Noten
[1] Onderstreping in blauw potlood.
[2] Onderstreping in blauw potlood.
[3] Leo Deneckere in: G. Gezelle, Mengelmaren. In: Biekorf 1, (1890) 11, p.175. Mgr. Lefevere vonden we niet terug.
[4] De brieven van Constantijn Donche, die zich na het verbanningsbesluit van november 1798 tegen de onbeëdigde priesters op zijn parochie in Vladslo schuilhield, bevatten voornamelijk waarschuwingen aan zijn parochianen, onder meer tegen de beëdigde priesters. (P. Couttenier, Gezelles project voor een geschiedenis van de Kortrijkse armenkamer, in:
Gezelliana: 14 (1985), 3-4, p.128, met verwijzing naar A. Marlier,
Lodewijk-Vincent Donche. Societatis lesu (1768-1857). Stichter van de Zusters der Christelijke Scholen van den Heiligen Jozef Calasanz te Vorselaar. Leuven, 1948, p.113).
[5] Niet verschenen in
Biekorf, mogelijk omdat het onderwerp reeds eerder aan bod kwam in
Rond den Heerd via een ingezonden brief van Omicron (Leopold Slosse) in:
Rond den Heerd: 3 (25 juli 1868) 35, p.277. ”In de kerkpapieren van Vladsloo rust er een zeer lange “herderlijcken brief” van Pastor Donche, waarin hij, gedoken op eene hofstede, om den slechten tijd
de Franse bezetting, zijne schapen op het bewegelijkste vermaant en onderwijst nopens de wolven en de slechte leeringen, die welhaast in zijne dierbare kudde zouden binnengeslopen hebben.” (P. Couttenier, Gezelles project voor een geschiedenis van de Kortrijkse armenkamer, in: Gezelliana: 14 (1985), 3-4, p.128).
[6] Constantinus Felix Donche en Lodewijk-Vincent Donche waren broers van elkaar. P. Couttenier verwijst hiervoor naar een ingezonden brief van 11/06/1868 van O. (=Ernest Rembry) in: Rond den Heerd: 3 (13 juni 1868), p.230.) In: Rond den Heerd: 7 (3 augustus 1872) 36, p.312 is ook de stamboom van de familie Donche te lezen). P. Couttenier vond ook een biografische notitie over Constantinus Felix Donche terug van Ernest Rembry, mogelijk als antwoord op voorliggende brief ”(zoon van Nicolaus Franciscus Donche en Maria Cecilia Rosa Vercruysse,) geboren te Brugge, den 4 Juny 1763. Primus Academicus te Leuven 18 Aug. 1784. Priester gewijd 14 Sept. 1787. J.U.L. - S.T.B. Kanonik en Scholaster van O.L.V. Kerk te Brugge 20 Oct. 1794. Pastor te Vladsloo, by Dixmude 20 Juny 1796. Geprofest in de abdy van O.L.V. van Latrappe
orde der Trappisten, te d'Artveldt
Darfeld, by Münster, onder den naem van Joannes-Maria 24 Juny 1803. Vertrokken naer de Missien van Noord-America 1 Mei 1806. Overleden in den Kentucky (Noord-America) - 14 Mei 1808.” (Archief Viaene 1980, 49/2 H + J), zie P. Couttenier, Gezelles project voor een geschiedenis van de Kortrijkse armenkamer, in: Gezelliana: 14 (1985), 3-4, p.127-128.
[7] Jubelfeest bij het vijftigjarig bestaan van het kleinseminarie te Roeselaere op 11 augustus 1856 (P. Couttenier, Gezelles project voor een geschiedenis van de Kortrijkse armenkamer, in: Gezelliana: 14 (1985)
, 3-4, p.126).
[8] Van januari 1803 tot september 1807 verbleef L. Donche in het college van Belley (Frankrijk), een instelling van de Pères de la Foi. Hij werkte er als prefect en surveillant. In diezelfde periode was ook de latere staatsman en dichter Alphonse de Lamartine (1790-1869) vier jaar lang student aan dit college. (P. Couttenier, Gezelles project voor een geschiedenis van de Kortrijkse armenkamer, in: Gezelliana: 14 (1985), 3-4, p.127).