<Hit 664 of 2965

>

p1
Mijn weerde heer,

Heden, zondag avond,[1] hebbe ik het lastig werk volend en voltrokken, te weten 't uit schrijven van ruim drijduizend verzen.[2]

Ik hope dat er zoo veel geen verzen meer zullen veranderd, verplaatst, of overschrikkeld zijn: dat achterlaten komt meestendeels hieraf: 't is dat gij eene andere uitgave hebt als ik van Hiawada[3] en dat zij verschillen.[4] de vers die ontbreekt in Hiawatha-wooing,[5] is:

- tot zijn pijlgeweer: 'n ontzwerf niet!" -

't Is spijtig dat ik deze losse bladeren niet en hebbe kunnen titelen en teekenen met cijfers; ik heb den laatsten cijfer vergeten.

Ik vinde het ook zeer goed, mijn eerw. heer, achter den boek een glossarium te geven, ja zelfs noodig, zoo wel voor de onwetende, als voor de beknibbelaars: 'k en hebbe nog geen woorden gezien, doorgehaald in 't rood, zoo gij geschreven hebt.[6]

Toen ik den laatsten keer geschreven hebbe naar Mr Verriest hadt gij nog maar hier en de daar eenige verzen verbeterd; ook, hij vragende of ik mijnen naam gezwegen wilde of gekend, antwordde[7] ik hem dat hij mijnen naam zou gezet hebben; maar nu p2dat die zaken gekeerd zijn, nu dat gij geweerdigd hebt mijn welbevrochte,[8] ja, maar eventwel arm tierige verzen op te tooien en heel in 't nieuw te zetten; nu is het natuurlijk dat mijn naam, als naam van den vertaler, op den boek niet meer en mag gedrukt staan.

Wilt gij, mijn eerw. heer, eerst uw naam zetten, zoo gij gezeid hebt, en den mijnen er min of meer laten achter zien, dat is wel; maar het zou onrechtveerdig zijn, stond mijn naam daar, 't zij alleen, 't zij als de bijzonderste.

Zijt gij van dat gedacht niet, eerw heer?

Zoo der nog hier of daar werk te verrichten staat aan Hiawada, dat ik verrichten kan, ik ben uedele dienstveerdig

Bidde u, eerw. heer, Mr Verriest te laten weten, zoo gij hem Hiawada zendt hetgene ik over 't zetten van mijnen naam aanveerde, en weigere.

Ik blijve uedele eerbiedig toegenegen.
Emile Lauwers.

Hiermeê de zende

Augustinenstrate 12/.

Annotations

[1] Zondag 23 februari of 2 maart 1879.
[2] Het gehele werk van Hiawatha omvat 5400 verzen. Lauwers is echter compleet herbegonnen en heeft al 3000 verzen herschreven op een nette manier, slechts op één zijde per blad. Dat was een instructie van Guido Gezelle en hij heeft die gevolgd. Gezelle zal deze nette versie echter benutten als klad papier voor andere teksten!
[3] Guido Gezelle bezat inderdaad een andere versie van Emile Lauwers. De student Lauwers was in het kleinseminarie van Roeselare gestart met een uitgave van 1874. Hij had zelfs om toestemming gevraagd om dit boek te mogen lezen in het kleinseminarie en een briefje vooraan in het exemplaar ingekleefd om deze toestemming verleend te krijgen. Gezelle had een veel vroeger uitgave, hoogstwaarschijnlijk een Bogue-uitgave uit London, de vroegste uitgave van The Song of Hiawatha. Zie ’1.2. De legger’ in ’Guido Gezelles vertaling van The Song of Hiawatha van Longfellow en de doorwerking daarvan in zijn poëzie.’, p. 10-11.
[4] Lauwers verdedigt zich hier tegenover de vroegere bemerkingen van Gezelle in zijn brief van 7 februari 1879. Hij had gelijk: Gezelle had een andere uitgave van het oorspronkelijke werk, dan Lauwers.
[5] De titel van Zang X is: Hiawatha’s wooing. Gezelle vertaalde dit als ’Hiawadha’s Bruidvaard’. Het bewuste vers is vers 77, wat Gezelle in 1886 vertaalde als: ”sprak hij, t’ zijnen pijle, ’n Mist niet!”
[6] Over een glossarium is er in deze correspondentie niets te vinden, en hoewel Lauwers geen van zijn herschreven teksten zag waar Gezelle ’in ’t rood’ woorden doorhaalde, 3 bladen, zang II, v. 206-280, door F. Baur gepubliceerd: in: Nog Gezelle’s Hiawadha, Feestbundel H.J. Van de Wijer, 1944, dl II, 195-208.
[7] Sic.
[8] Goed gemaakte.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameLauwers, Emiel; Rik (pseudoniem)
Dates° Ingelmunster, 23/10/1858 - ✝ Kortrijk, 29/05/1921
SexMannelijk
Occupationarts
BioEmiel Lauwers was leerling aan het kleinseminarie te Roeselare samen met Albrecht Rodenbach. Hij kreeg er les van Hugo Verriest met wie hij het tijdschrift De Nieuwe Tijd oprichtte. Samen met Verriest was hij in 1886 betrokken bij Gezelles vertaling van The Song of Hiawatha. Hij studeerde geneeskunde te Leuven en vestigde zich in 1888 als chirurg te Kortrijk, en was er werkzaam aan het Heilig-Hartziekenhuis. In 1896 stichtte hij samen met Alfons Depla en Roose een nieuwe ziekenhuis (Sint-Antoniusinstituut). Hij was ook vertaler van Duitse en Engelse geneeskundige werken.
Links[wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker Biekorf

Sender

NameLauwers, Emiel; Rik (pseudoniem)
Dates° Ingelmunster, 23/10/1858 - ✝ Kortrijk, 29/05/1921
SexMannelijk
Occupationarts
BioEmiel Lauwers was leerling aan het kleinseminarie te Roeselare samen met Albrecht Rodenbach. Hij kreeg er les van Hugo Verriest met wie hij het tijdschrift De Nieuwe Tijd oprichtte. Samen met Verriest was hij in 1886 betrokken bij Gezelles vertaling van The Song of Hiawatha. Hij studeerde geneeskunde te Leuven en vestigde zich in 1888 als chirurg te Kortrijk, en was er werkzaam aan het Heilig-Hartziekenhuis. In 1896 stichtte hij samen met Alfons Depla en Roose een nieuwe ziekenhuis (Sint-Antoniusinstituut). Hij was ook vertaler van Duitse en Engelse geneeskundige werken.
Links[wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker Biekorf

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameLeuven
SettlementLeuven

Name - person

NameLauwers, Emiel; Rik (pseudoniem)
Dates° Ingelmunster, 23/10/1858 - ✝ Kortrijk, 29/05/1921
SexMannelijk
Occupationarts
BioEmiel Lauwers was leerling aan het kleinseminarie te Roeselare samen met Albrecht Rodenbach. Hij kreeg er les van Hugo Verriest met wie hij het tijdschrift De Nieuwe Tijd oprichtte. Samen met Verriest was hij in 1886 betrokken bij Gezelles vertaling van The Song of Hiawatha. Hij studeerde geneeskunde te Leuven en vestigde zich in 1888 als chirurg te Kortrijk, en was er werkzaam aan het Heilig-Hartziekenhuis. In 1896 stichtte hij samen met Alfons Depla en Roose een nieuwe ziekenhuis (Sint-Antoniusinstituut). Hij was ook vertaler van Duitse en Engelse geneeskundige werken.
Links[wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; medewerker Biekorf
NameVerriest, Hugo
Dates° Deerlijk, 25/11/1840 - ✝ Ingooigem, 27/10/1922
SexMannelijk
Occupationpriester; auteur; leraar; directeur kloostergemeenschap; schooldirecteur; pastoor
BioHugo Verriest was leerling aan het kleinseminarie te Roeselare (1854-1859). Hij kreeg er gedurende negen maanden les van Gezelle. Hij volgde filosofie in 1860 en zijn priesterwijding volgde op 17/12/1864. Hij werd leraar aan het Sint-Lodewijkscollege (09/06/1864) en aan het kleinseminarie te Roeselare (19/09/1867). Hij onderwees zijn leerlingen in de geest van Gezelle. Hij figureerde als spilfiguur binnen de Blauwvoeterij, dit ook als redacteur van het studententijdschrift De Vlaamsche Vlagge, het medium van de Blauwvoeterij. Vervolgens was hij directeur van de Zusters van Liefde in Heule (25/08/1877) en superior van het college te leper (13/06/1878). Hij was pastoor te Wakken (19/09/1888) en Ingooigem (19/06/1895). In 1906 werd hij lid van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal-en Letterkunde. Hij was een spilfiguur in de Vlaamse Beweging en een zeer vurig spreker. Als auteur schreef hij romantisch-impressionistische gedichten, talrijke artikels en biografieën o.m. van Guido Gezelle, Stijn Streuvels en Albrecht Rodenbach.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relation to Gezellezanter (WDT); correspondent; medestichter van Biekorf; oud-leerling kleinseminarie Roeselare; lid van Gezelles confraternity; lid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde
SourcesB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III

Name - place

NameLeuven
SettlementLeuven

Title - work by Guido Gezelle

TitleThe Song of Hiawatha. Overgedicht in ‘t Vlaamsch.
Links[gezelle.be]

Title - other work

TitleThe Poetical Works of H. W. Longfellow. Illustrated by F. Gilbert
AuthorLongfellow, Henry Wadsworth
Date1874
PlaceLondon
PublisherJ. Dicks
TitleThe Song of Hiawatha
AuthorLongfellow, Henry Wadsworth
Date1855
PlaceLondon
PublisherDavid Bogue

Title[02?/03?/1879], Leuven, Emiel Lauwers aan [Guido Gezelle]
EditorKarel Platteau; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2026
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingKarel Platteau; Universiteit Antwerpen, Lauwers Emiel aan Gezelle Guido, Leuven (Leuven), [02?/03?/1879]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2026 Available from World Wide Web: link .
SenderLauwers, Emiel
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent[02?/03?/1879]
Place SentLeuven (Leuven)
AnnotationDatering gereconstrueerd op basis van editie van Karel Platteau: de brief is geschreven op zondag 23/02/1879 of zondag 02/03/1879; plaats gereconstrueerd op basis van de straat; adressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Published inHiawatha, p.253-254; Gezelles groei in Kortrijk : het belang van de overdichting van The Song of Hiawatha. / door Karel Platteau. - Kortrijk : Groeninghe, 1999, p.213-214
Physical Description
Support Material 1 enkel vel, 176 mm x 110 mm
papier, wit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Condition volledig
Additions op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle; idem rechts: [Einde 1879?] (inkt, beide hand P.A.); idem in de linkermarge: Afgedrukt in Hiawatha, Jubileumuitg. bl. 253-254 (inkt, verticaal, hand P.A.)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive5156
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.11456
Content Description
IncipitHeden, zondag avond, hebbe ik het lastig
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.