<Hit 2795 of 2965

>

p1
Eerweerde!

Ik zende u bij dezen eenen brief van Petje Dehaerne en die u zal genoegen doen, verhope ik[1] Gelief hem niet te verliezen. Jooris Masureel die hem geern zou lezen, zal hem bij u komen afhalen.

Ik voeg er eene lijst[2] bij van woorden en zegwijzen vergaêrd door eerweerde Hieroon Vervaecke

Uit der herten gegroet
Dr K de Gheldere
p2

Annotations

[1] Brief niet aanwezig in het Guido Gezellearchief van de Openbare Bibliotheek Brugge.
[2] De bijlage ontbreekt.
dankbarig/heeeerdsche stee60wet/briefchirographe Onderstreping van Guido Gezelle met blauw potlood.60 Onderstreping van Guido Gezelle met blauw potlood.

Register

Correspondents - persons

NameDe Gheldere, Karel
Dates° Torhout, 18/08/1839 - ✝ Koekelare, 17/07/1913
SexMannelijk
Occupationarts; dichter
BioKarel De Gheldere was een oud-leerling van Gezelle te Roeselare (poësis 1858-1859). Gezelle schreef een aantal gedichten voor hem waaronder 'Tranen' en ‘Zoo welkom als de bie’ (1859). Na zijn retorica (1859-augustus 1860) volgde De Gheldere een korte periode filosofie aan het kleinseminarie in het schooljaar 1860-1861 met het oog op het priesterschap. Hij verzaakte evenwel aan een priesterroeping en studeerde vanaf januari 1861 geneeskunde te Leuven, waar hij in 1865 met onderscheiding afstudeerde. Hij vestigde zich als arts in Koekelare. Hij was een levenslange vriend van Gezelle, die een aantal van zijn gedichten aan hem heeft opgedragen. Zelf publiceerde hij de dichtbundels Jongelingsgedichten (1861), Landliederen (1883) en Rozeliederen (1893). In de Landliederen komt een wisselgedicht met Gezelle op de nachtegaal voor. Hij was corresponderend (1889) en werkend lid (1892) van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; zanter (WDT); lid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde; gedichten
SourcesH. Verriest, Twintig Vlaamsche koppen. Leuven, 19234, p.30-49; R. Seys, De dichter van de rozen. Koekelare. 1958 R. Seys, Dr. Karel de Gheldere. Wat land- en rozeliederen. In: VWS-Cahiers: 2 (1967) 8.
NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Sender

NameDe Gheldere, Karel
Dates° Torhout, 18/08/1839 - ✝ Koekelare, 17/07/1913
SexMannelijk
Occupationarts; dichter
BioKarel De Gheldere was een oud-leerling van Gezelle te Roeselare (poësis 1858-1859). Gezelle schreef een aantal gedichten voor hem waaronder 'Tranen' en ‘Zoo welkom als de bie’ (1859). Na zijn retorica (1859-augustus 1860) volgde De Gheldere een korte periode filosofie aan het kleinseminarie in het schooljaar 1860-1861 met het oog op het priesterschap. Hij verzaakte evenwel aan een priesterroeping en studeerde vanaf januari 1861 geneeskunde te Leuven, waar hij in 1865 met onderscheiding afstudeerde. Hij vestigde zich als arts in Koekelare. Hij was een levenslange vriend van Gezelle, die een aantal van zijn gedichten aan hem heeft opgedragen. Zelf publiceerde hij de dichtbundels Jongelingsgedichten (1861), Landliederen (1883) en Rozeliederen (1893). In de Landliederen komt een wisselgedicht met Gezelle op de nachtegaal voor. Hij was corresponderend (1889) en werkend lid (1892) van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; zanter (WDT); lid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde; gedichten
SourcesH. Verriest, Twintig Vlaamsche koppen. Leuven, 19234, p.30-49; R. Seys, De dichter van de rozen. Koekelare. 1958 R. Seys, Dr. Karel de Gheldere. Wat land- en rozeliederen. In: VWS-Cahiers: 2 (1967) 8.

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameKoekelare
SettlementKoekelare

Name - person

NameDe Gheldere, Karel
Dates° Torhout, 18/08/1839 - ✝ Koekelare, 17/07/1913
SexMannelijk
Occupationarts; dichter
BioKarel De Gheldere was een oud-leerling van Gezelle te Roeselare (poësis 1858-1859). Gezelle schreef een aantal gedichten voor hem waaronder 'Tranen' en ‘Zoo welkom als de bie’ (1859). Na zijn retorica (1859-augustus 1860) volgde De Gheldere een korte periode filosofie aan het kleinseminarie in het schooljaar 1860-1861 met het oog op het priesterschap. Hij verzaakte evenwel aan een priesterroeping en studeerde vanaf januari 1861 geneeskunde te Leuven, waar hij in 1865 met onderscheiding afstudeerde. Hij vestigde zich als arts in Koekelare. Hij was een levenslange vriend van Gezelle, die een aantal van zijn gedichten aan hem heeft opgedragen. Zelf publiceerde hij de dichtbundels Jongelingsgedichten (1861), Landliederen (1883) en Rozeliederen (1893). In de Landliederen komt een wisselgedicht met Gezelle op de nachtegaal voor. Hij was corresponderend (1889) en werkend lid (1892) van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; zanter (WDT); lid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde; gedichten
SourcesH. Verriest, Twintig Vlaamsche koppen. Leuven, 19234, p.30-49; R. Seys, De dichter van de rozen. Koekelare. 1958 R. Seys, Dr. Karel de Gheldere. Wat land- en rozeliederen. In: VWS-Cahiers: 2 (1967) 8.
NameDe Haerne, Désiré
Dates° leper, 04/07/1804 - ✝ St.-Joost-ten-Node, 22/03/1890
SexMannelijk
Occupationpriester; inspecteur onderwijs; leraar; onderpastoor; rector; volksvertegenwoordiger
BioDésiré Dehaerne, zoon van Petrus-Antonius-Andreas Dehaerne en Sophia-Catherina Van der Ghote, was leerling aan het college te leper en aan het grootseminarie te Gent. Hij ontving zijn priesterwijding te Doornik op 06/06/1828. Hij was achtereenvolgens leraar aan het Regiscollege te Gent en aan het college te Kortrijk (01/08/1824), onderpastoor te Moorslede (27/03/1829) en retoricaleraar aan het kleinseminarie te Roeselare (16/01/1830). Wegens zijn verzet tegen de Nederlandse bewindslieden werd hij door de Gentse bisschop als leraar ontslagen (22/03/1830). Hij was daarna onderpastoor van de Sint-Jacobsparochie te Brugge (26/07/1830-05/09/1831), lid van het Nationaal Congres voor het arrondissement Roeselare (03/11/1830), volksvertegenwoordiger voor de arrondissementen Roeselare (29/08/1831-23/04/1833) en Kortrijk (29/02/1844-22/03/1890), retoricaleraar van het pas opgerichte St.-Amandscollege te Kortrijk (okt. 1833-1844), diocesaan hoofdinspecteur (1852) en rector van het Engels Seminarie te Brugge (08/07/1869-6/08/1873). Hij zette zich in voor het onderwijs voor doofstommen en blinden. Hij was directeur van de zusters van Liefde, Instituut voor Doofstommen en Blinden te Brussel (1858-1869), directeur en medestichter van het Katholiek Instituut voor Doofstommen Handsworth Woodhouse (1870) en directeur en medestichter van het Katholiek Instituut voor Doofstommen Boston Spa (1883). Hij was een voorstander van de vernederlandsing van het middelbaar onderwijs. Gezelle schreef het gedicht 'De Haerne, al wierd ik blind, nog nauwelijks geboren' voor de inhuldiging van het standbeeld van De Haerne te Kortrijk. Gezelle maakte ook de tekst voor zijn gedenksteen: 'Blijve in 't Vlaamsch uw' naam niet ongemeld'.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellegelegenheidsgedichten
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NameVervaeke, Jérôme; Vervaecke
Dates° Koekelaere, 20/11/1860 - ✝ Tielt, 14/02/1907
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; directeur
BioJérôme Vervaeke werd geboren te Koekelare in 1860. Hij trad in 1880 te Brugge in het grootseminarie om in 1884 priester te worden gewijd. Karel de Gheldere schreef het gedicht voor zijn eerste mis. In 1885 was hij even leraar te Poperinge, daarna onderpastoor te Rekkem (1885) en Moeskroen (1891). In 1904 werd hij directeur van de Zusters van 't Gelove te Tielt. Hij stierf er in 1907. Als student begon hij te zanten voor Gezelles 'Loquela'. Vanuit zijn verschillende parochies bleef hij contact houden met Gezelle. Hij was ook geabonneerd op 'Biekorf'.
Links[odis]
Relation to Gezellezanter (WDT); abonnee Biekorf; correspondent
NameMasureel, Joris; Georges
Dates° Koekelare, 10/12/1862 - ✝ Ledegem, 09/08/1914
SexMannelijk
Occupationpriester, leraar
BioJoris Masureel was de stiefzoon van Karel de Gheldere, uit het huwelijk van Maria Desnick met de Koelaarse geneesheer Constantinus Masureel. Gezelle schreef een gedicht voor zijn eerste misse. Vanaf september 1886 was hij leraar aan het Sint-Amandscollege van Kortrijk. Op 25 oktober 1897 werd hij onderpastoor in Ledegem.
Links[odis]

Title[xx/09/1886 t.p.q. - 22/03/1890 t.a.q.], Koekelare, Karel De Gheldere aan [Guido Gezelle]
EditorKoen Calis; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2023
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingKoen Calis; Universiteit Antwerpen, De Gheldere Karel aan Gezelle Guido, Koekelare (Koekelare), [xx/09/1886 t.p.q. - 22/03/1890 t.a.q.]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2023 Available from World Wide Web: link .
SenderDe Gheldere, Karel
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent[xx/09/1886 t.p.q. - 22/03/1890 t.a.q.]
Place SentKoekelare (Koekelare)
AnnotationT.p.q. en t.a.q. gereconstrueerd op basis van de briefinhoud: Joris Masureelwas leraar in Kortrijk vanaf 09/1886; De Haerne stierf op 22/03/1890; plaats en adressaat gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Physical Description
Support Material 2 enkele vellen, enkel vel 1: 103 mm x 131 mm; enkel vel 2: 103 mm x 133 mm
papier, wit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Condition volledig: brief verknipt tot twee taalkundige fiches en gereconstrueerd
Lay-out 2 bijlages (brief van Désiré De Haerne en woordenlijst van H. Vervaecke) ontbreken
Additions op blanco zijde 2 links: taalkundige notities:dankbarig/hee // eerdsche stee // 60 (inkt, verticaal, hand G.G.); op blanco zijde 4 rechts: taalkundige notities:wet/brief // chirographe // 60 (inkt en blauw potlood, verticaal, hand G.G.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive3322, D fiche 6 + 7919
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.15141
Content Description
IncipitIk zende u bij dezen eenen
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.