<Hit 833 of 2965

>

p1
E. H. Guido Gezelle, onderpastor van OLVrouw
Kortryk.
 
p2Laudetur Jesus Christus[1]
Eerweerde heer & Goede Vriend,

T' half oogst, komt zyne Hoogweerdigheid de Bisschop[2] expres[3] naar Tieghem om te vormen & de processie[4] van St. Arnoldus te doen. Ter dier gelegenheid gaat uw broeder Romanus de kerk & de kapel, de twee katholieke scholen, alsook de pastory & onderpastory, versieren. Hy ging u schryven om eenige dichtjes[5] van omstandigheid er tusschen te vlechten. Gelief hem te voldoen, wy zullen er u van herten dankbaar over zyn.

Met achting & genegenheid in Christo & als 't u belieft in de dagen van St. Arnoldus
LVandemaele, Pastor.

Annotations

pekbolle menthebolle ?
[1] Geloofd zij Jesus Christus
[2] Vermelding van dit vormsel en beschrijving van de feestelijkheden in De zondagsbode van het bisdom van Brugge, 20/08/1882). Zie ook Verzameld dichtwerk, dl. V, p. 64
[3] speciaal
[4] Op 15/08/1882 vierde men te Tiegem de 800ste verjaardag van de bisschopswijding van St. Arnoldus. Er waren tal van feestelijkheden zoals 24 kanonschoten op 14 augustus, bedevaarten in de omliggende dorpen, vormsel op 15 augustus door bisschop J.J. Faict en een indrukwekkende stoet op 20/08/1882.

zie Verzameld dichtwerk, dl. V, p.64

[5] Alle gedichten werden afgedrukt in De zondagsbode van het bisdom van Brugge, 20/08/1882

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameVandemaele, Leonardus
Dates° Tielt, 06/05/1840 - ✝ Hooglede, 18/01/1910
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; pastoor
BioLeonardus Vandemaele werd in 1840 geboren als zoon van een landsman. Nog voor zijn priesterwijding op 04/06/1863 werd hij tot leraar benoemd aan het college te Tielt (21/09/1862). Deze functie zou hij ook uitvoeren in het Sint-Lodewijkscollege te Brugge (14/10/1863) en het college te Diksmuide (27/09/1864). Hij werd onderpastoor te Dudzele (21/03/1865), Meulebeke (17/07/1867) en Brugge (13/12/1871) en pastoor te Tiegem (12/09/1879) en Hooglede (12/02/1885).
Links[odis]
Relation to Gezelleaanvrager gelegenheidsgedicht; correspondent

Sender

NameVandemaele, Leonardus
Dates° Tielt, 06/05/1840 - ✝ Hooglede, 18/01/1910
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; pastoor
BioLeonardus Vandemaele werd in 1840 geboren als zoon van een landsman. Nog voor zijn priesterwijding op 04/06/1863 werd hij tot leraar benoemd aan het college te Tielt (21/09/1862). Deze functie zou hij ook uitvoeren in het Sint-Lodewijkscollege te Brugge (14/10/1863) en het college te Diksmuide (27/09/1864). Hij werd onderpastoor te Dudzele (21/03/1865), Meulebeke (17/07/1867) en Brugge (13/12/1871) en pastoor te Tiegem (12/09/1879) en Hooglede (12/02/1885).
Links[odis]
Relation to Gezelleaanvrager gelegenheidsgedicht; correspondent

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameTiegem
SettlementAnzegem

Name - person

NameFaict, Joannes Josephus
Dates° Leffînge, 22/05/1813 - ✝ Brugge, 04/01/1894
SexMannelijk
Occupationpriester, professor, superior, erekanunnik, vicaris-generaal, coadjutor, bisschop
BioIn 1834 was J.J. Faict, zoon van Henri Faict, brouwer, en Marie Hellinck, laureaat van de retorica aan het kleinseminarie te Roeselare. Hij werd doctor in de theologie, wijsbegeerte en letteren. Op 09 juni 1838 werd hij te Brugge door Mgr. Boussen tot priester gewijd. Hij werd professor kerkgeschiedenis en wetenschappen (12/01/1839) en professor theologie (oktober 1840) aan het grootseminarie in Brugge. Vanaf augustus 1849 tot oktober 1856 was hij superior van het kleinseminarie te Roeselare. Hij werd erekanunnik (29/12/1853) en vicaris-generaal van Mgr. Malou op 18/10/1856. In september 1862 werd hij huisprelaat van paus Pius IX en op 25/02/1864 coadjutor van Mgr. Malou. Hij was bisschop van Brugge van 18/10/1864 tot aan zijn dood in 1894.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezelleoverste; correspondent
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameGezelle, Romaan
Dates° Brugge, 13/01/1832 - ✝ Brugge, 01/01/1899
SexMannelijk
Occupationvuurwerkmaker
BioRomaan ging samen met zijn broer Guido naar het Duinencollege in Brugge. Toen Guido Gezelle in 1846 naar het kleinseminarie te Roeselare ging, bleef hij thuis om te helpen. In 1862 woonde hij in het Brugse Genthof en werd er 'vuurwerkaansteker' bij een afbraakbedrijf. Tijdens dit jaar raakte hij zwaar gewond bij slopingswerken aan de Brugse Katelijnepoort. Een van zijn benen dreigde geamputeerd te worden tijdens zijn verzorging in het St.-Janshospitaal. Romaan bleef kreupel, maar werd na zijn herstel vuurwerkmaker. Hij zette ook vogels en andere kleine dieren op. Op 4 mei 1865 trouwde hij met Philomena De Smet en verhuisde in augustus van dit jaar naar de Sint-Jorisstraat 34. Op 1 januari 1899 overleed Romaan. Guido Gezelle, die toen nog te Kortrijk verbleef, werd door zijn neef Caesar op de hoogte gebracht via een telegram met het bericht “vader overleden”. Nog op dezelfde dag schreef Gezelle voor zijn overleden broer een gelijknamig gedicht. Het Gezellearchief bewaart zowel het telegram als een gedrukte versie van het gedicht. Het overlijden van zijn broer betekende voor Gezelle een zware slag en zo dichtte hij nog 'Requiescat in pace!' en 'Uit de diepten'.
Relation to Gezellefamilie: broer van Guido Gezelle; correspondent; gelegenheidsgedicht
Sources http://www.gezelle.be
NameVandemaele, Leonardus
Dates° Tielt, 06/05/1840 - ✝ Hooglede, 18/01/1910
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; pastoor
BioLeonardus Vandemaele werd in 1840 geboren als zoon van een landsman. Nog voor zijn priesterwijding op 04/06/1863 werd hij tot leraar benoemd aan het college te Tielt (21/09/1862). Deze functie zou hij ook uitvoeren in het Sint-Lodewijkscollege te Brugge (14/10/1863) en het college te Diksmuide (27/09/1864). Hij werd onderpastoor te Dudzele (21/03/1865), Meulebeke (17/07/1867) en Brugge (13/12/1871) en pastoor te Tiegem (12/09/1879) en Hooglede (12/02/1885).
Links[odis]
Relation to Gezelleaanvrager gelegenheidsgedicht; correspondent
NameArnoldus (Heilige)
Dates° Tiegem, 1040 - ✝ Oudenburg, 1087
SexMannelijk
Occupationridder; monnik; bisschop
BioArnoldus was bisschop van Soisson. Hij was de stichter van de voormalige abdij van Oudenburg en vredebrenger in Vlaanderen.
Links[wikipedia]

Name - place

NameKortrijk
SettlementKortrijk
NameTiegem
SettlementAnzegem

Title - poem by Guido Gezelle

TitleTiegem viert de H. Arnoldus
PublicationVerzameld dichtwerk, deel V, p. 62

Title17/07/1882, Tiegem, Leonardus Vandemaele aan Guido Gezelle
EditorInge Geysen; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2023
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingInge Geysen; Universiteit Antwerpen, Vandemaele Leonardus aan Gezelle Guido, Tiegem (Anzegem), 17/07/1882. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2023 Available from World Wide Web: link .
SenderVandemaele, Leonardus
RecipientGezelle, Guido
Date Sent17/07/1882
Place SentTiegem (Anzegem)
Physical Description
Support Material 87 mm x 123 mm
papier, wit
papiersoort: recto met adres; verso horizontaal beschreven, inkt
Condition volledig
Lay-out op adreszijde: postzegel, afgestempeld
Additions op recto links in de zijrand: taalkundige notities: pekbolle menthebolle ? (inkt, verticaal, hand G.G.); verso met inkt doorgehaald
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive3587, pekbolle
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.14772
Content Description
IncipitT'half oogst, komt zyne Hoogweerdigheid de Bisschop
Summary 800ste verjaardag van Sint Arnoldus en de viering in Tiegem & aanvraag voor een gedicht ter gelegenheid van de viering: zie o.a. Verzameld dichtwerk, dl. V, p.62: "Tiegem viert de H. Arnoldus"
Text Typebriefkaart
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.