<Resultaat 1550 van 2965

>

p1
Eerw Heer, Beste Vriend,

Gy hebt my niet wel verstaan peis ik: onze meening is het verslag met de aanspraken te doen drukken om ze aan de bytreders uit te deelen.[1] Wat wilt gy dat we ze nog verkoopen? Rond den heerd heeft het verslag van de feeste met die redevoering reeds gedrukt.[2] Uwe en K. de Gh’s gedicht [3]zyn reeds uitgedeeld geweest.

Siffer vraagt 15 fr per honderd voor 16 bldz. wy hebben geld te kort en durven de namen[4] erby niet laten drukken het werk is te groot en het zou ons te verre en in schulden helpen. Ik vroeg u dan ons te willen een voorwoord zenden om by de redevoering te voegen.[5]p2Van het banket, zouden wy maar een verkort verslag geven met de toasten erby dat wy hebben -

Er is geen andere beschryving over de feeste uitgekomen dan hetgeen gy in rond den heerd of den Vlaming[6] misschien gelezen hebt — in de nummer van 9sten october — Ik zal nog de aansprake van Mr den Deken vragen — Ik heb gister het geld van Brugge gekregen 1052 fr Hoe is dat zooveel gegroeid? In alle geval het is ten uitersten welgekomen - Hertelyken dank.

Van uwe toegenegen
L Vander Heyde

Noten

[1] Het was de bedoeling om een brochure te maken met de redevoeringen en het verslag van het inhuldigingsfeest van het praalgraf voor L.L. De Bo te Poperinge op 28/09/1887. Het Davidsfonds van Poperinge was verantwoordelijk voor de oprichting van dit monument.
[2] S.E. J.F. Opdendrinck, Het gedenkteeken De Bo. In: Rond den Heerd: 22 (6 oktober 1887) 42, p.330-333.
[3] Het gelegenheidsgedicht ’Op het kerkhof te Poperinghe bij de plechtige wijding van het gedenkteeken De Bo’ werd gepubliceerd in: Rond den Heerd: 22 (13 oktober 1887), 43 p. 338-340. Het werd ook apart uitgegeven te Brugge bij F. de Haene-Wante, 1887, 6 p.
[4] De namen van de aanwezigen.
[5] De brochure bevat geen formeel voorwoord. Het is niet duidelijk in hoeverre Gezelle effectief betrokken was bij het schrijven of redigeren van de tekst. De taal voelt in elk geval wel Gezelliaans aan en er wordt gebruik gemaakt van de teksten die Gezelle schreef om inschrijvers te werven voor het gedenkteken.
[6] Het is onduidelijk om welke krant of tijdschrift het gaat. Mogelijk gaat het om de Brussels katholieke krant De Vlaming, maar ook andere periodieken droegen die naam of een variante ervan.

Register

Correspondenten - personen

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamVander Heyde, Louis
Datums° Alveringem, 08/04/1841 - ✝ Poperinge, 29/04/1913
GeslachtMannelijk
Beroeparts
BioLouis Vander Heyde (of Vanderheyde) werd op 8 april 1841 geboren te Alveringem als zoon van brouwer Petrus Carolus Ludovicus Vanderheyde en Amelia Rosalia Demolder. Hij studeerde aan het kleinseminarie te Roeselare van 1856 tot 1861 en was er lid van Gezelles Confraternity. In 1868 kwam Louis als geneesheer naar Poperinge. Op 3 april 1869 huwde hij in Oudenburg met Maria Labrique (1849-1926), met wie hij 8 kinderen kreeg, van wie er twee jong stierven. Van 1879 tot 1907 was hij voorzitter van het Davidsfonds. In die functie was hij samen met Guido Gezelle initiatiefnemer voor de oprichting van een gedenkteken in neogotische stijl voor Leonard Lodewijk De Bo (1826-1885) en voor de feestelijke inwijding ervan op 28 september 1887. Sinds 1880 was hij tevens voorzitter van de Katholieke Kring van Poperinge. Hij stierf op 29 april 1913 en werd begraven op de gemeentelijke begraafplaats van Poperinge in een familiegraf waar zijn echtgenote en drie van zijn kinderen (Clemence, Elvire en Achille, priester van het bisdom Brugge) hun laatste rustplaats vonden. De Poperinghenaar van 4 mei 1913 vermeldt de strijd voor ‘onzer miskende moedertaal’, de principiële houding ‘Katholiek in alles, boven alles,’ naast de inzet voor de ware belangen van het volk van deze geëerde dokter."
Relatie tot Gezelledokter; oud-leerling kleinseminarie Roeselare; lid van Gezelles confraternity; Davidsfonds Poperinge
Bronnen https://historischekranten.be/issue/DPO/1913-05-04/edition/null/page/2?query=heyde&period=1913&sort=issuedate%20ascending; https://nl.geneanet.org; https://bel-memorial.org/books/gezondheidszorg_in_de_onbezette_Westhoek.pdf; J. de Mûelenaere, Over Gezelles Confraternity. in: Gezelliana: 5 (1874) 1-4

Briefschrijver

NaamVander Heyde, Louis
Datums° Alveringem, 08/04/1841 - ✝ Poperinge, 29/04/1913
GeslachtMannelijk
Beroeparts
BioLouis Vander Heyde (of Vanderheyde) werd op 8 april 1841 geboren te Alveringem als zoon van brouwer Petrus Carolus Ludovicus Vanderheyde en Amelia Rosalia Demolder. Hij studeerde aan het kleinseminarie te Roeselare van 1856 tot 1861 en was er lid van Gezelles Confraternity. In 1868 kwam Louis als geneesheer naar Poperinge. Op 3 april 1869 huwde hij in Oudenburg met Maria Labrique (1849-1926), met wie hij 8 kinderen kreeg, van wie er twee jong stierven. Van 1879 tot 1907 was hij voorzitter van het Davidsfonds. In die functie was hij samen met Guido Gezelle initiatiefnemer voor de oprichting van een gedenkteken in neogotische stijl voor Leonard Lodewijk De Bo (1826-1885) en voor de feestelijke inwijding ervan op 28 september 1887. Sinds 1880 was hij tevens voorzitter van de Katholieke Kring van Poperinge. Hij stierf op 29 april 1913 en werd begraven op de gemeentelijke begraafplaats van Poperinge in een familiegraf waar zijn echtgenote en drie van zijn kinderen (Clemence, Elvire en Achille, priester van het bisdom Brugge) hun laatste rustplaats vonden. De Poperinghenaar van 4 mei 1913 vermeldt de strijd voor ‘onzer miskende moedertaal’, de principiële houding ‘Katholiek in alles, boven alles,’ naast de inzet voor de ware belangen van het volk van deze geëerde dokter."
Relatie tot Gezelledokter; oud-leerling kleinseminarie Roeselare; lid van Gezelles confraternity; Davidsfonds Poperinge
Bronnen https://historischekranten.be/issue/DPO/1913-05-04/edition/null/page/2?query=heyde&period=1913&sort=issuedate%20ascending; https://nl.geneanet.org; https://bel-memorial.org/books/gezondheidszorg_in_de_onbezette_Westhoek.pdf; J. de Mûelenaere, Over Gezelles Confraternity. in: Gezelliana: 5 (1874) 1-4

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamPoperinge
GemeentePoperinge

Naam - persoon

NaamDe Gheldere, Karel
Datums° Torhout, 18/08/1839 - ✝ Koekelare, 17/07/1913
GeslachtMannelijk
Beroeparts; dichter
BioKarel De Gheldere was een oud-leerling van Gezelle te Roeselare (poësis 1858-1859). Gezelle schreef een aantal gedichten voor hem waaronder 'Tranen' en ‘Zoo welkom als de bie’ (1859). Na zijn retorica (1859-augustus 1860) volgde De Gheldere een korte periode filosofie aan het kleinseminarie in het schooljaar 1860-1861 met het oog op het priesterschap. Hij verzaakte evenwel aan een priesterroeping en studeerde vanaf januari 1861 geneeskunde te Leuven, waar hij in 1865 met onderscheiding afstudeerde. Hij vestigde zich als arts in Koekelare. Hij was een levenslange vriend van Gezelle, die een aantal van zijn gedichten aan hem heeft opgedragen. Zelf publiceerde hij de dichtbundels Jongelingsgedichten (1861), Landliederen (1883) en Rozeliederen (1893). In de Landliederen komt een wisselgedicht met Gezelle op de nachtegaal voor. Hij was corresponderend (1889) en werkend lid (1892) van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; zanter (WDT); lid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde; gedichten
BronnenH. Verriest, Twintig Vlaamsche koppen. Leuven, 19234, p.30-49; R. Seys, De dichter van de rozen. Koekelare. 1958 R. Seys, Dr. Karel de Gheldere. Wat land- en rozeliederen. In: VWS-Cahiers: 2 (1967) 8.
NaamSiffer, Alfons
Datums° Zomergem, 21/03/1850 - ✝ Gent, 03/03/1941
GeslachtMannelijk
Beroepboekhandelaar; drukker; uitgever; politicus; volksvertegenwoordiger; auteur
BioAlfons Siffer deed zijn humaniorastudies aan het Bisschoppelijk College te Sint-Niklaas, en studeerde vervolgens rechten in Leuven. Deze studie moest hij om gezondheidsredenen stopzetten. In 1874 behaalde hij het diploma van kandidaat-notaris aan de universiteit van Gent. In 1875 was hij medestichter en eerste secretaris-penningmeester van het Gentse Davidsfonds en later bestuurslid van het nationale Davidsfonds (1878). In 1877 richtte hij samen met zijn vermogende schoonzus Sophie, de halfzus van zijn latere echtgenote, de NV Siffer-Leliaert op en werd hij boekhandelaar, drukker en uitgever in Gent op de hoek van het Sint-Baafsplein en de Lange Kruisstraat. Hij huwde met Marie Fierlefijn in 1879. Hij werd de vaste drukker van de Koninklijke Vlaamse Academie. Hij drukte ook heel wat tijdschriften waaronder ook Franstalige zoals Le magasin littéraire en Le Drapeau. In 1886 stichtte hij het tijdschrift Het Belfort, waarin hij zelf ook bijdragen publiceerde. Siffer was ook uitgever van heel wat katholieke auteurs zoals Karel de Gheldere, August Cuppens, Hugo Verriest, Alfons Moortgat, René De Clercq en Amaat Joos. Ook Gezelle liet werk bij hem drukken of uitgeven zoals de Duikalmanak (1888-1899). De eerste aflevering verscheen aanvankelijk bij Karel Beyaert-Storie, maar na een ruzie kwam Gezelle bij Siffer in Gent terecht. De druk gebeurde in de Sint-Augustinusdrukkerij. Vanaf 1895 was Siffer ook werkzaam in de politiek o.m. als volksvertegenwoordiger.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde; drukker/uitgever van werk van gezelle
Bronnen http://users.skynet.be/sb176943/AndriesVandenAbeele/druk_gezelle.htm
NaamVander Heyde, Louis
Datums° Alveringem, 08/04/1841 - ✝ Poperinge, 29/04/1913
GeslachtMannelijk
Beroeparts
BioLouis Vander Heyde (of Vanderheyde) werd op 8 april 1841 geboren te Alveringem als zoon van brouwer Petrus Carolus Ludovicus Vanderheyde en Amelia Rosalia Demolder. Hij studeerde aan het kleinseminarie te Roeselare van 1856 tot 1861 en was er lid van Gezelles Confraternity. In 1868 kwam Louis als geneesheer naar Poperinge. Op 3 april 1869 huwde hij in Oudenburg met Maria Labrique (1849-1926), met wie hij 8 kinderen kreeg, van wie er twee jong stierven. Van 1879 tot 1907 was hij voorzitter van het Davidsfonds. In die functie was hij samen met Guido Gezelle initiatiefnemer voor de oprichting van een gedenkteken in neogotische stijl voor Leonard Lodewijk De Bo (1826-1885) en voor de feestelijke inwijding ervan op 28 september 1887. Sinds 1880 was hij tevens voorzitter van de Katholieke Kring van Poperinge. Hij stierf op 29 april 1913 en werd begraven op de gemeentelijke begraafplaats van Poperinge in een familiegraf waar zijn echtgenote en drie van zijn kinderen (Clemence, Elvire en Achille, priester van het bisdom Brugge) hun laatste rustplaats vonden. De Poperinghenaar van 4 mei 1913 vermeldt de strijd voor ‘onzer miskende moedertaal’, de principiële houding ‘Katholiek in alles, boven alles,’ naast de inzet voor de ware belangen van het volk van deze geëerde dokter."
Relatie tot Gezelledokter; oud-leerling kleinseminarie Roeselare; lid van Gezelles confraternity; Davidsfonds Poperinge
Bronnen https://historischekranten.be/issue/DPO/1913-05-04/edition/null/page/2?query=heyde&period=1913&sort=issuedate%20ascending; https://nl.geneanet.org; https://bel-memorial.org/books/gezondheidszorg_in_de_onbezette_Westhoek.pdf; J. de Mûelenaere, Over Gezelles Confraternity. in: Gezelliana: 5 (1874) 1-4
NaamHuys, Ludovicus
Datums° Geluwe, 01/01/1830 - ✝ Poperinge, 06/04/1906
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; deken; leraar; onderpastoor; pastoor
BioLudovicus Huys werd geboren op 1 januari 1830 in Geluwe als zoon van Petrus, een koperslager, en Catharina Vanryckeghem. Hij werd op 17 december 1853 priester gewijd in Brugge en begon in 1854 als leraar aan het college van Poperinge. Vanaf 1859 was hij achtereenvolgens onderpastoor en pastoor in Poperinge (6 april 1859), Tielt (27 september 1873), Rollegem (27 september 1873) en Rumbeke (23 april 1879). Na het overlijden van L.L. De Bo in 1885 werd hij op 29 augustus 1885 deken van Poperinge, een functie die hij bekleedde tot 1901. Daarna werd hij bestuurder van de grauwe zusters in Wervik (5 november 1901). Hoewel hij geen direct contact had met Gezelle, was hij betrokken bij het praalgraf van L.L. De Bo. Ludovicus Huys overleed op 6 april 1906 in Poperinge.
Links[odis]

Naam - plaats

NaamBrugge
GemeenteBrugge

Naam - instituut/vereniging

NaamDavidsfonds Poperinge
BeschrijvingDe Davidsfondsafdeling van Poperinge werd gesticht op 11 april 1879 met een voorlopig bestuur, en op 8 juni 1879 feestelijk ingehuldigd met een lezing van Guido Gezelle. De officiële bestuursverkiezing werd enkele keren uitgesteld en vond uiteindelijk plaats op 27 juli 1879. Dokter Louis Vander Heyde, die Gezelle kende van het Kleinseminarie Roeselare, was er voorzitter. Op 11 december 1881 sprak Gezelle er een tweede keer over de herkomst van de persoonsnamen van de leden. Na de dood van deken L.L. De Bo, besliste men op 12 november 1885 om een gedenkteken op te richten. Gezelle zette zich in om fondsen te werven en om architect J.B. Bethune aan te spreken voor het ontwerp. Hij sprak ook bij de inhuldiging op 28 september 1887 en werkte mee aan de gelegenheidspublicatie.
Datering1879-heden

Titel - gedicht van Guido Gezelle

TitelEerweerdig hoofd, dat denken doet
PublicatieTijdkrans (Verzameld dichtwerk, deel III), p. 461

Titel - werk van Guido Gezelle

TitelRond den Heerd. Een leer-en leesblad voor alle lieden.
Links[gezelle.be]

Titel - ander werk

TitelDe Vlaming
Datum1883 - 1944?
PlaatsBrussel
UitgeverMyttenaers
TitelTer geheugenisse van het plechtig wijden van zaliger Deken De Bo's grafteeken tot Poperinghe op den 28 september 't jaer O.H. 1887
Datum1887
PlaatsGent
UitgeverLeliaert- Siffer

Titel23/10/1887, Poperinge, Louis Vander Heyde aan [Guido Gezelle]
EditeurKoen Calis; Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2025
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenKoen Calis; Universiteit Antwerpen, Vander Heyde Louis aan Gezelle Guido, Poperinge (Poperinge), 23/10/1887. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2025 Available from World Wide Web: link .
VerzenderVander Heyde, Louis
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum23/10/1887
VerzendingsplaatsPoperinge (Poperinge)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie ; plaats gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Fysieke bijzonderheden
Drager 1 dubbel vel, 177 mm x 112 mm
papier, wit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Staat volledig
Vormelijke bijzonderheden watermerk: Fleur-De-Lys Trade Mark Excelsior (kroon met letters)
Toevoegingen op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.); idem rechts onder de datum: 8ber (potlood)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief5911
Bibliotheekrecordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.11136
Inhoud
IncipitGy hebt my niet wel ver-
Tekstsoortbrief
TalenNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.