Wij allen, gildebroêrs van 't Limburgsch zanters gildeken, nieuwejaren blij en hertelijk onzen lieven hoofdman en geleerden leider, hem wenschend al wat hij zelf maar wenschen kan voor zijn eigen ziel en lijf, maar bijzonder, dat hij weêr al nen duchtigen schreê verder mag gaan op den weg naar de Hemel; en van God goê gezondheid met jonge krachten krijgen om alle goê vlaamsche zielen veel goeds te doen en 't Vlaamsche dierbaar land meer en meer te verheugen en te verheerlijken met zijnen schoonen zang en diepgeleerde taalstudies. God geve dat het al zóó uitvalle! - en dat Loquela haast naar Luik gereisd kome, want wij wachten er na wie na een nieuwjaarsgift van vader of moeder. In 't korte is onze zante ook gereed, wat woorden en wat p2kerst- en drijkoningenliedekens van t'onzent.
Eerweerde Heer ik voeg mij bij het Limburgsch gildeken om u wegens kristene en vlaemsch geplogentheden een gelukzalig nieuwjaer te wenschen en nog vele navolgende als het u zalig is - Verhope dat gij uw stuk en uw boek[3] niet en zult vergeten te zenden en groete u met alderjonste[4] vriendscepe ende minne.







