<Hit 1044 of 2965

>

p1Geloofd zij Jezus Christus
Eerweerde Heer Confrater,

Bij mijne weêrkomst uit de Kempen,[1] waar ik in 't vlaamsch geboorteland eenige gelukkige dagen gesleten heb, vind ik uwen allervriendelijksten brief. De eerste zaak die gij aan mijne zorg toevertroudt zal in 't kort geregeld zijn, en ik dank u voor zóó aan ons te denken. Gij zijt wel goed van u in zóó vleiende woorden uit te drukken over het klein onthaal dat gij hier genoten hebt,[2] wij hebben ons best gedaan om door gulhertigheid en vlaamsche opgeruimdheid aan te vullen 't geen van al andere kanten te kort was. Mr. Gilissen,[3] de jufvrouw en ik danken u nogmaals voor uwe vriendschap, en wij hopen allen dat wij nog dikwijls eene gelegendheid zullen hebben om u hier te ontvangen.

Uw toegenegen in Christo
Th. Coenegracht
kapelaan in Sint Barthelomeus[4]

P.S. Men zegt nog de pad is open laat het gras er niet in groeien.[5]

Annotations

[1] Coenegracht was afkomstig uit Oostham, een Kempens dorp in de Belgische provincie Limburg.
[2] In de zomer van 1884 bezocht Guido Gezelle de Limburgse studenten aan het grootseminarie van Luik. Mogelijk heeft hij toen ook Coenegracht bezocht.
[3] Mogelijk Franciscus Gilissen.
[4] Parochie in Luik.
[5] Nu Guido Gezelle eenmaal de weg naar Luik gevonden heeft, zou het jammer zijn als er gras op het pad groeit, een volgend bezoek van Gezelle is dus meer dan welkom.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameCoenegracht, Theophile Marie; Coenegrachts, Theophile Marie
Dates° Oostham, 29/04/1854 - ✝ Rekem, 27/02/1918
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier; kapelaan; pastoor
BioTheophilus Coenegracht werd geboren in Oostham op 29 april 1854. Hij was de broer van Felix Coenegracht. Hij werd op 15 juni 1878 priester gewijd voor het bisdom Luik. Hij begon zijn geestelijke loopbaan als kapelaan in de Sint-Bartholomeusparochie in Luik, en werd nadien pastoor van de Sint-Remigiusparochie in Grâce-Berleur. In 1892 volgde zijn benoeming tot aalmoezenier in het Bedelaarsgesticht te Rekem, waar hij bleef tot aan zijn overlijden op 27 februari 1918. Coenegracht was een gepassioneerd verzamelaar van prehistorische, Keltische, Germaanse en Romeinse oudheden, met een opmerkelijke collectie tot gevolg. Hij publiceerde onder meer een lezing over prehistorische vondsten in de "Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg" (1912).
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent

Sender

NameCoenegracht, Theophile Marie; Coenegrachts, Theophile Marie
Dates° Oostham, 29/04/1854 - ✝ Rekem, 27/02/1918
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier; kapelaan; pastoor
BioTheophilus Coenegracht werd geboren in Oostham op 29 april 1854. Hij was de broer van Felix Coenegracht. Hij werd op 15 juni 1878 priester gewijd voor het bisdom Luik. Hij begon zijn geestelijke loopbaan als kapelaan in de Sint-Bartholomeusparochie in Luik, en werd nadien pastoor van de Sint-Remigiusparochie in Grâce-Berleur. In 1892 volgde zijn benoeming tot aalmoezenier in het Bedelaarsgesticht te Rekem, waar hij bleef tot aan zijn overlijden op 27 februari 1918. Coenegracht was een gepassioneerd verzamelaar van prehistorische, Keltische, Germaanse en Romeinse oudheden, met een opmerkelijke collectie tot gevolg. Hij publiceerde onder meer een lezing over prehistorische vondsten in de "Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg" (1912).
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameLuik

Name - person

Nameonbekend
NameCoenegracht, Theophile Marie; Coenegrachts, Theophile Marie
Dates° Oostham, 29/04/1854 - ✝ Rekem, 27/02/1918
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier; kapelaan; pastoor
BioTheophilus Coenegracht werd geboren in Oostham op 29 april 1854. Hij was de broer van Felix Coenegracht. Hij werd op 15 juni 1878 priester gewijd voor het bisdom Luik. Hij begon zijn geestelijke loopbaan als kapelaan in de Sint-Bartholomeusparochie in Luik, en werd nadien pastoor van de Sint-Remigiusparochie in Grâce-Berleur. In 1892 volgde zijn benoeming tot aalmoezenier in het Bedelaarsgesticht te Rekem, waar hij bleef tot aan zijn overlijden op 27 februari 1918. Coenegracht was een gepassioneerd verzamelaar van prehistorische, Keltische, Germaanse en Romeinse oudheden, met een opmerkelijke collectie tot gevolg. Hij publiceerde onder meer een lezing over prehistorische vondsten in de "Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg" (1912).
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent
NameGilissen, Franciscus
Dates° Maaseik, 10/09/1841 - ✝ Spa, 09/03/1915
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier
BioFranciscus Gilissen werd geboren in Maaseik op 10 september 1841 en werd op 15 juni 1867 tot priester gewijd in het bisdom Luik. Hij was onder meer actief als aalmoezenier in de gevangenis van Luik. Hij bleef als priester verbonden aan het bisdom tot aan zijn overlijden op 9 maart 1915 in Spa.
Links[odis]

Name - place

NameLuik

Name - institute

NameGrootseminarie Luik
DescriptionHet Grootseminarie van Luik werd opgericht als priesteropleiding voor het bisdom Luik in 1592. Sinds 1804 is het gevestigd in de door de Franse Revolutie opgeheven St.-Norbertusabdij van Luik, samen met het Prins-Bisschoppelijk Paleis. Vanaf 1840, na het ontstaan van België, diende het voor de opleiding van priesterstudenten (filosofie en theologie) van de bisdommen Luik en Limburg, tot in 1967 het bisdom Hasselt werd opgericht. Op dit moment is het een onderdeel van het interdiocesaan seminarie Notre Dame te Namen.
Dating1592-heden

Titlexx/[07/1884?], Luik, Theophile Marie Coenegracht aan [Guido Gezelle]
EditorEls Depuydt; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2025
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingEls Depuydt; Universiteit Antwerpen, Coenegracht Theophile Marie aan Gezelle Guido, Luik, xx/[07/1884?]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2025 Available from World Wide Web: link .
SenderCoenegracht, Theophile Marie
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sentxx/[07/1884?]
Place SentLuik
AnnotationDatum gereconstrueerd op basis van de brieftekst en onzeker: gaat over een bezoek van Gezelle bij Coenegracht in Luik; In de zomer van 1884 bezocht Guido Gezelle de Limburgse studenten aan het grootseminarie van Luik. Mogelijk heeft hij toen ook Coenegracht bezocht ; adressaat en plaats gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Physical Description
Support Material 1 dubbel vel, 210 mm x 135 mm
papier, wit, vierkant geruit
papiersoort: 1 zijde in twee richtingen beschreven, inkt
Condition volledig
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive7450
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.13817
Content Description
IncipitBij mijne weêrkomst uit
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.