J’ai reçu dernièrement, par l’entremise de Madame la Supérieure[3] du Couvent de Notre Dame des Anges, la visite d’une Anglaise, Melle Betts, qui s’offre à donner des leçons à mes enfants;[4] je compte sur votre charitép2Monsieur le Chanoine,[5] pour savoir si je puis en conscience, avoir toute confiance en cette personne qui me dit être bien connue de vous; puis-je la laisser seule sans surveillance avec mes jeunes filles, lui laisser faire des promenades avec elles? Je vous suis d’avance infiniment reconnaissante, Monsieurp3le Chanoine, des renseignements que vous voudrez bien me donner, je vous promêts la plus entière discrétion et vous prie bien instamment de me dire l’exacte vérité sur cette personne, puisque c’est le bien des âmes qui en dépend.
p1
Daignez agréer l’expression de mes sentiments de haute et parfaite estime.
Bne Gillès de Pélichy
Annotations
[1] Wapen van de familie Gillès, vanaf 1872 ook: Gillès de Pélichy, met de wapenspreuk “In aeternum non commovebitur”, d.w.z.: “Hij (= de rechtvaardige) zal eeuwig niet wankelen” (geciteerd uit Psalm 112, vers 6).
[2] De brief werd geschreven op het kasteel Blauwhuis te Izegem, waar de familie Gillès de Pélichy-van Caloen woonde. Het jaartal ontbreekt, maar de zoektocht naar een huislerares of lerares Engels (en dus ook de brief) moet gesitueerd worden in de jaren 1880 of 1890. Dit kunnen we afleiden uit de leeftijd van de dochters van het echtpaar Gillès de Pélichy-van Caloen: de oudste dochter werd geboren in 1873 en overleed in 1876, de vier jongere dochters werden geboren in 1876, 1877, 1878 en 1883.
[3] Het klooster van Onze-Lieve-Vrouw Ter Engelen te Kortrijk, behorend tot de congregatie van de Zusters van Liefde van Jezus en Maria, werd in de jaren 1880 en 1890 achtereenvolgens bestuurd door drie oversten: van 1872 tot 1884 door moeder Marguérite, van 1884 tot 1896 door moeder Pacifique en van 1896 tot 1900 door moeder Bernadette. De onvolledige datering van de brief laat niet toe te bepalen wie van deze drie personen bedoeld is.
[4] Alexandre Gillès de Pélichy en Savina van Caloen hadden negen kinderen, die werden geboren tussen 1872 en 1885. In deze brief lijkt het enkel over de dochters te gaan. Ze waren met vijf: Marie-Louise, Maria, Savina, Jeanne en Thérèse.
[5] Guido Gezelle werd op 20/09/1859 benoemd tot erekanunnik van Jeruzalem, als dank voor bewezen diensten aan Mgr. Makarios Hadad, bisschop van Damascus, tijdens zijn bezoek aan het kleinseminarie te Roeselare. In de kerkelijke hiërarchie evenwel bracht Gezelle het nooit verder dan tot onderpastoor.







