Wij zenden u de 130 woorden en wendingen die wij bij misverstand hadden hiergehouden met een goê 60 nieuwe er bij.
De Student schrijft ons dat hij uwe medewerking met vreugde en vurige dankbaarheid zal aannemen. Wees dus zoo goed en bereid de woorden en wendingen tegen Paschen[1] ter uitgave, nu heeft de Student geen plaats meer, daar alles al gelegd en vol was toe hij 't goed nieuws vernam.
Maak er als 't U belieft ook een klein voorredeke aan om de studenten tot het zanten aan te wakkeren en hun te leeren hoe zij de woorden en wendingen moeten opteekenen, en verzenden naar 't huis waar de Student gedrukt wordt en vanwaar zij U zullen toekomen.
Den ouden boek[2] brengt Arthur met Kerstmis meê, als gij er dan uwen honing uit trekt kunt gij hem tegen Paschen meê terug geven.[3]p2't Is aan mijn ellendig gekribbel te wijten dat gij zoo deerlijk misgelezen hebt: eene weekende wand voor: eene weekende wond.[4] k geloof het wel dat gij daar niet gemakkelijk kundt uitgeraken. Deze uitdrukking moet Limburgsch zijn maar verouderd, daar Mr Daniëls van Vogelsanck ze heeft gevonden in heel oude papieren, op 't kasteel van Vogelsanck zelf,[5] meen ik.
Wij verzenden met de woorden en wendingen een heel getal spreuken, kinderliedekens en raadselkens die ze in ons Kempenland van grootmoeders tijd af gezegd hebben of gezongen. 't Is al dat wij ervan onthouden hebben, maar onder 't Kersmisverlof zullen wij de anderen eens opteekenen uit den mond der kinderen en grootmoeders zelf. Gij moogt er dus nog verwachten tegen Nieuwjaar alsook eene nieuwe zende woorden uit het Limburgsche.
Wij groeten u hertelijk, u tevens bedankend voor Uwen lesten schoonen brief[6] die weêr alike dagen lang op reis is geweest onder de theologanten met de parijsche brievenkas[7] die wij ook aan de Walen getoond hebben, hun tevens de schoone verzen vertalende[8] die gij er achter hadt opgeschreven. En hiermeê eerbiedig en genegen gegroet van







