<Hit 2494 of 2965

>

p1
Eerweerde Heer
en Hooggeachte Vriend!

Terwijl ik U bij dezen mijnen Nieuwejaars-heilgroet toebrenge, ter gelegenheid van de aanstaande wisseling des jaars, en U daarbij toewensche dat ook het komende jaar 1899 wederom in den besten welstand naar ziel en lichaam door U moge worden doorleefd, heb ik tevens het genoegen U wederom, als andere jaren, eenen Frieschen Volksalmanak ten geschenke te zenden, gelijktijdig met dezen brief. Moge hij U welkom zijn.

De drukke werkzaamheden, die de voltooiing van mijn Onomasticon frisicum mij te weeg bracht, hebben belet dat ook nu, even als anders altijd, 't een of ander van mijne hand daarin konde worden opgenomen.

Het deed mij veel genoegen, inp2de vorige maand eenen brief[1] van U te ontvangen, waarin Gij mij uwen welstand meldet, en mij vereerdet met de mededeeling dat mijne Friesche Naamlijst uwen bijval heeft mogen verwerven.

Ik van mijn kant verheuge mij altijd bijzonderlijk in uwe schoone gedichten, die mij nu en dan in Belfort en Biekorf onder d'oogen komen. Mogen de Vlaamsche Taal en Letteren nog jaren lang groote bate genieten van de uitnemende werken die Gij kunt voortbrengen.

Wij Friezen zijn ook eenen dichter rijker geworden, een jongman, onder-officier bij het voetvolk, hier ter stede in garnizoen. Hij is grootelijks begaafd in onze taal en letteren (alles uit eigen studie en oefeninge - want zijne opleiding was die eens krijgsmans), wij noemen hem al onzen Gysbert Japicx redivivus[2] Hij schrijft onder den schuilnaam "Jan fen 'e Gaestmar", omdat hij van de Gaestmar (Algemeen-Nederlandsch Gaastmeer), een dorp in Friesland herkomstig is.p3Een zijner gedichten vindt Gij in den Almanak, dien ik U thans toezende[3]

Als Gij zoo vriendelijk zoudt willen zijn, en schrijven eene korte aanteekening in Belfort of Biekorf[4] nopens dezen onzen jongsten Frieschen dichter, die een zeer eerbaar jongman is (hoewel helaas! ongeloovig), het zoude mij veel genoegen doen, den jongman rechtmatig verdiende eere zijn en hem te meer aanvuren in zijnen geest.

Bij mij en de mijnen (zoon met vrouw en kind) is alles in den besten welstand. Andries - hij is nu mijnen naasten buurman - laat U ten vriendelijksten groeten.

Ontvang ook eenen hartelijken, kerstelijken groet en handdruk van
Uwen dienaar en Vriend
Johan Winkler.

Annotations

[2] Verrezen.
[3] J.J. Hof, Jountiid yn ’e mieden. In: Friesche Volksalmanak (1899), p. 42-45.
[4] Noch in Het Belfort, noch in Biekorf is er iets over geschreven, wel later, na Gezelles dood, in: J, Winkler, Guido Gezelle en de Friezen. In: Dietsche Warande en Belfort: 1 (1900) 1, p.123-138.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameWinkler, Johan; Jan Lou's; Grindebald
Dates° Leeuwarden, 12/09/1840 - ✝ Haarlem, 11/04/1916
SexMannelijk
Occupationarts; taalkundige; auteur
ResidenceNederland (Friesland)
BioJohan Winkler kreeg een opleiding tot arts in Haarlem en Amsterdam. Na drie reizen naar Java als scheepsdokter vestigde hij zich in 1865 als arts in Leeuwarden. Hij verhuisde in 1875 naar Haarlem. Hij was ook een bekend taalkundige. Als taalparticularist was hij vooral bezig met het (Friese) dialect en naamkunde. Hij schreef vooral wetenschappelijke werken, maar ook verhalen o.m. als Grindebald en Jan Lou's. Hij publiceerde in 1874 een lofrede op het werk van Gezelle, in zijn boek "Algemeen Nederduits en Friesch dialecticon", waardoor hij bekendheid verwierf in Vlaanderen. Hij werkte mee aan "Rond den Heerd" vanaf 1875 en aan "Loquela" vanaf 1881. Hij leverde ook bijdragen voor "Biekorf". Hij was bevriend met Gezelle met wie hij uitvoerig correspondeerde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; buitenlands erelid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde
SourcesEncyclopedie van de Vlaamse Beweging (1973) dl 2, p.2087-2088

Sender

NameWinkler, Johan; Jan Lou's; Grindebald
Dates° Leeuwarden, 12/09/1840 - ✝ Haarlem, 11/04/1916
SexMannelijk
Occupationarts; taalkundige; auteur
ResidenceNederland (Friesland)
BioJohan Winkler kreeg een opleiding tot arts in Haarlem en Amsterdam. Na drie reizen naar Java als scheepsdokter vestigde hij zich in 1865 als arts in Leeuwarden. Hij verhuisde in 1875 naar Haarlem. Hij was ook een bekend taalkundige. Als taalparticularist was hij vooral bezig met het (Friese) dialect en naamkunde. Hij schreef vooral wetenschappelijke werken, maar ook verhalen o.m. als Grindebald en Jan Lou's. Hij publiceerde in 1874 een lofrede op het werk van Gezelle, in zijn boek "Algemeen Nederduits en Friesch dialecticon", waardoor hij bekendheid verwierf in Vlaanderen. Hij werkte mee aan "Rond den Heerd" vanaf 1875 en aan "Loquela" vanaf 1881. Hij leverde ook bijdragen voor "Biekorf". Hij was bevriend met Gezelle met wie hij uitvoerig correspondeerde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; buitenlands erelid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde
SourcesEncyclopedie van de Vlaamse Beweging (1973) dl 2, p.2087-2088

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameHaarlem

Name - person

NameWinkler, Andries J.
Dates° Leeuwarden, 03/02/1866 - ✝ Haarlem, 06/08/1914
SexMannelijk
Occupationsecretaris-penningmeester
ResidenceNederland (Friesland)
BioAndries Winkler werd geboren als de zoon van arts en dialectoloog Johan Winkler en Andrieske Tjallings Römer. Zijn moeder stierf enkele dagen na zijn geboorte op 10 februari 1866 op 27-jarige leeftijd. Andries Winkler was Secretaris-Penningmeester te Haarlem. Hij trouwde met Alida van Blaarden op 19 juli 1897 en ze kregen samen vier kinderen: Johan Winkler (6 oktober 1898), Hendrik Winkler, (13 mei 1903), Andries Laurens Winkler (18 januari 1905) en Gerrit Willem Winkler (27 mei 1907). Andries Winkler beroofde zichzelf van het leven in 1914.
Relation to Gezellecorrespondent
Sources https://www.openarch.nl/frl:922bef2f-2441-7167-4a1e-a72d41550152
NameWinkler, Johan; Jan Lou's; Grindebald
Dates° Leeuwarden, 12/09/1840 - ✝ Haarlem, 11/04/1916
SexMannelijk
Occupationarts; taalkundige; auteur
ResidenceNederland (Friesland)
BioJohan Winkler kreeg een opleiding tot arts in Haarlem en Amsterdam. Na drie reizen naar Java als scheepsdokter vestigde hij zich in 1865 als arts in Leeuwarden. Hij verhuisde in 1875 naar Haarlem. Hij was ook een bekend taalkundige. Als taalparticularist was hij vooral bezig met het (Friese) dialect en naamkunde. Hij schreef vooral wetenschappelijke werken, maar ook verhalen o.m. als Grindebald en Jan Lou's. Hij publiceerde in 1874 een lofrede op het werk van Gezelle, in zijn boek "Algemeen Nederduits en Friesch dialecticon", waardoor hij bekendheid verwierf in Vlaanderen. Hij werkte mee aan "Rond den Heerd" vanaf 1875 en aan "Loquela" vanaf 1881. Hij leverde ook bijdragen voor "Biekorf". Hij was bevriend met Gezelle met wie hij uitvoerig correspondeerde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellecorrespondent; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; buitenlands erelid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde
SourcesEncyclopedie van de Vlaamse Beweging (1973) dl 2, p.2087-2088
NameJapicx, Gysbert; Jacobs; Japiks; Gysbert-om; Gysbertom
Dates° Bolsward, 1603 - ✝ Bolsward, 21/08/1666
SexMannelijk
Occupationleraar; dichter; schrijver; voorzanger
ResidenceNederland
BioGysbert Japicx was de bekendste renaissanceschrijver uit Friesland. Hij wordt eveneens beschouwd als grondlegger van het Fries als geschreven taal. Hij groeide op in het begin van de 17e eeuw, toen het Fries enkel een spreektaal of boerentaal was en de elite Nederlands sprak.
Links[wikipedia], [dbnl]
NameVan Blaaderen, Alida
Dates° Nieuwer-Amstel, 03/08/1871 - ✝ Haarlem, 05/01/1945
SexVrouwelijk
ResidenceNederland
BioAlida van Blaaderen trouwde met Andries Winkler, de zoon van Johan Winkler, op 15 juli 1897. Ze kregen samen vier kinderen: Johan Winkler (6 oktober 1898), Hendrik Winkler, (13 mei 1903), Andries Laurens Winkler (18 januari 1905) en Gerrit Willem Winkler (27 mei 1907).
Sources https://www.delpher.nl/nl/kranten/view?query=alida+van+blaaderen&coll=ddd&page=1&identifier=MMKB12:000048014:mpeg21:a00041&resultsidentifier=MMKB12:000048014:mpeg21:a00041&rowid=8 ; https://www.openarch.nl/nha:4a803996-48b1-4275-8065-f40822e7d3c6
NameWinkler, Johan (junior)
Dates° Haarlem, 06/10/1898 - ✝ Deventer, 27/09/1986
SexMannelijk
Occupationjournalist
ResidenceNederland
BioJohan Winkler (junior) werd geboren in Haarlem op 6 oktober 1898 als zoon van Andries Winkler en Alida van Blaaderen. Hij was de kleinzoon van Johan Winkler en huwde met Klara Hedwig Charlotte Richter en later, na echtscheiding, met de jeugdschrijfster Johanna Christina Vonk. Johan Winkler studeerde eerst theologie in Leiden en Amsterdam en later Germaanse Letteren in Amsterdam. Hij was ondertussen secretaris geworden van P.J. Troelstra (SDAP). Vanaf 1927 werd hij achtereenvolgens benoemd tot chef-redacteur van het Rotterdamse "Voorwaarts", en tot directeur van de "Arbeiderspers", "Vrij Nederland", "Het Parool" en de "Kluwerpers". Naast zijn journalistieke bedrijvigheid maakte hij ook vele vertalingen (vooral uit het Duits) van literaire (o.a. Rilke en Stefan Zweig), filosofische en historische werken.
NameHof, Jan Jelles; Jan fen é Gaestmar
Dates° Goastmaer, 27/10/1872 - ✝ Leeuwarden, 13/02/1958
SexMannelijk
Occupationleraar; beroepsmilitair; letterkundige; polemist
ResidenceNederland
BioJan Jelles Hof kwam uit een schippersgezin, begon als schoolmeester, maar werd in 1891 beroepsmilitair, hoewel hij literaire ambities koesterde. Hij verhuisde naar Haarlem waar Johan Winkler een van zijn mentoren werd. Hij werd redacteur van Friesk en Frij. In 1906 verscheen zijn dichtbundel Klanlboarne (klankbron) onder het pseudoniem Jan fen é Gaestmar. Daarna schreef hij nog een aantal (kinder)verhalen, vertalingen en een roman De greate Striid. Hij kwam op voor het Fries, was een voortreffelijk kenner van de Friese volkstaal en schreef in 1925 een nieuwe Friese spraakkunst (samen met O.H. Sytstra); verder in 1933 een Friesche Dialectgeographie en in 1940-42 een volumineus werk (ca. 1600 blz.) over de Friese taalstrijd: Fjirtich jier Taelstriid.
Links[dbnl]

Name - place

NameHaarlem
NameGaastmeer

Title - work by Guido Gezelle

TitleBiekorf. Dat is een leer- en leesblad voor alle verstandige Vlamingen.
Links[gezelle.be]

Title - other work

TitleFriesche volksalmanak
Date[1886-1898]
PlaceLeeuwarden
PublisherMeyer & Schaafsma
TitleHet Belfort. Tijdschrift toegewijd aan letteren, wetenschap en kunst (periodical)
AuthorClaerhout, Juliaan (redacteur)
Date1886-1899
PlaceGent
PublisherS. leliaert, A. Siffer en Co
Links[dbnl], [odis]
TitleFriesche naamlijst (Onomasticon Friscium)
AuthorWinkler, Johan; Dykstra, Waling
Date1898
PlaceLeeuwarden
PublisherMeijer & Schaafsma

Title21/12/1898, Haarlem, Johan Winkler aan [Guido Gezelle]
EditorRik Van Gorp; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2023
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingRik Van Gorp; Universiteit Antwerpen, Winkler Johan aan Gezelle Guido, Haarlem, 21/12/1898. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2023 Available from World Wide Web: link .
SenderWinkler, Johan
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent21/12/1898
Place SentHaarlem
AnnotationBriefversie van datering: te Midwinter des jaars 1898 ; adressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Published inDe briefwisseling tussen Guido Gezelle en Johan Winkler. Deel 2: Brieven (1884-1899) / door Dries Gevaert. - Gent : onuitgegeven licentieverhandeling, (academiejaar 1983-1984), p.418-419
Physical Description
Support Material 1 dubbel vel, 210 mm x 134 mm
papier, wit
papiersoort: 3 zijden beschreven, inkt
Condition volledig
Lay-out watermerk: afbeelding, Abbey Mills Greenfield
Additions op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle; idem linksboven bijgeschreven onder de datum: [21/12] (inkt, beide hand P.A.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive7066
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.12944
Content Description
IncipitTerwijl ik U bij dezen mijnen
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.