<Hit 2034 of 2965

>

p1
Achtbare Heer,

Ik heb de eer u uit te noodigen tot mijne inhaling als Pastor van Sweveghem,[1] op Dinsdag 1sten December ten 11 ure voormiddag en tot het noenmaal dat na de kerkelijke plechtigheid zal

Aanveerd, Mijnheer de Directeur, mijne vriendelijke groetenissen,
Am Nuytten, pastor
Bovekerke den 25 November 1891

Antw. a.u.b.

Aan Mr Creupelant.

p2

Annotations

[1] Op 20 november 1891 werd Amedeus Nuytten pastoor aangesteld te Zwevegem (Sint-Amandskerk). Zijn plechtige mis ging door op 1 december 1891.
smalle / wet Reewaar ‘t jeukt moet er geschart worden.schartenjeuken Onderstrepingen van Guido Gezelle in blauw potlood.z. Zie. weten Onderstrepingen van Guido Gezelle in blauw potlood. Zie.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameNuytten, Amedeus Polycarpus
Dates° Ieper, 20/09/1837 - ✝ Zwevegem, 01/03/1912
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; pastoor
BioAmedeus Nuytten werd geboren te Ieper op 20 september 1837 als zoon van Carolus, metselaar, en Maria Domicent. Op 26 september 1862 werd hij benoemd tot subregent en leraar aan het college van Menen. Op 4 juni 1863 ontving hij de priesterwijding te Brugge. Zijn priesterlijke loopbaan begon op 13 september 1878, toen hij werd aangesteld tot onderpastoor aan de Sint-Amandskerk te Zwevegem. Vervolgens werd hij op 20 juli 1883 benoemd tot pastoor van de Sint-Geertruikerk in Bovekerke. Op 20 november 1891 keerde hij terug naar Zwevegem als pastoor van de Sint-Amandskerk. Daar bleef hij tot het einde van zijn leven werkzaam en overleed er op 1 maart 1912.
Links[odis]

Sender

NameNuytten, Amedeus Polycarpus
Dates° Ieper, 20/09/1837 - ✝ Zwevegem, 01/03/1912
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; pastoor
BioAmedeus Nuytten werd geboren te Ieper op 20 september 1837 als zoon van Carolus, metselaar, en Maria Domicent. Op 26 september 1862 werd hij benoemd tot subregent en leraar aan het college van Menen. Op 4 juni 1863 ontving hij de priesterwijding te Brugge. Zijn priesterlijke loopbaan begon op 13 september 1878, toen hij werd aangesteld tot onderpastoor aan de Sint-Amandskerk te Zwevegem. Vervolgens werd hij op 20 juli 1883 benoemd tot pastoor van de Sint-Geertruikerk in Bovekerke. Op 20 november 1891 keerde hij terug naar Zwevegem als pastoor van de Sint-Amandskerk. Daar bleef hij tot het einde van zijn leven werkzaam en overleed er op 1 maart 1912.
Links[odis]

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameBovekerke
SettlementKoekelare

Name - person

NameCrupelant, Karel; Crupelant, Carolus Ludovicus
Dates° Gullegem, 12/05/1844 - ✝ Haringe, 27/01/1893
SexMannelijk
Occupationpriester; coadjutor; onderpastoor; pastoor
BioCarolus Crupelant werd geboren te Gullegem op 12 mei 1844 als zoon van Hubertus, arbeider, en Theresia Gheysen, herbergierster. Hij werd tot priester gewijd te Brugge op 2 april 1870. Kort daarna, op 2 juli 1870, werd hij benoemd tot coadjutor in de Sint-Elooiskerk te Ettelgem. Twee jaar later, op 29 april 1872, volgde zijn aanstelling als onderpastoor van de Sint-Bartskerk in Pollinkhove, waar hij meer dan tien jaar actief was. Op 30 juli 1883 werd hij aangesteld als onderpastoor van de Sint-Amandskerk te Zwevegem, waar hij samenwerkte met de pastoors Roger Vital, Renatus De Tollenaere en enkele maanden ook met Amedeus Nuytten. Op 10 februari 1892 verliet hij Zwevegem om pastoor te worden in de Sint-Maartenskerk te Haringe waar hij een jaar later reeds, op 27 januari 1893, overleed.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent
NameNuytten, Amedeus Polycarpus
Dates° Ieper, 20/09/1837 - ✝ Zwevegem, 01/03/1912
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; pastoor
BioAmedeus Nuytten werd geboren te Ieper op 20 september 1837 als zoon van Carolus, metselaar, en Maria Domicent. Op 26 september 1862 werd hij benoemd tot subregent en leraar aan het college van Menen. Op 4 juni 1863 ontving hij de priesterwijding te Brugge. Zijn priesterlijke loopbaan begon op 13 september 1878, toen hij werd aangesteld tot onderpastoor aan de Sint-Amandskerk te Zwevegem. Vervolgens werd hij op 20 juli 1883 benoemd tot pastoor van de Sint-Geertruikerk in Bovekerke. Op 20 november 1891 keerde hij terug naar Zwevegem als pastoor van de Sint-Amandskerk. Daar bleef hij tot het einde van zijn leven werkzaam en overleed er op 1 maart 1912.
Links[odis]

Name - place

NameBovekerke
SettlementKoekelare

Title25/11/1891, Bovekerke, Amedeus Polycarpus Nuytten aan [Guido Gezelle]
EditorJulien Vermeulen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2025
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingJulien Vermeulen, Nuytten Amedeus Polycarpus aan Gezelle Guido, Bovekerke (Koekelare), 25/11/1891. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2025 Available from World Wide Web: link .
SenderNuytten, Amedeus Polycarpus
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent25/11/1891
Place SentBovekerke (Koekelare)
AnnotationAdressaat gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Physical Description
Support Material 2 enkele vellen, enkel vel 1: 102 mm x 132 mm; enkel vel 2: 102 mm x 132 mm
papier, wit, vierkant geruit (groot)
papiersoort: 4 zijden beschreven, inkt
Condition volledig: brief verknipt tot twee taalkundige fiches en volledig gereconstrueerd
Additions op zijde 2 links: 182 (potlood, verticaal, onbekende hand) ; idem rechts: taalkundige notities: waar ‘t jeukt moet er gescha- //rt worden. // scharten // jeuken // z. weten (inkt en blauw potlood, verticaal, hand G.G.); op zijde 4 rechts: taalkundige notities (inkt, verticaal, hand G.G.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive3586, waar 't jeukt + 3586, smalle wet
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.16673
Content Description
IncipitAanveerd, Mijnheer de Directeur,
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.