<Hit 283 of 2965

>

p1+
Engl. college Bruges

My dear child in Jesus Christ[2]

This is a great and consoling oracle of the holy Ghost for me that virtue gets perfected in infirmity so I will make use of it and commence by it my answer to that blotched letter of yours in which you own yourself to be restless and I do not know what. Feeling ones own infirmity is such a great deal, and owning it to be even greater than it is is a great deal more and so among the thorns of infirmity grows the lily of virtue. I think it must be very hard at times to be outwardly very affectionnate[3] and not spitefull[4] against that one will of his which is an obstacle to what I fancy to be your most ardent wish if it were possible to love him and not offend him ever to be firm but not angry; however we can pray that it may be so knowing that we will have to pray again very often and confess and the rest of it. Perfect equality of temper & meekness is a thing of a better world than this.

I hope there is no more frightening you now by telling you that you are doing wrong; you know you are p2not and that as far as duty goes all is right. I certainly think leaving him and being imprudent on that way will not further your wishes, treating about the matter jocosely will perhaps make him fancy you might not be quite in earnest about it. I promise you faithfully to tell you if I should think of anything else. I will say no more about Jealousy. I do not distrust your veracity nor can I say that I do your

Annotations

[1] De ‘rogation days’ of kruisdagen zijn de maandag, dinsdag en woensdag voorafgaand aan Hemelvaart.
[2] De brief eindigt plots en werd blijkbaar nooit verzonden.
[3] Foutief voor ‘affectionate’.
[4] Foutief voor ‘spiteful’.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameSteinmetz, Margaret Marie Pauline
Dates° Brugge, 03/07/1841 - ✝ Dublin, 02/02/1924
SexVrouwelijk
BioMargaret (Marguerite) Pauline Marie Steinmetz werd op 3 juli 1841 in Brugge geboren als dochter van John Steinmetz (1795-1883) en Marie-Sophie Van der Ghote (1814-1898). Net als haar zussen (die allemaal kloosterlinge werden) kreeg ze Latijn en Grieks van een privéleraar. Hun vader gaf hen lessen culturele vorming (inclusief tekenles), Engels en Frans. Samen met haar moeder en zussen borduurde zij religieuze gewaden voor de Karmelietenkerk. In 1875 reisde vader John naar Schotland, waar Margaret verbleef bij haar toekomstige schoonfamilie: de familie Smith-Sligo. Op 1 februari 1876 huwde Margaret met James Paul Smith (°1820, Edinburgh) in Oostende. Het echtpaar kreeg vijf kinderen: Alistair Francis Smith-Steinmetz (1877-1953), Gerard Archibald John Smith-Steinmetz (1878-1936), Pauline M.F.C. Smith-Steinmetz (°1880), Alfred B.J. Smith-Steinmetz (1881-1942), Philomena Joan (in sommige bronnen: Philipina John) Smith-Steinmetz (1884-1959). In 1881 stond het gezin ingeschreven in Saline, Fife, Schotland, in 1891 in Edinburgh St. Mary, Midlothian, Schotland. In 1911 stond Margaret als weduwe geregistreerd in Tipperary, Ierland, samen met haar dochter Philomena. Ze overleed in Dublin op 2 februari 1924.
Relation to Gezellecorrespondent
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Tablettes des Flandres, V (1953), p. 22 (voetnoot); https://www.ancestry.co.uk/;

Sender

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Recipient

NameSteinmetz, Margaret Marie Pauline
Dates° Brugge, 03/07/1841 - ✝ Dublin, 02/02/1924
SexVrouwelijk
BioMargaret (Marguerite) Pauline Marie Steinmetz werd op 3 juli 1841 in Brugge geboren als dochter van John Steinmetz (1795-1883) en Marie-Sophie Van der Ghote (1814-1898). Net als haar zussen (die allemaal kloosterlinge werden) kreeg ze Latijn en Grieks van een privéleraar. Hun vader gaf hen lessen culturele vorming (inclusief tekenles), Engels en Frans. Samen met haar moeder en zussen borduurde zij religieuze gewaden voor de Karmelietenkerk. In 1875 reisde vader John naar Schotland, waar Margaret verbleef bij haar toekomstige schoonfamilie: de familie Smith-Sligo. Op 1 februari 1876 huwde Margaret met James Paul Smith (°1820, Edinburgh) in Oostende. Het echtpaar kreeg vijf kinderen: Alistair Francis Smith-Steinmetz (1877-1953), Gerard Archibald John Smith-Steinmetz (1878-1936), Pauline M.F.C. Smith-Steinmetz (°1880), Alfred B.J. Smith-Steinmetz (1881-1942), Philomena Joan (in sommige bronnen: Philipina John) Smith-Steinmetz (1884-1959). In 1881 stond het gezin ingeschreven in Saline, Fife, Schotland, in 1891 in Edinburgh St. Mary, Midlothian, Schotland. In 1911 stond Margaret als weduwe geregistreerd in Tipperary, Ierland, samen met haar dochter Philomena. Ze overleed in Dublin op 2 februari 1924.
Relation to Gezellecorrespondent
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Tablettes des Flandres, V (1953), p. 22 (voetnoot); https://www.ancestry.co.uk/;

Place

NameBrugge
SettlementBrugge

Name - institute

NameEngels Seminarie
DescriptionHet Engels Seminarie te Brugge werd opgericht door John Sutton in 1858 met de steun van de Engelse katholieke kerkleiding. Sutton was een tot het katholieke geloof bekeerde Engelse baron die in 1855 een groot fortuin geërfd had. Hiermee liet hij scholen en kerkelijke gebouwen herstellen of bouwen en richtte hij katholieke instellingen op. In het Engels Seminarie werden Engelse, Schotse en Vlaamse jongens opgeleid tot missionarissen voor Engeland. Ook Gezelles broer Jozef was er een tijdje ingeschreven als leerling. Het seminarie was gevestigd langs de Lange Rei in Brugge, schuin tegenover het grootseminarie en verhuisde later naar de Potterierei, nu het Sint-Leocollege . Op 26 augustus 1860 werd Gezelle er aangesteld als professor in de filosofie. Hij zou er vijf jaar blijven, vanaf februari 1861 als vice-rector. De benoeming was voor Gezelle een hoogtepunt in zijn professioneel en sociaal leven. Door zijn functie kwam hij nu in contact met prominente Engelse clerici als Wiseman en Faber.
Dating1859-1873
Links[odis]

Title22/05/1865, Brugge, [Guido Gezelle] aan [Margaret Marie Pauline Steinmetz ?]
EditorInge Geysen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2024
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingInge Geysen, Gezelle Guido aan Steinmetz Margaret Marie Pauline?, Brugge (Brugge), 22/05/1865. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2024 Available from World Wide Web: link .
Sender[Gezelle, Guido]
Recipient[Steinmetz, Margaret Marie Pauline??]?
Date Sent22/05/1865
Place SentBrugge (Brugge)
AnnotationBriefversie van datering: 1 rogation day, 65 ; adressant gereconstrueerd op basis van het handschrift ; adressaat gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens en onzeker ; de brief eindigt plots en werd blijkbaar nooit verzonden.
Published inBrieven van, aan en over Gezelle II, p.138-139 (115b); De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen 1854-1899 / door B. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, (o.l.v.) A. Deprez. - Gent : Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.II, p.52
Physical Description
Support Material 1 enkel vel, 211 mm x 135 mm
papier, wit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Condition fragment: brief niet verder geschreven
Additions op zijde 1 links in de bovenrand: Aan ? ; idem rechts onder de datum: [22/5] (inkt, beide hand P.A.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive8873
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.17137
Content Description
IncipitThis is a great and consoling oracle of
Text Typebrief
LanguagesEngels
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.