wellicht in 1587, bekleedde.
SourcesWilhelm de Hauwere, Sinte Godelieve heure verheffinge en verfierteringe. In: Rond den Heerd: 6 (21 januari 1871) 9, p.70; Wilhelm de Hauwere, Sinte Godelieve heure verheffinge en verfierteringe. In: Rond den Heerd: 6 (28 januari 1871) 10, p.79.
NameGrave, Christianus; Graeve, Christiaen
Dates° 16de eeuw
SexMannelijk
Occupationnotaris
BioChristiaan Grave was een zestiende-eeuwse notaris, erkend door zowel kerkelijke als wereldlijke autoriteiten. In 1557 registreerde en bezegelde hij de bisschoppelijke getuigenisbrieven toen de relieken van de H. Godelieve van Gistel in een nieuwe kist werden geplaatst.

Name - place

NameBrugge
SettlementBrugge
NameGistel
SettlementGistel
NameOudenburg
SettlementOudenburg
NameWestkerke
SettlementOudenburg
NameDoornik
NameThérouanne
NameNoyon
NameSoissons

Title - work by Guido Gezelle

TitleRond den Heerd. Een leer-en leesblad voor alle lieden.
Links[gezelle.be]

Title - other work

TitleActa S. Godelevae V. et M. patronae Ghistellensium collegit, digessit, illustravit
AuthorSollerius, Joannes Baptista
Date1720
PlaceAntverpiae
PublisherDu Moulin
GGBGGB 0935
TitleFlandria illustrata sive provinciae ac comitatus hujus descriptio
AuthorAntonius Sanderius
Date1735
PlaceBrussel
PublisherCarolus De Vos; Joannes-Baptist De Vos
GGB(3455 a)

Title04/09/1870, Brugge, Adolf Juliaan Duclos aan [Guido Gezelle]
EditorKoen Calis; Publicatie; Liesbeth Langouche (research); Marc Carlier (research)
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2025
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingKoen Calis; Publicatie; Liesbeth Langouche (research); Marc Carlier (research), Duclos Adolf Juliaan aan Gezelle Guido, Brugge (Brugge), 04/09/1870. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2025 Available from World Wide Web: link .
SenderDuclos, Adolf Juliaan
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent04/09/1870
Place SentBrugge (Brugge)
AnnotationLocatie origineel onbekend: brief is enkel in gepubliceerde vorm beschikbaar; briefversie van datering: sinte Rosalia, 1870.
Published inBrieven XLIII / door Adolf Duclos. - In: Rond den Heerd. - Jrg.5 (17 september 1870) nr.43, p.338-339
Physical Description
Condition volledig
Manuscript Identification
Repositorylocatie origineel onbekend
ID Gezelle Archivelocatie origineel onbekend
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.26936
Content Description
IncipitGij vraagt, in uwen voorlaatsten R. den H., of
Text Typebrief
LanguagesNederlands; Latijn
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.