<Hit 872 of 2965

>

p1
Monsieur l’abbé,

Ste Cathérine qui figure dans

1883 est Ste Cathérine de Sienne

d’alexandrie.

imprimer le texte que vous nous

importe la quelle des images de

que vous nous avez précisé

vous désirez

Ste Cathérine d’alexandrie en

rouge et noir, Sainte

p2

Annotations

kloosterszyn roostersendieder gaan‘t om te braanrijm Onderlijning door Guido Gezelle in blauw potlood. Onderlijning door Guido Gezelle in blauw potlood.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameManceau, Leonie
Dates° Torhout, 10/03/1850
SexVrouwelijk
Occupationlerares; administratief medewerker; wijnhandelaar
BioLeonie Manceau was de dochter van Francis Joseph Desire Manceau en Justine Marie Demey. Ze was de zus van Julien Manceau die de toneelafdeling van de Augustinusgilde leidde. Ze trad in januari 1881 in het huwelijk met drukker Pierre Raoux. Na enkele miskramen bleef het echtpaar kinderloos. Met haar kennis als leerkracht bracht ze het drukkersbedrijf zakelijk op een hoger niveau. Ze nam de correspondentie voor haar rekening, waardoor het Frans een prominentere plaats kreeg. Na de dood van haar echtgenoot verhuisde ze op 18/04/1919 naar Lochristi (Dorpsstraat 126) vanuit hun huis te Brugge in de Guido Gezellelaan. Op dat moment stond ze geregistreerd in het bevolkingsregister als ‘wijnhandelaarster’.
Relation to Gezellecorrespondent

Sender

NameManceau, Leonie
Dates° Torhout, 10/03/1850
SexVrouwelijk
Occupationlerares; administratief medewerker; wijnhandelaar
BioLeonie Manceau was de dochter van Francis Joseph Desire Manceau en Justine Marie Demey. Ze was de zus van Julien Manceau die de toneelafdeling van de Augustinusgilde leidde. Ze trad in januari 1881 in het huwelijk met drukker Pierre Raoux. Na enkele miskramen bleef het echtpaar kinderloos. Met haar kennis als leerkracht bracht ze het drukkersbedrijf zakelijk op een hoger niveau. Ze nam de correspondentie voor haar rekening, waardoor het Frans een prominentere plaats kreeg. Na de dood van haar echtgenoot verhuisde ze op 18/04/1919 naar Lochristi (Dorpsstraat 126) vanuit hun huis te Brugge in de Guido Gezellelaan. Op dat moment stond ze geregistreerd in het bevolkingsregister als ‘wijnhandelaarster’.
Relation to Gezellecorrespondent

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameBrugge
SettlementBrugge

Name - place

NameBrugge
SettlementBrugge

Title - poem by Guido Gezelle

Titleonbekend

Index terms

Correspondents - persons

Gezelle, Guido
Manceau, Leonie

Name - place

Brugge

Place

Brugge

Recipient

Gezelle, Guido

Sender

Manceau, Leonie

Title - poem by Guido Gezelle

onbekend

Title08/11/1882, Brugge, [Leonie Manceau (= mevrouw Leonie Raoux)] aan [Guido Gezelle]
EditorE. Depuydt
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2024
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingE. Depuydt, Manceau Leonie aan Gezelle Guido, Brugge (Brugge), 08/11/1882. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2024 Available from World Wide Web: link .
Sender[Manceau, Leonie]
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent08/11/1882
Place SentBrugge (Brugge)
AnnotationAdressaat gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Physical Description
Support Material 1 enkel vel, 126 mm x 103 mm
papier, wit, rechthoekig geruit
papiersoort: 2 zijden beschreven; zijde 1 bedrukt en beschreven, inkt
Condition fragment: linkerkant en onderkant van vel ontbreken
Additions op zijde 2 bovenaan: taalkundige notities (inkt en blauw potlood, hand G.G.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive3322 , K fiche 50
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.15301
Content Description
IncipitSte Cathérine qui figure dans
Text Typebrief
LanguagesFrans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.