<Hit 1896 of 2965

>

p1
Eerw. Heer ende Meester,

Hierbij een schrijven van EH Alf Dassonville leraar te Poperinghe.

Indien gij dat goedkeurt[1] gelieft het rechtuit weder te zenden, want wij zijn ten achteren en zouden geern no 6[2] doen uitkomen nu Maandag en acht dagen. Zoo, alles dient nu rechtuit gedrukt te worden.

Wij hebben tewege voor no 6:

1) Hoe onze ouders schreven[3]

2) Zuster Dominica[4]

3) Samyn over Engelsman[5]

4) Brief van Van Hee & Decarne[6]

5) " uit Indiën[7]p2EH Van Speybrouck en Kan. De Schrevel en vinden niets over Cansele[8] Kan. De Schrevel peist dat het misschreven is.

Waar blijft De Veuster[9] enz. enz… en ook uittreksels uit 't jaar 1830? 'k En vrage dat maar om het herinneren want wij hebben voorraad, bijzonderlijk van G.G.

Wij groeten u al te hoope hier in Raad vergaard.

Veel geluk met uw broers concours[10]

Annotations

[1] Artikel van A. Dassonville, Toogen – Toonen. In: Biekorf: 1 (1890) 6, p.84-87
[2] Biekorf: 1 (1890) 6
[3] Guido Gezelle, Hoe onze ouders spraken. In: Biekorf: 1 (1890) 6, p.81-83
[4] Guido Gezelle, Aan de eerweerde Zuster Dominica bij haar vijftigste verjaren, in ’t klooster van Sinte-Anne te Kortrijk, den 2den in Pietmaand, 1889. In: Biekorf: 1 (1890) 6, p.89-90. Zuster Dominica verzorgde krankzinnigen als religieuze in de gemeenschap van het Sint-Annaklooster te Kortrijk.
[5] Joseph Samyn, Bartholomeus Engelsman. In: Biekorf: 1 (1890) 6, p.87-89
[6] Brief van Alfons Van Hee aan de redactie van Biekorf (Langemark, 1890) met gedicht van Alexis Decarne voor Van Hee (1879). In: Biekorf: 1 (1890) 6, p.91-92
[7] Uit Indiën. In: Biekorf: 1 (1890) 7, p.97-99
[8] Cornelis Cansele, vergelijk bijdrage Guido Gezelle in Biekorf: 1 (1890) 24, p.378vv
[9] Joseph Deveuster. In: Biekorf: 1 (1890) 7, p.99 -102
[10] Mogelijk bedoelt Van Robays het examen voor priester.
départ henenvaart sielentroost 1483

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameVan Robays, Edward; Van Roobeke, Edward
Dates° Egem, 2 of 3/02/1855 - ✝ Barhamur, 30/05/1906
SexMannelijk
Occupationleraar; priester; missionaris; pater jezuïet
ResidenceIndië
BioEdward Van Robays, zoon van Leonardus, timmerman, en Rosalia Fraeye, werd tot priester gewijd te Brugge op 22/05/1880. Hij studeerde pedagogie te Leuven. Hij werd leraar wiskunde aan het Sint-Lodewijkscollege op 04/10/1881. Hij zette zich in voor de vernederlandsing van wiskundige termen en schreef diverse bijdragen hierover in Rond den Heerd. Hij was één van de stichters van het tijdschrift Biekorf. Op 24/09/1892 trad hij toe tot de jezuïeten en hij vertrok op 31/10/1894 naar West-Bengalen.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrrespondent; medewerker Rond den heerd; medestichter van Biekorf
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III

Sender

NameVan Robays, Edward; Van Roobeke, Edward
Dates° Egem, 2 of 3/02/1855 - ✝ Barhamur, 30/05/1906
SexMannelijk
Occupationleraar; priester; missionaris; pater jezuïet
ResidenceIndië
BioEdward Van Robays, zoon van Leonardus, timmerman, en Rosalia Fraeye, werd tot priester gewijd te Brugge op 22/05/1880. Hij studeerde pedagogie te Leuven. Hij werd leraar wiskunde aan het Sint-Lodewijkscollege op 04/10/1881. Hij zette zich in voor de vernederlandsing van wiskundige termen en schreef diverse bijdragen hierover in Rond den Heerd. Hij was één van de stichters van het tijdschrift Biekorf. Op 24/09/1892 trad hij toe tot de jezuïeten en hij vertrok op 31/10/1894 naar West-Bengalen.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrrespondent; medewerker Rond den heerd; medestichter van Biekorf
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameBrugge
SettlementBrugge

Name - person

NameDassonville, Alfons
Dates° Heule, 20/06/1860 - ✝ Kortrijk, 18/01/1936
SexMannelijk
Occupationleraar, priester; kloosterdirecteur; pastoor
BioAlfons Dassonville was de zoon van Ludovicus Dassonville en Sophie Roelant. Hij werd tot priester gewijd in Brugge op 19/12/1884. Hij was vervolgens leraar aan het college van Oostende (10/09/1885), aan het Sint-Lodewijkscollege te Brugge (15/09/1886), aan het college van Poperinge (10/09/1887) en aan het college van Kortrijk (20/09/1896). In 1900 werd hij rector van San Andres de los Flamencos te Madrid. Hij keerde in 1906 naar Kortrijk terug als directeur van de zwarte zusters aldaar, en aalmoezenier van het O.L.Vrouwehospitaal (1907). In 1912 werd hij pastoor te Ieper, Sint-Jacobskerk, en daarna pastoor te Roesbrugge (1920). In 1924 werd hij opnieuw aalmoezenier van het O.-L.-Vrouwhospitaal te Kortrijk. Hij overleed er plots op 18/01/1936.
Links[odis], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker Biekorf; zanter
NameDe Carne, Alexis
Dates° Stavele, 11/12/1848 - ✝ Roeselare, 16/12/1883
SexMannelijk
Occupationpriester; dichter; leraar
BioAlexis De Carne, zoon van Ivo De Carne, herbergier en landsman, en Marie-Thérèse Butaye, was achtereenvolgens leerling in het college van Veurne (1862-1868), volgde filosofie aan het kleinseminarie (1868-1869) en theologie aan het grootseminarie (1869-1872). Hij werd onderdiaken (23/12/1871), diaken (25/05/1872) en priester (21/12/1872). Op 27/09/1872 werd hij leraar aan het kleinseminarie van Roeselare. Hij gaf er les aan de Koophandelsschool van het kleinseminarie en was er leraar Duits in de hogere klassen. Hij werd op 12/04/1882 onderpastoor van de St.-Michielsparochie te Roeselare en bestuurder van de jongelingencongregatie. Hij schreef een verhandeling over de taal van de Heliand en werkte aan de vertaling ervan. Hij vertaalde opera's, schreef verschillende gedichten en liederen. Hij was medewerker aan De Vlaamsche Vlagge, aan De Bo's Idioticon en aan Gezelles Loquela en Rond den Heerd.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NameDe Schrevel, Arthur C.
Dates° Wervik, 05/01/1850 - ✝ Brugge, 18/04/1934
SexMannelijk
Occupationpriester; professor; vicaris-generaal; secretaris; geestelijk bestuurder; auteur
BioArthur De Schrevel, zoon van Ivon De Schrevel, geneesheer, en Melanie Liebaert, studeerde aan het bisschoppelijk college te Ieper en van september 1872 tot 1876 theologie aan de katholieke universiteit te Leuven. Hij ontving zijn priesterwijding op 07/06/1873. Hij werd professor (10/09/1877) en directeur (18/08/1880) van het grootseminarie te Brugge. De Schrevel werd erekanunnik van de Brugse kathedraal (26/07/1889) en secretaris van bisschop Waffelaert (10/06/1894). Hij werd geestelijk directeur van de dienstmaagden van de Zaligmaker te Brugge (12/03/1897), aartspriester (26/04/1905) en vicaris-generaal van het bisdom Brugge (12/12/1911). Hij nam ontslag in maart 1931 en bleef in Brugge wonen. Hij werd (bestuurs)lid van het Genootschap voor Geschiedenis te Brugge in 1882 en voorzitter in 1919. De Schrevel publiceerde als historicus werken over de zestiende eeuw.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent
NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameGezelle, Jozef Aloysius Hyacinthus
Dates° Brugge, 12/02/1840 - ✝ Stene, 18/06/1903
SexMannelijk
Occupationpriester; kloosterdirecteur; onderpastoor; pastoor
BioJozef, de jongste broer van Guido Gezelle, studeerde aanvankelijk te Brugge en later te Roeselare en te Turnhout. In Leuven volgde hij een opleiding aan het Amerikaans Seminarie. Net zoals zijn broer wilde Jozef immers naar Engeland trekken om er het katholieke geloof te verkondigen. In 1863 reisden de broers tevergeefs naar Engeland om daar een geschikt seminarie te vinden. In 1863-1864 was Jozef ingeschreven in het Engels Seminarie te Brugge. Op 22 december 1866 werd hij tot priester gewijd en na een kort intermezzo als onderpastoor in Passendale werd hij in augustus 1867 directeur van Saint-George’s Retreat, een klooster en een instelling voor geesteszieken in Burgess Hill te Southwark. Faict riep hem echter eind december terug. Hij werd vervolgens onderpastoor in Lendelede (1868-1878), Klerken (1878-1887) en Zillebeke (1887-1898). Mede dankzij zijn broer kon hij ten slotte pastoor worden in Stene bij Oostende (hij werd er op 21 september 1898 benoemd), waar hij uiteindelijk overleed op 18 juni 1903.
Links[odis], [dbnl]
Relation to Gezellezanter (WDT); familie: broer van Guido Gezelle; correspondent
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NameSamyn, Joseph
Dates° Tielt, 11/01/1854 - ✝ Westouter, 09/08/1909
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; directeur, pastoor; auteur
BioJoseph Samyn, zoon van Frederic-Eugeen Samyn, apotheker, en Stephanie Geeraert, werd tot priester gewijd op 26 mei 1877 en onmiddellijk erna werd hij leraar aan het college in Oostende. Hij was verder leraar aan het college van Moeskroen (1881-1886) en Menen (tot 24 mei 1893). Vervolgens werd hij op 24 mei 1893 onderpastoor in Otegem, dit tot 1897. Hij kreeg nog een functie als directeur van Engelendale te Brugge en van het gesticht Sint-Dominicus. Later was hij pastoor te Sint-Eloois-Vijve (12/01/1901) en te Westouter (12/10/1906). Vanaf 1883 was hij al lid van het Comité Flamand de France. Als auteur publiceerde hij vooral over plaatselijke geschiedenis, maar hij was ook een groot taal- en kruidenkenner. In 1888 gaf hij Deken De Bo's Kruidwoordenboek uit en in 1892 de tweede druk van het Westvlaamsch Idioticon van L.L. De Bo. Gezelle droeg het gedicht Chrysanthemen aan hem op.
Links[odis], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker Rond den Heerd; lid Comité flamand de France; (aanvrager) gelegenheidsgedichten
NameVan Hee, Alfons; Willem
Dates° Lo, 03/04/1846 - ✝ Moere, 28/05/1903
SexMannelijk
Occupationpriester, leraar, coadjutor; onderpastoor; pastoor; redacteur, auteur
BioAlfons Vanhee was oud-leerling van het kleinseminarie van Roeselare. Hij was er voorzitter van de Lettergilde. Hij ontving zijn priesterwijding op 07/06/1873. Hij werd op 26/09/1873 zelf leraar aan het kleinseminarie. Wegens zijn Vlaamsgezinde houding werd hij door Superior Delbaere ontslagen. Vervolgens was hij coadjutor van pastoor Ghyselen te Alveringem (17/03/1876); onderpastoor te Wijtschate (07/08/1876) en te Langemark (23/09/1885) en pastoor te Moere (24/02/1900). Hij was lid van de Swighende Eede, een geheim genootschap van Vlaamsgezinde vrienden opgericht door Hugo Verriest. Hij was schrijver van blijspelen o.a. Het Testament, Boerenkrakeel. Hij schreef talrijke bijdragen in het West-Vlaamsch Idioticon van De Bo, Loquela, De Vlaamsche Vlagge, De Student en Nieuwe Tijd, maar werd vooral bekend door de oprichting van 't Manneke uit de Mane, een West-Vlaamse Volksalmanak. In de Vlaamsche Vlagge en De Student publiceerde hij onder het psuedoniem Willem. Guido Gezelle stuurde hem het gedichtje Uw mes hebt gij naar aanleiding van een maaltijd die Van Hee bij Gezelle genoot.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker Loquela; medewerker Biekorf; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde; gelegenheidsgedicht
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NameVan Speybrouck, Augustijn Hyacinthus Maria
Dates° Brugge, 06/10/1843 - ✝ Brugge, 06/08/1922
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier; coadjutor; onderpastoor; auteur; historicus
BioAugustijn Van Speybrouck werd op 15/06/1867 tot priester gewijd te Brugge. Vervolgens werd hij coadjutor te Kooigem (27/09/1867), onderpastoor te Adinkerke (06/08/1868), te Klemskerke (30/04/1873) en te Gistel (24/04/1878). Op 23/09/1895 ging hij aan de slag als kapelaan op het kerkhof van Ingelmunster en in november 1896 werd hij huiskapelaan op het kasteel van Perk. Tenslotte werd hij aalmoezenier van het garnizoen van Brugge (16/03/1904-30/03/1920). Hij werkte mee aan Rond den Heerd en was medestichter het tijdschrift Biekorf, waarvoor hij 24 geschiedkundige artikels schreef. Hij was ook bestuurslid (1884-1892) en bibliothecaris (1889-1892) van het Genootschap voor Geschiedenis te Brugge.
Links[odis], [wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; zanter (WDT); lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde; medestichter van Biekorf; Rond den Heerd
NameDe Veuster, Joseph; Pater Damiaan
Dates° Tremelo, 03/01/1840 - ✝ Molokai, 15/04/1889
SexMannelijk
Occupationmissionaris; pater
ResidenceHawaï
BioJoseph De Veuster trad in bij de Congregatie van de Heilige Harten van Jezus en Maria te Leuven op 03/01/1859. Op 7 oktober 1861 legde hij zijn eeuwige geloften af in Parijs. Na zijn verdere studies theologie te Leuven vertrok hij op 19 maart 1864 naar Honolulu, waar hij op 21 mei 1864 tot priester werd gewijd. Pater Damiaan werkte negen jaar als missionaris op Hawaii. Vanaf 9 mei 1873 was hij werkzaam op het eiland Molokai waar hij zich inzette voor de lepralijders. Damiaan stierf op 15 april 1889 ten gevolge van lepra.
Links[odis], [wikipedia]

Name - place

NamePoperinge
SettlementPoperinge

Title - poem by Guido Gezelle

TitleWat is de mensch: de mensch die, krank van zinnen
PublicationTijdkrans (Verzameld dichtwerk, deel III), p. 275

Title - other work

TitleDer Sielen Troost
Date1484
PlaceHaarlem
PublisherStads drukker Enschedé

Titlexx[/03/1890], Brugge, [Edward Van Robays] aan [Guido Gezelle]
EditorEls Depuydt; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2023
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingEls Depuydt; Universiteit Antwerpen, Van Robays Edward aan Gezelle Guido, Brugge (Brugge), xx[/03/1890]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2023 Available from World Wide Web: link .
Sender[Van Robays, Edward]
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sentxx[/03/1890]
Place SentBrugge (Brugge)
AnnotationAdressant gereconstrueerd op basis van het handschrift; datum en plaats gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Published inDe briefwisseling tussen Guido Gezelle en enkele leden van de Dietsche Biehalle en Biekorf. Deel 2: Brieven / door Ina Galle. - Gent : onuitgegeven licentieverhandeling, (academiejaar 1984-1985), p.377
Physical Description
Support Material 1 enkel vel, 134 mm x 104 mm
papier, wit, rechthoekig geruit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Condition volledig
Lay-out bijlage (brief van A. Dassonville) ontbreekt
Additions op zijde 2 onderaan: taalkundige notities: départ henenvaart sielentroost 1483 (inkt, omgekeerd, hand G.G.); alle zijden met blauw potlood doorgehaald
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive8391
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.14830
Content Description
IncipitHierbij een schrijven van E H Alf Das-
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.