Eerweerde heer,
In name van onzen heer voorzitter laat ik u weten dat wij volgaarne uw geëerd voorstel aanveerden[1]
Zult gij zoo goed willen zijn de heer Ernest Lietaer zulks mede te deelen?[2]
Eén spreker voor die conferentie zal voldoende zijn, dewijl zij voorafgegaan en gevolgd zal zijn van muziek.
Maar wij houden te goed, eerweerde heer, nog altijd op u, en nu ook, met uw voorstel, op den heer prof. Berlaymont.
Wij bieden u onze warmste bedankingen, omdat gij ons uit het spel getrokken hebt,[3] en, te allen tijde en in alle omstandigheden, stellen wij ons te uwen dienste.
Uwen vriend in christo
Voor het bureel:
L. Keukelinck.
Poperinghe, 13 oct. 1880.







