<Hit 145 of 2965

>

+
English Seminary Bruges

Weledele Zeer Geleerde Heer,[1]

Zie in uw geëerd weekblad ‘Alleman's Vriend’, dat gy my de eere gedaen hebt te zenden, dat gy eene vertaling uitgeeft van Vrouw Düringsfeld's ‘geistliche Leben etc.’[2] en dat gy die vertaling laet vergezeld gaen van hier-end-daer een verbeterende nota; mag ik u verzoeken de volgende of gelykgeldende te voegen onder het artikel[3] dat uwen dienaer betreft den schryver van tegenwoordigen brief?

Nota van den vertaler. Wy hebben genoegzaeme gronden om te verzekeren dat Mr. Gaillard, (schoon hy stadgenoot zy van Mr. G.,) Mevrouw Düringsfeld kwalyk ingelicht heeft aengaende de levensomstandigheden van den tegenwoordigen schryver. Zyn Peter was niet de baron G. van Zuylen Gaesbek (sic)[4] gemelde Heer van Zuylen, noch eenig ander is oorzaek of hulpe geweest tot zyn intrede in 't Kollegie[5] noch heeft iemand iets hoegenaemd te doen gehad met den keus van zynen staet, in de maniere zoo als beweerd wordt.[6]

Indien het mynheer uitgever aengenaem is zal ik hem den vlaemschen text van 't ‘ranke riet’ toezenden. Ik zende hier benevens met den post een exemplaer van myne ‘Kerkhofblommen’ en ik zou my grootelyks vereerd achten mogten zy plaets vinden in uw geëerd blad evenals eenige andere myner gedichtjens die u zouden aenstaen mits behoud van myne spellinge.

Groete ulieden allemans vriendelyk
Guido Gezelle presbyter
:-:[7]
professor v. Philosophie in 't
Engelsch Seminarie
Brugge.

Annotations

[1] De locatie van de originele brief is onbekend. De brief is enkel in gepubliceerde versie beschikbaar: A. van Tichelen, Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle. In: Dietsche Warande en Belfort: 95 (1950) 2, p.120-122. Ook: A. Viaene, De doopnaam van Guido Gezelle. In: Biekorf: 56 (1955), p.13.
[2] In het najaar van 1860 verscheen dit bekende werk van Ida von Düringsfeld: Von der Schelde bis zur Maas. Das geistige Leben der Vlamingen seit dem Wiederaufblühen der Literatur. Enkele jaren eerder had de schrijfster door Vlaanderen gereisd en daarbij contact gelegd met tal van prominente literaire figuren. Tijdens haar verblijf verzamelde ze bio- en bibliografische gegevens van Vlaamse auteurs – in totaal 181 – die ze alfabetisch ordende. Bovendien voorzag ze het werk van zorgvuldig vertaalde fragmenten uit poëzie en proza van de meeste schrijvers die ze beschreef. In haar levensbeschrijving van Guido Gezelle voegde Ida von Düringsfeld een vertaling toe van ‘O! 't ruischen van het ranke riet!’, die opmerkelijk dicht bij het oorspronkelijke gedicht blijft.

De biografie zelf is beknopt: ‘Gezelle (Guido), geboren den 1. Mai 1830 zu Brügge von wenig bemittelten Eltern. Sein Pathe, der Baron G. Van Zuylen Gaesbek, war es, der ihn zuerst am Collegium zu Brügge and dann auf dem kleinen Seminar zu Roulers oder Rousselaere studieren liesz. Den Wunsch seines Beschützers nach sollte Gezelle Arzt werden, doch er hatte die bestimmteste Neigung zum Priesterstande’. En de slotzin luidt: ‘Seine Biographie verdanke ich Delphin Gaillard aus Brügge’.

Het is begrijpelijk dat de biografie zo kort is want toen de Duitse schrijfster in Vlaanderen verbleef, genoot Gezelle buiten een beperkte West-Vlaamse kring nog nauwelijks erkenning of waardering. Dit verklaart waarom zijn levensschets veel korter is in vergelijking met de uitvoerige portretten die zij aan andere auteurs wijdde. (A. van Tichelen, Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle. In: Dietsche Warande en Belfort: 95 (1950) 2, p.120).

[3] Harry Peters maakte voor het weekblad Alleman’s Vriend een vrije vertaling van het werk van Ida von Düringsfeld. Hij nam haar biografische aantekeningen over, vulde deze aan, kortte ze in waar nodig en corrigeerde fouten wanneer hij dacht dat de schrijfster verkeerd was geïnformeerd. Zijn vertaling, die hij de titel Het geestige leven der Vlamingen gaf, werd vanaf 2 december 1860 wekelijks gepubliceerd en liep een jaar lang door. (A. van Tichelen, Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle. In: Dietsche Warande en Belfort: 95 (1950) 2, p.120).
[4] Guido Gezelle wil het peterschap van baron Guido van Zuylen van Nyevelt niet afwijzen, maar wel het gebruik van de naam ‘Gaesbek’ omwille van de negatieve connotatie.

1. De overgrootmoeder van baron Guido van Zuylen, Marie-Anne van Steelant, was dame van Gaesebeke, een landgoed in Frans-Vlaanderen. Alleen de afstammelingen van haar oudste zoon namen de naam ‘Van Zuylen van Nyevelt de Gaesebeke’ aan. De nakomelingen van haar tweede zoon, waaronder de grootvader van baron Guido, deden dat niet.

Tot de oudste tak behoorde Jean-Antoine Van Zuylen van Nyevelt de Gaesebeke (1748-1797), een berucht lid van de Brugse ‘Jacobijnse’ club ‘Société des Amis de la Liberté et d’Égalité’ tijdens het Franse bewind (1792-1793). Hij verbrandde op de Markt symbolen van de Habsburgse soevereinen, waaronder portretten, blazoenen en galgen. Daarnaast reisde hij naar Parijs met een verzoekschrift om Vlaanderen als departement bij Frankrijk te voegen. Na de Franse aftocht vluchtte hij naar Parijs en vestigde zich bij zijn moeder in Rijsel. Zijn brutale gedrag leverde hem en zijn nazaten de bijnaam ‘Gasbeeste’ op.

2. Deze Germaanse schrijfwijze ‘Gaesbek’ (sic, schrijft Gezelle) van de naam Gaesebeke door Ida von Düringsfeld heeft in het Vlaams de ironische bijklank van ‘gasbek’ of ‘bec de gaz’. (In: Biekorf: 56 (1955), p.17-18 en Biekorf: 96 (1996), p.226-230).

[5] Guido Gezelle vatte in 1841 zijn humaniorastudies aan in dit college.
[6] Harry Peters publiceerde deze opmerking onderaan zijn vertaald artikel over Gezelle in: Alleman's Vriend: (17 Maart 1861):

‘Wij hebben genoegzame gronden om te verzekeren dat Mevr. Von Duringsfeld kwalijk ingelicht is geweest aengaende de levensomstandigheden van M. Gezelle. Zijn peter was niet de baron G. Van Zuylen Gaesbek (sic); gemelde heer Van Zuylen noch eenig ander is de oorzaek of hulp geweest tot zijne intrede in 't kollegie, noch heeft iemand iets hoegenaemd te doen gehad met den keus van zynen staet, in de manier zoo als beweerd wordt. - De Vertaler.’ (A. van Tichelen, Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle. In: Dietsche Warande en Belfort: 95 (1950) 2, p.120).

[7] Deze brief is geschreven op blauw geruit papier zoals meerdere van Gezelles brieven uit 1860-1861. In enkele van die brieven noteerde Gezelle bovendien in zijn handtekening vijf puntjes, de dichter is zo ‘de vijf zoete wonden Christi’ indachtig. A. van Tichelen, Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle. In: Dietsche Warande en Belfort: 95 (1950) 2, p.121.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NamePeters, Herman Hendrik; Peters, Hermanicus Henricus; Peters, Harry
Dates° Mechelen, 31/01/1839 - ✝ Deurne, 15/05/1907
SexMannelijk
Occupationschrijver; journalist; publicist; vertaler; romancier; toneelschrijver
BioHerman Hendrik (Harry) Peters werd geboren in Mechelen op 31 januari 1839, als zoon van Petrus Laurentius, deurwaarder, en Josephina Maistriaux. Op 4 mei 1863 trouwde hij met Maria Ludovica Mechtildis Groesser (1833-1889), met wie hij drie zonen en een dochter kreeg. Op 16-jarige leeftijd verliet hij het Atheneum van Mechelen. Als autodidact ontpopte hij zich tot een veelzijdig literair talent: schrijver, publicist, journalist, romanschrijver en toneelschrijver. Hij werkte mee aan diverse liberale en Vlaamsgezinde kranten en tijdschriften, zoals ‘De Grondwet’, ‘Journal d’Anver’s', ‘Het Handelsblad en De Vlaemsche School’. Daarnaast deed hij vertaalwerk, waaronder voor het flamingantische tijdschrift ‘Alleman’s Vriend’, waar hij het werk ‘Von der Schelde bis zur Maas: Das geistige Leben der Vlamingen seit dem Wiederaufblühen der Literatur’ van Ida von Düringsfeld vertaalde. Hij was een geëngageerd schrijver die sociale onrechtvaardigheden aan de kaak stelde. Zijn boeken, zoals 'De Nachtspoken' (1859) en 'De Brandramp' (1861), steunden via hun opbrengst de hongerende wevers en slachtoffers van rampen. Hij pleitte voor verplicht onderwijs en verzette zich tegen de doodstraf. Zijn bekendste werk was een onderzoek naar de onterechte executie van Jan Coucke en Pieter Goethals in 1860, waarin hij ijverde voor eerherstel. Peters leidde de eerste moderne arbeidersbeweging, de Algemeene Werkmansbond, in Antwerpen. Hij was tevens actief verenigingen zoals rederijkerskamer 'De Olijftak' en toneelvereniging 'De Wijngaerd'. Vanaf 1 april 1871 trad hij aan als griffier van de Handelskamer van Antwerpen, wat zijn schrijfactiviteiten beperkte. Harry Peters overleed op 15 mei 1907 in Deurne en werd begraven naast zijn vrouw in een familiegraf dat hij zelf had ontworpen.
Relation to Gezellecorrespondent
Sources https://encyclopedievlaamsebeweging.be/nl/peters-harry; A. Van Tichelen, Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle. In: Dietsche Warande en Belfort: 95 (1950) 2, p.120-122; https://www.dbnl.org/tekst/bran038biog01_01/bran038biog01_01_3177.php

Sender

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Recipient

NamePeters, Herman Hendrik; Peters, Hermanicus Henricus; Peters, Harry
Dates° Mechelen, 31/01/1839 - ✝ Deurne, 15/05/1907
SexMannelijk
Occupationschrijver; journalist; publicist; vertaler; romancier; toneelschrijver
BioHerman Hendrik (Harry) Peters werd geboren in Mechelen op 31 januari 1839, als zoon van Petrus Laurentius, deurwaarder, en Josephina Maistriaux. Op 4 mei 1863 trouwde hij met Maria Ludovica Mechtildis Groesser (1833-1889), met wie hij drie zonen en een dochter kreeg. Op 16-jarige leeftijd verliet hij het Atheneum van Mechelen. Als autodidact ontpopte hij zich tot een veelzijdig literair talent: schrijver, publicist, journalist, romanschrijver en toneelschrijver. Hij werkte mee aan diverse liberale en Vlaamsgezinde kranten en tijdschriften, zoals ‘De Grondwet’, ‘Journal d’Anver’s', ‘Het Handelsblad en De Vlaemsche School’. Daarnaast deed hij vertaalwerk, waaronder voor het flamingantische tijdschrift ‘Alleman’s Vriend’, waar hij het werk ‘Von der Schelde bis zur Maas: Das geistige Leben der Vlamingen seit dem Wiederaufblühen der Literatur’ van Ida von Düringsfeld vertaalde. Hij was een geëngageerd schrijver die sociale onrechtvaardigheden aan de kaak stelde. Zijn boeken, zoals 'De Nachtspoken' (1859) en 'De Brandramp' (1861), steunden via hun opbrengst de hongerende wevers en slachtoffers van rampen. Hij pleitte voor verplicht onderwijs en verzette zich tegen de doodstraf. Zijn bekendste werk was een onderzoek naar de onterechte executie van Jan Coucke en Pieter Goethals in 1860, waarin hij ijverde voor eerherstel. Peters leidde de eerste moderne arbeidersbeweging, de Algemeene Werkmansbond, in Antwerpen. Hij was tevens actief verenigingen zoals rederijkerskamer 'De Olijftak' en toneelvereniging 'De Wijngaerd'. Vanaf 1 april 1871 trad hij aan als griffier van de Handelskamer van Antwerpen, wat zijn schrijfactiviteiten beperkte. Harry Peters overleed op 15 mei 1907 in Deurne en werd begraven naast zijn vrouw in een familiegraf dat hij zelf had ontworpen.
Relation to Gezellecorrespondent
Sources https://encyclopedievlaamsebeweging.be/nl/peters-harry; A. Van Tichelen, Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle. In: Dietsche Warande en Belfort: 95 (1950) 2, p.120-122; https://www.dbnl.org/tekst/bran038biog01_01/bran038biog01_01_3177.php

Place

NameBrugge
SettlementBrugge

Name - person

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Namevon Düringsfeld, Ida
Dates° Militsch, 12/11/1815 - ✝ Stuttgart, 25/10/1876
SexVrouwelijk
Occupationschrijver
ResidenceDuitsland
BioIda Von Düringsfeld huwde in 1845 met baron Otto von Reinsberg. Samen verbleven ze lange tijd in België om de folklore en cultuur te beschrijven. In haar driedelige bloemlezing Von der Schelde bis zur Maas (3 delen, Leipzig en Brussel, 1861) verzamelde ze de Vlaamse literatuur sinds het ontstaan van België. Hierbij introduceerde ze als eerste het werk en de figuur van Guido Gezelle voor een Duits publiek.
Links[dbnl]
Sources https://nevb.be/wiki/D%C3%BCringsfeld,_Ida_von
NamePeters, Herman Hendrik; Peters, Hermanicus Henricus; Peters, Harry
Dates° Mechelen, 31/01/1839 - ✝ Deurne, 15/05/1907
SexMannelijk
Occupationschrijver; journalist; publicist; vertaler; romancier; toneelschrijver
BioHerman Hendrik (Harry) Peters werd geboren in Mechelen op 31 januari 1839, als zoon van Petrus Laurentius, deurwaarder, en Josephina Maistriaux. Op 4 mei 1863 trouwde hij met Maria Ludovica Mechtildis Groesser (1833-1889), met wie hij drie zonen en een dochter kreeg. Op 16-jarige leeftijd verliet hij het Atheneum van Mechelen. Als autodidact ontpopte hij zich tot een veelzijdig literair talent: schrijver, publicist, journalist, romanschrijver en toneelschrijver. Hij werkte mee aan diverse liberale en Vlaamsgezinde kranten en tijdschriften, zoals ‘De Grondwet’, ‘Journal d’Anver’s', ‘Het Handelsblad en De Vlaemsche School’. Daarnaast deed hij vertaalwerk, waaronder voor het flamingantische tijdschrift ‘Alleman’s Vriend’, waar hij het werk ‘Von der Schelde bis zur Maas: Das geistige Leben der Vlamingen seit dem Wiederaufblühen der Literatur’ van Ida von Düringsfeld vertaalde. Hij was een geëngageerd schrijver die sociale onrechtvaardigheden aan de kaak stelde. Zijn boeken, zoals 'De Nachtspoken' (1859) en 'De Brandramp' (1861), steunden via hun opbrengst de hongerende wevers en slachtoffers van rampen. Hij pleitte voor verplicht onderwijs en verzette zich tegen de doodstraf. Zijn bekendste werk was een onderzoek naar de onterechte executie van Jan Coucke en Pieter Goethals in 1860, waarin hij ijverde voor eerherstel. Peters leidde de eerste moderne arbeidersbeweging, de Algemeene Werkmansbond, in Antwerpen. Hij was tevens actief verenigingen zoals rederijkerskamer 'De Olijftak' en toneelvereniging 'De Wijngaerd'. Vanaf 1 april 1871 trad hij aan als griffier van de Handelskamer van Antwerpen, wat zijn schrijfactiviteiten beperkte. Harry Peters overleed op 15 mei 1907 in Deurne en werd begraven naast zijn vrouw in een familiegraf dat hij zelf had ontworpen.
Relation to Gezellecorrespondent
Sources https://encyclopedievlaamsebeweging.be/nl/peters-harry; A. Van Tichelen, Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle. In: Dietsche Warande en Belfort: 95 (1950) 2, p.120-122; https://www.dbnl.org/tekst/bran038biog01_01/bran038biog01_01_3177.php
NameGailliard, Delphin Louis Ernest
Dates° Brugge, 23/12/1838 - ✝ Brussel, 14/05/1898
SexMannelijk
Occupationdokter
BioDelphin Louis Ernest Gailliard werd geboren op 23 december 1838 te Brugge als oudste zoon van Jean Jacques Gailliard (1801-1867), een Brugse drukker en uitgever, en Isabelle Françoise Sophie Coucke (1808-1878). Hij was de broer van Edward Gailliard. Net als zijn broer volgde Delphin zijn humaniorastudies aan het kleinseminarie van Roeselare, waar hij in de poësis-klas (1857-1858) les kreeg van Guido Gezelle. In 1863 voltooide hij zijn studies geneeskunde, chirurgie en verloskunde aan de universiteit van Brussel. Nadien specialiseerde hij zich in de homeopathie, waarvan hij een fervent en belangrijk voorstander werd. Op 29 november 1866 huwde hij met Mathilde Marie Vande Casteele te Brugge. Dr. Delphin Gailliard werd in 1864 als armendokter geweigerd door de gevestigde geneesheren van Brugge, net omdat hij homeopaat was. Hij was een van de initiatiefnemers van het tijdschrift L'Homoeopathie Militante (1878-1882), de spreekbuis van de meest radicale aanhangers, en auteur van onder meer L'Homoeopathie Vengée, uitgegeven in 1869 te Parijs. Hij overleed in 1898.
Relation to Gezelleoud-leerling kleinseminarie Roeselare
SourcesRijksarchief; https://nl.geneanet.org/; A. H. M. van Baal, In search of a cure : the patients of the Ghent homoeopathic physician Gustave A. Van den Berghe (1837-1902), Thesis: Universiteit Amsterdam, 2004, p.31, p.46; https://www.archiefbankbrugge.be; W. Van Praet, De receptie van homeopathie in België: 1874-1914. In: BTNG-RBHC: 20 (1989), 1-2, p.107-139
Namevan Zuylen van Nyevelt, Guy Joseph Marie Ghislain
Dates° Brugge, 03/07/1809 - ✝ Brugge, 01/12/1852
SexMannelijk
Occupationgemeenteraadslid
BioGuy (Guido) Joseph Marie Ghislain van Zuylen van Nyevelt werd geboren op 3 juli 1809 in Brugge, als zoon van Joseph-Ghislain van Zuylen van Nyevelt (1761-1824) en zijn tweede echtgenote, Jeanne Arents de Beerteghem (1781-1866). Hij was de neef van Isabelle van Zuylen van Nyevelt (1796-1889), echtgenote van Theodoor Van de Walle (1780-1848), de huisbaas van het gezin Gezelle. In 1828 verkreeg Guy, samen met zijn mannelijke nakomelingen, de titel van baron op aanvraag van zijn vader. Hij stond ingeschreven aan de Rijksuniversiteit van Gent vanaf 1827 en werd, nog tijdens zijn studie in 1830, dooppeter van Guido Gezelle—waarbij zijn adellijke titel mogelijk een rol speelde. Guido Gezelle zou zijn voornaam aan hem te danken hebben. Hoewel hij republikeins bloed in zijn aderen had, evolueerden zijn politieke opvattingen. Hij was enige tijd secretaris van Louis-Joseph-Antoine de Potter (1786-1859), een journalist, schrijver, pamflettist en republikeins activist tijdens de Belgische Revolutie. Maar toen België een constitutionele monarchie werd, stuurde hij zijn ideeën bij en engageerde zich in het politieke en publieke leven. Hij werd gemeenteraadslid en actief in sociale en culturele initiatieven. Hij was lid van de commissie voor armenzorg, oprichter van de volksmaatschappij ‘Oud Brugge’—waarmee hij tevergeefs probeerde de middeleeuwse gilden voor arbeiders en patroons te herstellen—voorzitter van de koorvereniging ‘Société de Choeurs’ en secretaris van de provinciale vereniging voor bloemen en planten. Hij overleed op 1 december 1852 in Brugge.
Links[wikipedia]
Relation to Gezellepeter van Guido Gezelle
SourcesChristine D'haen, De wonde in 't hert, Tielt: Lannoo, 1988, p.69-70

Name - institute

NameEngels Seminarie
DescriptionHet Engels Seminarie te Brugge werd opgericht door John Sutton in 1858 met de steun van de Engelse katholieke kerkleiding. Sutton was een tot het katholieke geloof bekeerde Engelse baron die in 1855 een groot fortuin geërfd had. Hiermee liet hij scholen en kerkelijke gebouwen herstellen of bouwen en richtte hij katholieke instellingen op. In het Engels Seminarie werden Engelse, Schotse en Vlaamse jongens opgeleid tot missionarissen voor Engeland. Ook Gezelles broer Jozef was er een tijdje ingeschreven als leerling. Het seminarie was gevestigd langs de Lange Rei in Brugge, schuin tegenover het grootseminarie en verhuisde later naar de Potterierei, nu het Sint-Leocollege . Op 26 augustus 1860 werd Gezelle er aangesteld als professor in de filosofie. Hij zou er vijf jaar blijven, vanaf februari 1861 als vice-rector. De benoeming was voor Gezelle een hoogtepunt in zijn professioneel en sociaal leven. Door zijn functie kwam hij nu in contact met prominente Engelse clerici als Wiseman en Faber.
Dating1859-1873
Links[odis]
NameBischoppelijk college Onze-Lieve-Vrouw Ter Duinen, Brugge
DescriptionHet bisschoppelijk college Onze-Lieve-Vrouw Ter Duinen aan de Potterierei te Brugge werd in 1834 opgericht door François René Boussen, de eerste bisschop van Brugge sinds de stichting van België. De godsdienstvrijheid, verankerd in de liberale grondwet, bood hem de mogelijkheid om in West-Vlaanderen katholieke colleges voor jongens op te richten. Dit was noodzakelijk, aangezien het katholieke middelbaar onderwijs zwaar had geleden onder de opeenvolgende regimes van de Oostenrijkers, Fransen en Hollanders. Boussen bracht dit instituut annex met het Grootseminarie onder in het voormalige complex van de Abdij Onze-Lieve-Vrouw Ten Duinen, of kortweg Duinenabdij, aan de Potterierei te Brugge. De Orde van de Cisterciënzers was in 1796 door de Franse revolutionairen afgeschaft, waardoor het Brugse abdijgebouw leeg kwam te staan. Na meerdere herbestemmingen erfde het bisdom Brugge dit onroerend goed in 1833 van de laatste monnik, Nicolaas De Roover. Zo werd dit 'Collegie van Brugge' ook wel het 'Dunencollege' genoemd. Na de verhuis van de school naar de Noordzandstraat in 1845 kreeg het de naam 'Sint-Lodewijkscollege'.
Dating1834-1846
Links[odis], [wikipedia]

Title - poem by Guido Gezelle

TitleO! ' t Ruischen van het ranke riet!
PublicationDichtoefeningen (Verzameld dichtwerk, deel I), p. 125

Title - work by Guido Gezelle

TitleKerkhofblommen (Kerkhofbloemen)
Links[gezelle.be]

Title - other work

TitleVon der Schelde bis zur Maas : das geistige Leben der Vlamingen seit dem Wiederaufblühen der Literatur: Biographien, Bibliographien und Proben
Authorvon Düringsfeld, Ida
PlaceLeipzig
PublisherAd. Lehmann
TitleAlleman's vriend: letterkundig weekblad, romans, verhalen, reisbeschryvingen, volksliedjes, anekdoten, kunst- en letternieuws, enz (periodical)
Date1860-1862
PlaceAntwerpen
PublisherTh. Hamilton

Title03/03/1861, Brugge, Guido Gezelle aan [Herman Hendrik (Harry) Peters]
EditorMiet Hubrechts; Publicatie
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2025
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingMiet Hubrechts; Publicatie, Gezelle Guido aan Peters Herman Hendrik, Brugge (Brugge), 03/03/1861. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2025 Available from World Wide Web: link .
SenderGezelle, Guido
Recipient[Peters, Herman Hendrik]
Date Sent03/03/1861
Place SentBrugge (Brugge)
AnnotationLocatie origineel onbekend: brief is enkel in gepubliceerde versie beschikbaar; adressaat gereconstrueerd op basis van de publicatie.
Published inDe doopnaam van Guido Gezelle / door A. Viaene. - in : Biekorf. - Jrg. 56 (1955), p.13; Bij een onuitgegeven brief van Guido Gezelle / door A. Van Tichelen. - in : Dietsche Warande en Belfort. - Jrg. 95 (1950) nr.2, p.120-122
Physical Description
Condition volledig
Manuscript Identification
Repositorylocatie origineel onbekend
ID Gezelle Archivelocatie origineel onbekend
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.25720
Content Description
IncipitZie in uw geëerd weekblad 'Alleman's Vriend', dat gy my de eere gedaen hebt
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.