<Hit 2432 of 2965

>

p1

Convent of the Holy Child Jesus[1]

12 et 13 Nottingham place Regent's Park

London

Under the patronage of His Eminence the Cardinal Archbishop.

De la part de Mme Vercruysse D'Hondt avec prière de vouloir demander des renseignements sur la maison susdite.

Annotations

[1] Guido Gezelle schreef zijn brief op de keerzijde van deze brief van Marie-Philippine D'Hondt (= mevrouw Marie-Philippine Vercruysse). Het briefje van D’Hondt staat in het midden op zijden 1-3. Op het geheel schreef Helena Walton vervolgens een notitie (p.4).

Register

Correspondents - persons

NameD'Hondt, Marie-Philippine; Maria Philomena; Mevrouw Vercruysse
Dates° Gent, 16/10/1838 - ✝ Kortrijk, 15/07/1908
SexVrouwelijk
BioMaria Philomena d’Hondt (1838-1908) huwde op 7 mei 1863 te Gent met Victor Vercruysse (1832-1923), waarmee ze een zoon Léon en drie dochters had: Margaretha Maria (1865-1950), Julia Victorine (1871-1938) en Maria Theresia (1872-1958). Maria Philomena was raadslid van de ‘Dames de la Miséricorde’ van 1883 tot 1887, en voorzitster vanaf 1887. Het gezin behoorde al sinds 1875 tot Gezelles kennissenkring. Hij ging geregeld bij de familie Vercruysse middagmalen in de Leopoldstraat 17 te Kortrijk. Maria Philomena d’Hondt was de nicht van Emily Berry met wie Gezelle ook correspondeerde.
Relation to Gezellecorrespondent
Sources https://gw.geneanet.org ; Leiegouw: 14 (1973) 3, p.338
NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Sender

NameD'Hondt, Marie-Philippine; Maria Philomena; Mevrouw Vercruysse
Dates° Gent, 16/10/1838 - ✝ Kortrijk, 15/07/1908
SexVrouwelijk
BioMaria Philomena d’Hondt (1838-1908) huwde op 7 mei 1863 te Gent met Victor Vercruysse (1832-1923), waarmee ze een zoon Léon en drie dochters had: Margaretha Maria (1865-1950), Julia Victorine (1871-1938) en Maria Theresia (1872-1958). Maria Philomena was raadslid van de ‘Dames de la Miséricorde’ van 1883 tot 1887, en voorzitster vanaf 1887. Het gezin behoorde al sinds 1875 tot Gezelles kennissenkring. Hij ging geregeld bij de familie Vercruysse middagmalen in de Leopoldstraat 17 te Kortrijk. Maria Philomena d’Hondt was de nicht van Emily Berry met wie Gezelle ook correspondeerde.
Relation to Gezellecorrespondent
Sources https://gw.geneanet.org ; Leiegouw: 14 (1973) 3, p.338

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

Nameonbekend

Name - person

NameD'Hondt, Marie-Philippine; Maria Philomena; Mevrouw Vercruysse
Dates° Gent, 16/10/1838 - ✝ Kortrijk, 15/07/1908
SexVrouwelijk
BioMaria Philomena d’Hondt (1838-1908) huwde op 7 mei 1863 te Gent met Victor Vercruysse (1832-1923), waarmee ze een zoon Léon en drie dochters had: Margaretha Maria (1865-1950), Julia Victorine (1871-1938) en Maria Theresia (1872-1958). Maria Philomena was raadslid van de ‘Dames de la Miséricorde’ van 1883 tot 1887, en voorzitster vanaf 1887. Het gezin behoorde al sinds 1875 tot Gezelles kennissenkring. Hij ging geregeld bij de familie Vercruysse middagmalen in de Leopoldstraat 17 te Kortrijk. Maria Philomena d’Hondt was de nicht van Emily Berry met wie Gezelle ook correspondeerde.
Relation to Gezellecorrespondent
Sources https://gw.geneanet.org ; Leiegouw: 14 (1973) 3, p.338
NameVaughan, Herbert Alfred
Dates° Gloucester, 15/04/1832 - ✝ Londen, 19/06/1903
SexMannelijk
Occupationpriester; bisschop; aartsbisschop; kardinaal-priester
ResidenceEngeland
BioHerbert Vaughan was de zoon van kolonel John F. Vaughan en Eliza Roll. Hij studeerde aan het jezuïetencollege te Stoneyhurst (1841) en volgde een Jezuïetenopleiding te Brugge (1846). Hij studeerde verder te Downside Abbey (1849) en volgde een academische opleiding aan de Universiteit Gregoriana Rome (1851). Hij werd te Lucca (Italië) tot priester gewijd op 28 oktober 1854. Hij werd vervolgens vicepresident van St. Edmund's College, Ware (1855). Hij ondernam verschillende missionaire reizen naar Amerika vanuit deze functie. Vervolgens trad hij toe tot kardinaal Henry Edward Mannings orde 'The Oblates of St. Charles' (1857). Hij verliet St. Edmund's in 1861 om geldinzamelingen te houden om een missionarissenschool op te richten. Hij was de stichter en leider van de gemeenschap van apostolisch leven, later bekend als de Missionarissen van Mill Hill (1864). Op 19 maart 1866 opende hij St. Joseph’s College te Mill Hill. In 1872 werd hij benoemd tot tweede bisschop van Salford. Hij werd door kardinaal Henry Edward Manning gewijd op 28 oktober 1872. Vervolgens stichtte Vaughan een nieuw seminarie te Oscott. Hij kocht in 1868 de krant ‘The Tablet’ op om zijn ultramontaanse mening over de onfeilbaarheid van de paus te propageren. Op 8 april 1892 werd hij door paus Leo XIII tot aartsbisschop van Westminster benoemd. Hij werd vervolgens op 16 januari 1893 kardinaal en was de grondlegger van de Westminster Cathedral (1895). Vaughan overleed te Mill Hill op 19 juni 1903 aan hartfalen en werd er aanvankelijk begraven in de kapel van het seminarie, om later bijgezet te worden in de kathedraal.
Links[wikipedia]
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III

Name - place

NameLonden

Name - institute

NameConvent of the Sisters of the Holy Child Jesus, Nottingham Place
DescriptionHet klooster van de Sisters of the Holy Child Jesus, 12 & 13 Nottingham Place, Regent’s Park, Londen was een bijhuis van het moederhuis van het klooster van de Sisters of the Holy Child Jesus in St. Leonard’s-on-Sea. De zusters in Nottingham Place runden een kostschool en dagschool voor meisjes. Ze boden ‘a sound English education’ met daarbij lessen Frans, Latijn, tekenen en naaien. De zusters openden in 1851 vanuit St. Leonard’s-On-Sea een klooster met armenschool in Londen. Na enkele verhuizingen vestigden ze zich in 1875 in Nottingham Place.
Dating1875-?

Titlexx/xx/[1897 ?], s.l., [Marie-Philippine D'Hondt] (= mevrouw Marie-Philippine Vercruysse)] aan Guido Gezelle
EditorJulien Vermeulen; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2024
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingJulien Vermeulen; Universiteit Antwerpen, D'Hondt Marie-Philippine aan Gezelle Guido, onbekend, xx/xx/[1897 ?]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2024 Available from World Wide Web: link .
Sender[D'Hondt, Marie-Philippine]
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sentxx/xx/[1897 ?]
Place Sentonbekend
AnnotationDatum gereconstrueerd op basis van de publicatie; adressaat gereconstrueerd op basis van de brieftekst.
Published inDe briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen 1854-1899 / door B. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, (o.l.v.) A. Deprez. - Gent : Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.II, p.298-299
Physical Description
Support Material 135 mm x 104 mm
papiersoort: 2 zijden beschreven
Condition volledig
Lay-out op zijde 1 een brief van Guido Gezelle aan Helena Weale en op zijde 4 verticaal: notitie van Helena Weale
Additions op zijde 1 links in de bovenrand: Aan Mevr. James Weale (inkt, hand P.A.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive8830
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.25562
Content Description
IncipitConvent of the Holy Child Jesus
Text Typebrief
LanguagesEngels; Frans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.